Wat op die datum veranderde
1 gewijzigde passage op 6 8 ingevoegde woorden 6 geschrapte woordenVergeleken met de versie van 01.01.2010
Wat de FOD erover zegt : De tekst van art. 76, § 1, vierde lid, werd gewijzigd met ingang van 16.05.2014 (Art. 47, W 25.04.2014, B.S. 16.05.2014, pg. 39621
§ 1
lid 1Onverminderd de toepassing van artikel 334 van de programmawet van 27 december 2004, wordt wanneer het bedrag van de belasting die ingevolge de artikelen 45 tot 48 voor aftrek in aanmerking komt, aan het einde van het kalenderjaar meer bedraagt dan de belasting die verschuldigd is door de belastingplichtige die overeenkomstig artikel 50 voor BTW-doeleinden is geïdentificeerd en gehouden is tot het indienen van de aangifte bedoeld in artikel 53, § 1, eerste lid, 2°, onder de voorwaarden bepaald door de Koning, het verschil teruggegeven binnen drie maanden op uitdrukkelijk verzoek van de belastingplichtige of van zijn aansprakelijke vertegenwoordiger bedoeld in artikel 55, §§ 1 of 2.
lid 2Indien het een belastingplichtige betreft die wordt vertegenwoordigd door een persoon die overeenkomstig artikel 55, § 3, tweede lid, vooraf werd erkend, moet het in het eerste lid bedoeld verzoek worden ingediend door voornoemde vooraf erkende persoon.
lid 3De Koning kan bepalen dat het overschot, in de door Hem te bepalen gevallen en onder de door Hem te stellen voorwaarden, vóór het einde van het kalenderjaar wordt teruggegeven.
lid 4Met betrekking tot de in deze paragraaf bedoelde voorwaarden kan de Koning ten voordele van de geschrapte tekst: Administratie van einde van de schrapping. ingevoegde tekst: administratie belast met einde van de invoeging. de geschrapte tekst: BTW, registratie en domeinen, einde van de schrapping. ingevoegde tekst: belasting over de toegevoegde waarde, einde van de invoeging. een inhouding voorzien die geldt als bewarend beslag onder derden in de zin van artikel 1445 van het Gerechtelijk Wetboek.
§ 2
lid 1De niet in § 1 bedoelde belastingplichtige kan, bij wijze van teruggaaf, de belasting recupereren die geheven werd van de aan hem geleverde goederen en verstrekte diensten, en van de door hem ingevoerde goederen en verrichte intracommunautaire verwervingen van goederen, in de mate waarin die belasting voor aftrek in aanmerking komt overeenkomstig de artikelen 45 tot 48.
lid 2De Koning regelt de toepassingsmodaliteiten van deze paragraaf wanneer de teruggaaf moet plaatsvinden overeenkomstig de bepalingen inzake teruggaaf van de Richtlijn 2008/9/EG.
Aangehaalde referentie
Sneltoetsen
Niet actief tijdens het typen in een veld.
- Zoeken in de tekst
- /Ctrl/⌘ F
- Volgende / vorige treffer
- EnterShift Enter
- Volgende / vorige sectie
- JK
- Leesmodus
- L
- Een paneel sluiten
- Esc
De leesmodus verbergt de inhoudsopgave en de kerncijfers, vergroot de tekst en centreert de kolom.
Opeenvolgende versies
8 versies eerste op 01.01.1993| Van kracht | Wijziging | Bron |
|---|---|---|
| 20.02.2026van kracht | W. 10.02.2026, B.S. 20.02.2026 | |
| 01.02.2025 | § 1, werd vervangen | W 12.03.2023, B.S. 23.03.2023 |
| 01.01.2025 | § 1, derde lid, wordt vervangen en § 2, derde lid, 3°, wordt ingevoegd | W 22.12.2023, B.S. 29.12.2023 |
| 10.01.2022 | § 1, vierde lid werd vervangen; § 2 werd vervangen en § 3 werd ingevoegd | W 27.12.2021, B.S. 31.12.2021 |
| 16.05.2014getoond | § 1, vierde lid, werd gewijzigd | W 25.04.2014, B.S. 16.05.2014 |
| 01.01.2010 | § 1 en § 2, tweede lid, werd gewijzigd | W 26.11.2009, B.S. 04.12.2009 |
| 01.01.2005 | § 1, eerste lid, werd gewijzigd | W 27.12.2004, B.S. 31.12.2004 |
| 01.01.1993 | het artikel werd gewijzigd | W 28.12.1992 |