Vrijstellingen, Verhuur van onroerende goederen, Domaniale concessies · Administratieve beslissingen

Naar de tekst
Juriel

E.T.110.771 22 november 2006

Zoeken

Vrijstellingen, Verhuur van onroerende goederen, Domaniale concessiesVrijstellingen,Verhuur van onroerende goederen,Domaniale concessies,Domaniale haven- en luchthavenconcessies,Arrest Temco Europe

https://juriel.be/nl/administratieve-beslissingen/e-t-110-771-vrijstellingen-verhuur-onroerende-goederen-domaniale-d331

Nummer
E.T.110.771
Datum
22 november 2006

Over het document

Verzameling
Administratieve beslissingen
Taal van de tekst
Nederlands

Tekst

8 paragrafen

BESLISSING ET110771

Beslissing nr. E.T.110.771 dd. 22.11.2006

Vrijstellingen - Verhuur van onroerende goederen - Domaniale concessies - Domaniale haven- en luchthavenconcessies - Arrest Temco Europe

In de antwoorden die werden verstrekt op de vragen nr. 1008 van 24 november 2005 van de heer Volksvertegenwoordiger Joseph Arens en nr. 1259 van 2 mei 2006, van de heer Volksvertegenwoordiger Melchior Wathelet, heeft de heer Minister van Financiën het gewijzigde BTW-regime dat van toepassing is op domaniale concessies uiteengezet, rekening houdend met de verduidelijkingen, aangebracht door het Hof van Justitie van de Europese Gemeenschappen in haar arrest van 18 november 2004 (zaak C-284/03, Belgische Staat t. Temco Europe).

Deze antwoorden kunnen worden geraadpleegd op de fiscale databank www.fisconet.be, belasting over de toegevoegde waarde, parlementaire vragen.

Hieruit volgt hoofdzakelijk dat de domaniale concessies moeten worden beschouwd als onroerende verhuren vrijgesteld van de belasting krachtens artikel 44, § 3, 2°, van het BTW-Wetboek vanaf het ogenblik dat de voorwaarden, die door het Hof van Justitie van de Europese Gemeenschappen in diverse arresten worden vermeld, zijn vervuld.

Dit regime is van toepassing sinds 1 januari 2006. Voor redenen, uiteengezet in de voornoemde antwoorden, heeft de heer Minister van Financiën evenwel beslist dat geen enkele herziening van de aftrek met betrekking tot de investeringen die voorafgaan aan 1 januari 2006 moet worden verricht.

Gelet evenwel op de bijzondere omstandigheden waarin de domaniale haven- en luchthavenconcessies plaatsvinden en zijn gereglementeerd en het feit dat aan het Hof van Justitie van de Europese Gemeenschappen een prejudiciële vraag werd gesteld in verband met deze problematiek (zaak C-174/06), heeft de heer Minister beslist dat het BTW-regime ten aanzien van die haven- en luchthavenconcessies in afwachting van het arrest van het genoemd Hof niet wordt gewijzigd.

Aangehaalde teksten

3