Wat op die datum veranderde
4 gewijzigde passages op 5 168 ingevoegde woorden 57 geschrapte woordenVergeleken met de versie van 01.01.1993
Wat de FOD erover zegt : De tekst van art. 46, § 2, werd vervangen (Art. 6, W 27.12.2021, B.S. 31.12.2021 - Ed. 2, pg. 127779, Numac: 2021034489) met ingang van 01.01.2023 (Art. 7, W 27.12.2021
§ 1
Wanneer de belastingplichtige in de uitoefening van zijn economische activiteit ook andere handelingen verricht dan handelingen waarvoor op grond van artikel 45 aanspraak op aftrek bestaat, wordt de belasting ter zake van de voor die activiteit gebruikte goederen en diensten in aftrek gebracht naar verhouding van de breuk gevormd door het bedrag van de laatstbedoelde handelingen en het totale bedrag van de door de betrokkene verrichte handelingen.
§ 2
lid 1In afwijking van geschrapte tekst: § 1 einde van de schrapping. ingevoegde tekst: paragraaf 1, einde van de invoeging. kan geschrapte tekst: door of vanwege de Minister van Financiën aan einde van de schrapping. de belastingplichtige, op geschrapte tekst: zijn verzoek, vergunning worden verleend om einde van de schrapping. ingevoegde tekst: grond van een voorafgaandelijke kennisgeving aan de administratie belast met de belasting op de toegevoegde waarde, einde van de invoeging. het recht op aftrek geschrapte tekst: uit te oefenen einde van de schrapping. ingevoegde tekst: uitoefenen einde van de invoeging. met inachtneming van het werkelijk gebruik van de goederen en diensten of van een deel daarvan. geschrapte tekst: De belastingplichtige kan door of vanwege de Minister van Financiën worden verplicht op die wijze te handelen, wanneer de aftrek naar verhouding van de in § 1 genoemde breuk leidt tot ongelijkheid in de heffing van de belasting. einde van de schrapping.
lid 2ingevoegde tekst: De belastingplichtige kan worden verplicht om het recht op aftrek uit te oefenen met inachtneming van het werkelijk gebruik van de goederen en diensten of van een deel daarvan wanneer de aftrek naar verhouding van de in paragraaf 1 bedoelde breuk leidt tot ongelijkheid in de heffing van de belasting. einde van de invoeging.
lid 3ingevoegde tekst: De belastingplichtige die, op 31 december 2022, het recht op aftrek uitoefent met inachtneming van het werkelijk gebruik van de goederen en diensten of van een deel daarvan, doet de in het eerste lid bedoelde kennisgeving vóór 30 juni 2023. einde van de invoeging.
lid 4ingevoegde tekst: De Koning bepaalt de toepassingsmodaliteiten van deze paragraaf, wat de vorm van de voorafgaandelijke kennisgeving en de in het derde lid bedoelde kennisgeving betreft, de termijn waarin de voorafgaandelijke kennisgeving gebeurt en de procedure volgens dewelke de belastingplichtige kan worden verplicht om het recht op aftrek uit te oefenen met inachtneming van het werkelijk gebruik overeenkomstig het tweede lid. einde van de invoeging.
Aangehaalde referentie
Sneltoetsen
Niet actief tijdens het typen in een veld.
- Zoeken in de tekst
- /Ctrl/⌘ F
- Volgende / vorige treffer
- EnterShift Enter
- Volgende / vorige sectie
- JK
- Leesmodus
- L
- Een paneel sluiten
- Esc
De leesmodus verbergt de inhoudsopgave en de kerncijfers, vergroot de tekst en centreert de kolom.
Opeenvolgende versies
4 versies eerste op 01.01.1971| Van kracht | Wijziging | Bron |
|---|---|---|
| 11.12.2023van kracht | het artikel werd vervangen | W 23.11.2023, B.S. 01.12.2023 |
| 01.01.2023getoond | § 2, werd vervangen | W 27.12.2021, B.S. 31.12.2021 |
| 01.01.1993 | het artikel werd gewijzigd | W 28.12.1992 |
| 01.01.1971 | het artikel werd ingevoegd | W 03.07.1969 |