1. De BTW-aangifte moet worden ingediend binnen een door de lidstaten vast te stellen termijn. Deze termijn mag niet langer zijn dan twee maanden na het verstrijken van ieder belastingtijdvak.
2. Het belastingtijdvak wordt door de lidstaten vastgesteld op een, twee of drie maanden.
De lidstaten kunnen evenwel andere belastingtijdvakken bepalen, die echter niet langer dan een jaar mogen zijn.
Aangehaalde referentie
Sneltoetsen
Niet actief tijdens het typen in een veld.
- Zoeken in de tekst
- /Ctrl/⌘ F
- Volgende / vorige treffer
- EnterShift Enter
- Volgende / vorige sectie
- JK
- Leesmodus
- L
- Een paneel sluiten
- Esc
De leesmodus verbergt de inhoudsopgave en de kerncijfers, vergroot de tekst en centreert de kolom.
Geconsolideerde tekst gepubliceerd door het Publicatiebureau van de Europese Unie, per artikel opgesplitst en opnieuw opgemaakt · Licentie CC BY 4.0
Rechtspraak
17België
1Rechtbank van eerste aanleg te Hasselt27.01.2011
Voldoening van de belasting, strafbepaling, administratieve geldboete, vervolging, geding
Europese Unie
16Hof van JustitieC-332/1528.07.2016
Recht op btw-aftrek, materiële vereisten
Hof van JustitieC-499/1326.03.2015
Evenredigheidsbeginsel en beginsel van fiscale neutraliteit
Hof van JustitieC-680/2305.12.2024