Koninklijk besluit nr. 4, artikel 9 · Koninklijke besluiten

Naar de tekst
Juriel

AR 4 01.01.2015 - 30.06.2021 § 3, werd vervangen KB 05.07.2015, B.S. 10.07.2015

Zoeken
Niet meer van kracht

Koninklijk besluit nr. 4, artikel 9Deze versie is vervangen. De geldende tekst staat op de pagina van het artikel.

https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/koninklijke-besluiten/ar-4-artikel-a533/versie-2015-01-01

Artikel
AR 4
Periode
01.01.2015 - 30.06.2021
Wijziging
§ 3, werd vervangen
Bron
KB 05.07.2015, B.S. 10.07.2015

Wat op die datum veranderde

2 gewijzigde passages op 6 47 ingevoegde woorden 51 geschrapte woorden

Vergeleken met de versie van 01.01.2010

Wat de FOD erover zegt : De tekst van KB nr. 4, artikel. 9, § 3, werd vervangen met ingang van 01.01.2015 (Art. 5, KB 05.07.2015, B.S. 10.07.2015, pg. 45614

Naar de tekst van deze versie

Tekst

4 paragrafen 0 punten van kracht van 01.01.2015 tot 30.06.2021

§ 1

lid 1Wanneer de rechthebbende op teruggaaf een andere in België gevestigde persoon is dan een belastingplichtige of een niet-belastingplichtige rechtspersoon die, naargelang van het geval, gehouden is de aangifte als bedoeld in artikel 53, § 1, eerste lid, 2°, of artikel 53ter, 1°, van het Wetboek in te dienen, moet hij een aanvraag tot teruggaaf indienen, ofwel bij het hoofd van het controlekantoor van de belasting over de toegevoegde waarde waaronder hij ressorteert, indien hij een belastingplichtige of een niet- belastingplichtige rechtspersoon is, ofwel bij het hoofd van het controlekantoor van de belasting over de toegevoegde waarde in het ambtsgebied waarvan hij zijn woonplaats of zijn maatschappelijke zetel heeft, indien hij enig ander persoon is. De aanvraag moet bij die ambtenaar toekomen, in twee exemplaren, vóór het verstrijken van het derde kalenderjaar volgend op dat waarin de oorzaak van de teruggaaf zich heeft voorgedaan.

lid 2De teruggaaf is afhankelijk van het bewijs van de betaling van de belasting.

§ 2

Wanneer de rechthebbende op teruggaaf een buiten de Gemeenschap gevestigde belastingplichtige is die in België niet voor BTW-doeleinden is geïdentificeerd of een niet-belastingplichtige rechtspersoon die niet in België is gevestigd en er geen belastbare handelingen verricht andere dan de intracommunautaire verwerving van nieuwe vervoermiddelen als bedoeld in artikel 8bis, § 2, van het Wetboek, moet hij een aanvraag tot teruggaaf indienen bij het hoofd van het Centraal BTW-kantoor voor buitenlandse belastingplichtigen. De aanvraag moet bij die ambtenaar toekomen, in drie exemplaren, uiterlijk op 30 september van het kalenderjaar volgend op het tijdvak waarop het teruggaafverzoek betrekking heeft. Op de aanvraag tot teruggaaf wordt niet ingegaan indien zij betrekking heeft op een bedrag van minder dan 25 euro.

§ 3

lid 1geschrapte tekst: Wanneer einde van de schrapping. ingevoegde tekst: Om teruggaaf van de belasting te verkrijgen moet de niet op einde van de invoeging. het geschrapte tekst: gaat om een dienstverrichter einde van de schrapping. ingevoegde tekst: grondgebied van de Gemeenschap gevestigde belastingplichtige einde van de invoeging. die geschrapte tekst: zich voor de toepassing einde van de schrapping. ingevoegde tekst: gebruik maakt einde van de invoeging. van de in artikel geschrapte tekst: 58bis einde van de schrapping. ingevoegde tekst: 58ter einde van de invoeging. van het Wetboek bedoelde bijzondere geschrapte tekst: regeling in België of in een andere lidstaat heeft geïdentificeerd, moet de rechthebbende op teruggaaf einde van de schrapping. ingevoegde tekst: regeling, einde van de invoeging. een aanvraag tot teruggaaf indienen bij het hoofd van het Centraal geschrapte tekst: BTW-kantoor einde van de schrapping. ingevoegde tekst: btw-kantoor einde van de invoeging. voor buitenlandse belastingplichtigen. geschrapte tekst: De aanvraag moet, in drievoud, bij deze ambtenaar toekomen uiterlijk op 30 september van het kalenderjaar volgend op het tijdvak waarop het teruggaafverzoek betrekking heeft. einde van de schrapping.

lid 2ingevoegde tekst: De aanvraag moet, in drievoud, bij deze ambtenaar toekomen uiterlijk op 30 september van het kalenderjaar volgend op het tijdvak waarop het teruggaafverzoek betrekking heeft. einde van de invoeging.

toegevoegd

§ 4

De vorm van de aanvragen tot teruggaaf, de over te leggen stukken en de modaliteiten van de teruggaven, worden door of vanwege de Minister van Financiën bepaald.

Opeenvolgende versies

8 versies eerste op 01.01.1993
Van krachtWijzigingBron
01.07.2022van kracht§ 2, werd vervangen en § 3, hersteldKB 10.04.2022, B.S. 19.04.2022
01.07.2021§ 2, werd vervangen en § 3, opgehevenKB 29.06.2021, B.S. 01.07.2021
01.01.2015getoond§ 3, werd vervangenKB 05.07.2015, B.S. 10.07.2015
01.01.2010de §§ 2 en 3, werden gewijzigdKB 09.12.2009, B.S. 17.12.2009 en Art. 1, KB 22.03.2010, B.S. 30.03.2010
01.01.2004§ 1, werd gewijzigdKB 20.02.2004, B.S. 27.02.2004
01.07.2003§ 1, eerste lid en § 2, werden gewijzigd en § 4 ingevoegdKB 16.06.2003, B.S. 27.06.2003 en Art. 4, KB 15.07.2003, B.S. 08.08.2003
01.01.2002de bedragen werden uitgedrukt in euro14, KB 20.07.2000 en Art.37, 6°, KB 13.07.2001
01.01.1993het artikel werd gewijzigdA en B, KB 29.12.1992 en Art.10, C, KB 14.04.1993