1. Het op belastbare handelingen toe te passen tarief is het tarief dat van kracht is op het tijdstip waarop het belastbare feit plaatsvindt. Doch:
a) in de gevallen, bedoeld in artikel 10, lid 2, tweede en derde alinea, is het toe te passen tarief het tarief dat van kracht is wanneer de belasting verschuldigd wordt;
b) in de gevallen, bedoeld in artikel 10, lid 3, tweede en derde alinea, is het toe te passen tarief het tarief dat van kracht is wanneer de belasting verschuldigd wordt.
2. Bij tariefwijzigingen kunnen de Lid-Staten:
— een herziening verrichten in de in lid 1, sub a), genoemde gevallen ten einde rekening te houden met het tarief geldend op het tijdstip van de goederenlevering of van de dienstverrichting;
— elke passende overgangsmaatregel treffen.
3. a) Het normale tarief van de belasting over de toegevoegde waarde wordt door elke lidstaat vastgesteld op een percentage van de maatstaf van heffing, dat voor leveringen van goederen en voor diensten gelijk is. Vanaf 1 januari 2006 tot en met 31 december 2010 mag het normale tarief niet lager zijn dan 15 %.
De Raad besluit overeenkomstig artikel 93 van het Verdrag over de hoogte van het na 31 december 2010 geldende normale tarief.
De lidstaten kunnen bovendien een of twee verlaagde tarieven toepassen. Deze tarieven worden vastgesteld op een percentage van de maatstaf van heffing dat niet lager mag zijn dan 5 % en zijn uitsluitend van toepassing op de in bijlage H genoemde categorieën goederen en diensten.
De derde alinea is niet van toepassing op de diensten als bedoeld in het laatste streepje van artikel 9, lid 2, onder e).
b) De lidstaten kunnen voor de levering van aardgas, elektriciteit en stadsverwarming een verlaagd tarief toepassen, mits er geen gevaar voor verstoring van de mededinging bestaat. Een lidstaat die voornemens is een dergelijk tarief toe te passen, stelt de Commissie daarvan vooraf in kennis. De Commissie besluit of er gevaar voor verstoring van de mededinging bestaat. Indien de Commissie binnen drie maanden na ontvangst van de kennisgeving geen besluit heeft genomen, wordt er geacht geen gevaar voor verstoring van de mededinging te bestaan.
c) de Lid-Staten kunnen bepalen dat het verlaagde tarief dat (of een van de verlaagde tarieven die) zij toepassen overeenkomstig de bepalingen onder a), derde alinea, eveneens van toepassing is op de invoer van de in artikel 26 bis, onderdeel A, onder a), b) en c), bedoelde kunstvoorwerpen, voorwerpen voor verzamelingen en antiquiteiten.
Indien zij van deze mogelijkheid gebruik maken, kunnen de Lid-Staten dit verlaagde tarief eveneens toepassen op leveringen van kunstvoorwerpen, in de zin van artikel 26 bis, onderdeel A, onder a):
— die door de maker of diens rechthebbenden worden verricht;
— die incidenteel worden verricht door een andere belastingplichtige dan een belastingplichtige wederverkoper wanneer deze kunstvoorwerpen door deze belastingplichtige zelf zijn ingevoerd of hem zijn geleverd door de maker of diens rechthebbenden of te zijnen gunste het recht op volledige aftrek van de belasting over de toegevoegde waarde hebben doen ontstaan.
4. Een lager tarief wordt zodanig vastgesteld, dat het bij toepassing van dit tarief verkregen bedrag van de belasting over de toegevoegde waarde het normaliter mogelijk maakt de overeenkomstig artikel 17 aftrekbare belasting over de toegevoegde waarde volledig af te trekken.
Aan de hand van een verslag van de Commissie onderwerpt de Raad, voor de eerste maal in 1994 en vervolgens om de twee jaar, de werkingssfeer van de verlaagde tarieven aan een onderzoek. De Raad kan op voorstel van de Commissie met eenparigheid van stemmen besluiten wijzigingen aan te brengen inde lijst van goederen en diensten in bijlage H.
De Commissie legt uiterlijk op 30 juni 2007 aan het Europees Parlement en aan de Raad een algemeen evaluatieverslag voor over het effect van de verlaagde tarieven op lokale diensten, inclusief restauratie, waarin met name aandacht wordt geschonken aan het scheppen van werkgelegenheid, de economische groei en de goede werking van de interne markt, en dat gebaseerd is op een studie van een onafhankelijke economische-reflectiegroep.
5. Onverminderd lid 3, onder c), is het bij invoer van een goed toe te passen tarief het tarief dat op de levering van een zelfde goed in het binnenland wordt toegepast.
6. De Portugese Republiek kan op transacties in de autonome gebieden van de Azoren en Madeira en op rechtstreekse invoer in deze gebieden lagere tarieven toepassen dan die welke op het vasteland gelden.
Aangehaalde referentie
Sneltoetsen
Niet actief tijdens het typen in een veld.
- Zoeken in de tekst
- /Ctrl/⌘ F
- Volgende / vorige treffer
- EnterShift Enter
- Volgende / vorige sectie
- JK
- Leesmodus
- L
- Een paneel sluiten
- Esc
De leesmodus verbergt de inhoudsopgave en de kerncijfers, vergroot de tekst en centreert de kolom.
Geconsolideerde tekst gepubliceerd door het Publicatiebureau van de Europese Unie, per artikel opgesplitst en opnieuw opgemaakt · Licentie CC BY 4.0
Rechtspraak
54België
4Hof van CassatieF.12.0203.N20.03.2014
Verlenen van het recht op toegang tot evenementen voor cultuur en vermaak
Hof van CassatieC.04.0071.N14.02.2008
Tarieven, Bevoegdheid van de Belgische wetgever, tarief
Hof van beroep te Gent22.06.2010
Vervolging, geding, rechten en voorrechten schatkist
Europese Unie
50Hof van JustitieC-454/1227.02.2014
Neutraliteitsbeginsel
Hof van JustitieC-462/0512.06.2008
Ontvankelijkheid, gewijsde
Hof van JustitieC-305/0309.02.2006