Koninklijk besluit nr. 1, artikel 14 · Koninklijke besluiten

Naar de tekst
Juriel

AR 1 01.02.2007 - 31.03.2007 § 2, 2° en 3°, werden gewijzigd a

Zoeken
Niet meer van kracht

Koninklijk besluit nr. 1, artikel 14Deze versie is vervangen. De geldende tekst staat op de pagina van het artikel.

https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/koninklijke-besluiten/ar-1-artikel-14-c210/versie-2007-02-01

Artikel
AR 1
Periode
01.02.2007 - 31.03.2007
Wijziging
§ 2, 2° en 3°, werden gewijzigd
Bron
a

Wat op die datum veranderde

4 gewijzigde passages op 18 207 ingevoegde woorden 110 geschrapte woorden

Vergeleken met de versie van 01.01.2004

De FOD dateert deze versie op 01.02.2007 in zijn lijst, en op 07.02.2007 in de tekst die hij eraan koppelt. De getoonde tekst is die van de lijst.

Wat de FOD erover zegt : De tekst van KB nr. 1, artikel 14, § 2, 2° en 3°, werd gewijzigd met ingang van 07.02.2007 (Art. 1, a) en b), KB 31.01.2007, B.S. 07.02.2007

Naar de tekst van deze versie

Tekst

6 paragrafen 3 punten van kracht van 01.02.2007 tot 31.03.2007

§ 1

De belastingplichtigen moeten een aan de omvang van hun activiteiten aangepaste boekhouding voeren om de belasting over de toegevoegde waarde te kunnen toepassen en controleren.

§ 2

De boekhouding van de belastingplichtigen, behalve van degenen die uitsluitend handelingen verrichten bedoeld in artikel 8bis van het Wetboek, bevat inzonderheid de volgende boeken :

1°

een boek voor inkomende facturen waarin zij aangaande de volgende verrichtingen de facturen en de stukken inschrijven met betrekking tot hun economische activiteit :

de leveringen van goederen en de diensten ;

de invoeren;

de intracommunautaire verwervingen van goederen;

de handelingen bedoeld in de artikelen 12, § 1, 3° en 4°, 19, § 2, 1°, en § 3, en 25quater van het Wetboek;

de te hunnen behoeve verrichte overdrachten bedoeld in artikel 11 van het Wetboek en de handelingen bedoeld in artikel 18, § 3, van het Wetboek;

de handelingen bedoeld in artikel 10;

2°

een boek voor uitgaande facturen waarin zij de ingevoegde tekst: facturen en de stukken bedoeld einde van de invoeging. in de artikelen 2, 3, 6 en 11 geschrapte tekst: bedoelde facturen en stukken einde van de schrapping. inschrijven, evenals de ermee verband houdende verbeterende stukken;

gewijzigd
3°

een dagboek per bedrijfszetel waarin zij de ontvangsten inschrijven met betrekking tot de handelingen waarvoor zij niet verplicht zijn een factuur uit te reiken en waarvoor zij geen factuur hebben uitgereikt.

lid 2

geschrapte tekst: Het dagboek van ontvangsten met betrekking tot de in de bedrijfszetel verrichte handelingen alsook de verantwoordingsstukken bedoeld in artikel 15, § 2, die erop betrekking hebben met inbegrip van, in voorkomend geval, de in artikel 22 bedoelde dubbels van de rekeningen of van de ontvangstbewijzen, dienen zich op die bedrijfszetel te bevinden tot het verstrijken van de derde maand volgend op die waarin het genoemd dagboek werd afgesloten. einde van de schrapping. ingevoegde tekst: Dit dagboek kan op papier worden gehouden in overeenstemming met de bepalingen van artikel 15, § 1, tweede en derde lid, of op elektronische wijze overeenkomstig de modaliteiten bepaald door of vanwege de Minister van Financiën. einde van de invoeging.

vervangen
lid 3

geschrapte tekst: De belastingplichtigen die over meerdere bedrijfszetels beschikken moeten bovendien een centralisatiedagboek bijhouden waarin zij op het einde van elke aangifteperiode, per tarief, het totaalbedrag van de ontvangsten inschrijven van dat tijdvak, ingeschreven in de verschillende dagboeken van ontvangsten. einde van de schrapping. ingevoegde tekst: Het dagboek van ontvangsten met betrekking tot de in de bedrijfszetel verrichte handelingen alsook de verantwoordingsstukken bedoeld in artikel 15, § 2, die erop betrekking hebben met inbegrip van, in voorkomend geval, de in artikel 22 bedoelde dubbels van de rekeningen of van de ontvangstbewijzen, dienen zich op die bedrijfszetel te bevinden tot het verstrijken van de derde maand volgend op die waarin het genoemd dagboek werd afgesloten. Indien het dagboek van ontvangsten op elektronische wijze wordt gehouden, dient het binnen voornoemde periode elektronisch toegankelijk te zijn op de bedrijfszetel. einde van de invoeging.

vervangen
lid 4

ingevoegde tekst: De belastingplichtigen die over meerdere bedrijfszetels beschikken moeten bovendien een centralisatiedagboek bijhouden waarin zij op het einde van elke aangifteperiode, per tarief, het totaalbedrag van de ontvangsten inschrijven van dat tijdvak, ingeschreven in de verschillende dagboeken van ontvangsten. Dit centralisatiedagboek kan op papier worden gehouden in overeenstemming met de bepalingen van artikel 15, § 1, tweede en derde lid, of door middel van geïnformatiseerde systemen overeenkomstig de modaliteiten bepaald door of vanwege de Minister van Financiën. einde van de invoeging.

toegevoegd

§ 3

In afwijking van § 2, 3°, zijn de belastingplichtigen die genieten van de bijzondere regeling ingesteld door artikel 56, § 1, van het Wetboek ervan ontheven het bedoelde dagboek te houden.

§ 4

De in artikel 56, § 2, van het Wetboek bedoelde kleine ondernemingen zijn ervan ontheven de boeken bedoeld in § 2, 1° en 2°, te houden, wanneer zij de facturen en de stukken of, in voorkomend geval, de dubbels van de door deze bepalingen beoogde facturen en stukken, bewaren volgens een ononderbroken reeks volgnummers welke zij eraan toekennen bij hun ontvangst, hun uitreiking of het opmaken ervan, en wanneer zij het boek houden dat bedoeld is in § 5.

§ 5

In afwijking van § 2 moeten de belastingplichtigen die handelingen verrichten vrijgesteld van de belasting overeenkomstig artikel 44, §§ 1, 2, 3, 1° tot 3° en 11° tot 13°, en de belastingplichtigen die genieten van de in artikel 57 van het Wetboek beoogde landbouwregeling, een boek houden waarin zij de facturen en de stukken met betrekking tot hun activiteit inschrijven die de handelingen vaststellen waarvoor zij overeenkomstig artikel 51, § 1, 2°, en § 2, 1° en 2° van het Wetboek de belasting verschuldigd zijn, alsook de facturen en de stukken bedoeld in artikel 5, § 2, van het koninklijk besluit nr. 31 met betrekking tot de toepassingsmodaliteiten van de belasting over de toegevoegde waarde ten aanzien van de handelingen verricht door in het buitenland gevestigde belastingplichtigen.

§ 6

De niet-belastingplichtige rechtspersonen moeten het boek bedoeld in § 5 houden.

Opeenvolgende versies

13 versies eerste op 01.01.1993
Van krachtWijzigingBron
10.01.2026van krachtKB 17.12.2025, B.S. 31.12.2025
01.01.2025§ 4, werd vervangenKB 15.12.2024, B.S. 24.12.2024
01.01.2023§ 2, 3°, werd gewijzigd en in dit 3°, werden tussen het tweede en het derde lid, vier leden ingevoegd en het derde lid, dat het zevende lid werd, werd vervangenKB 13.12.2022, B.S. 20.12.2022
07.01.2016§ 2, eerste lid, 1°, vierde streepje, werd gewijzigdKB 18.12.2015, B.S. 28.12.2015
01.04.2014de §§ 3 en 4, werden vervangenKB 27.11.2014, B.S. 08.12.2014
01.01.2013enkel de Franse tekst werd gewijzigd
01.01.2010§§ 2 en 5, werden gewijzigdKB 09.12.2009, B.S. 17.12.2009
01.04.2007§ 1, werd gewijzigdKB 17.05.2007, B.S. 31.05.2007
01.02.2007getoond§ 2, 2° en 3°, werden gewijzigda
01.01.2004§ 2, eerste lid, 2° en 3°, werden gewijzigdKB 16.02.2004
01.04.2002het artikel werd gewijzigdKB 06.02.2002
01.01.1996het artikel werd gewijzigdKB 25.02.1996
01.01.1993het artikel werd ingevoerdKB 29.12.1992