lid 1Voor leveringen van goederen en diensten wordt de belasting berekend over alles wat de leverancier van het goed of de dienstverrichter als tegenprestatie verkrijgt of moet verkrijgen van degene aan wie het goed wordt geleverd of de dienst wordt verstrekt, of van een derde, met inbegrip van de subsidies die rechtstreeks met de prijs van die handelingen verband houden.
lid 2Tot de maatstaf van heffing behoren onder meer de sommen die de leverancier of de dienstverrichter aan degene aan wie het goed wordt geleverd of de dienst wordt verstrekt in rekening brengt als kosten van verzekering en vervoer, ongeacht of zulks al dan niet bij een afzonderlijk debetdocument wordt gedaan of ingevolge een afzonderlijke overeenkomst.
Aangehaalde referentie
Sneltoetsen
Niet actief tijdens het typen in een veld.
- Zoeken in de tekst
- /Ctrl/⌘ F
- Volgende / vorige treffer
- EnterShift Enter
- Volgende / vorige sectie
- JK
- Leesmodus
- L
- Een paneel sluiten
- Esc
De leesmodus verbergt de inhoudsopgave en de kerncijfers, vergroot de tekst en centreert de kolom.
Opeenvolgende versies
3 versies eerste op 01.01.1978| Van kracht | Wijziging | Bron |
|---|---|---|
| 01.01.2019van kracht | het artikel werd vervangen | W 11.02.2019, B.S. 22.02.2019 |
| 01.01.1993 | het artikel werd vervangen | W 28.12.1992, B.S. 31.12.1992 |
| 01.01.1978getoond | het artikel werd gewijzigd | W 27.12.1977 |