1. De lidstaten kunnen vrijstelling verlenen voor de volgende handelingen:
a) goederenleveringen en diensten verricht op de in artikel 156, lid 1, genoemde plaatsen met handhaving op hun grondgebied van een van de in dat lid genoemde situaties;
b) goederenleveringen en diensten verricht op de in artikel 157, lid 1, onder b), en artikel 158 genoemde plaatsen met handhaving op hun grondgebied van een van de in artikel 157, lid 1, onder b), of in artikel 158, lid 1, genoemde situaties.
2. De lidstaten die voor handelingen die in een douane-entrepot worden verricht, gebruikmaken van de in lid 1, punt a), bepaalde mogelijkheid, nemen de nodige maatregelen om te voorzien in andere stelsels van entrepots dan dat van douane-entrepots die de toepassing van lid 1, punt b), mogelijk maken op dezelfde handelingen met betrekking tot in bijlage V opgenomen goederen, welke in die andere entrepots dan douane-entrepots worden verricht.
Aangehaalde referentie
Sneltoetsen
Niet actief tijdens het typen in een veld.
- Zoeken in de tekst
- /Ctrl/⌘ F
- Volgende / vorige treffer
- EnterShift Enter
- Volgende / vorige sectie
- JK
- Leesmodus
- L
- Een paneel sluiten
- Esc
De leesmodus verbergt de inhoudsopgave en de kerncijfers, vergroot de tekst en centreert de kolom.
Geconsolideerde tekst gepubliceerd door het Publicatiebureau van de Europese Unie, per artikel opgesplitst en opnieuw opgemaakt · Licentie CC BY 4.0
Rechtspraak
2België
1Rechtbank van eerste aanleg te Brussel28.06.2017
Btw-teruggaaf, btw-vrijstelling voor invoer gevolgd door een intracommunautaire levering
Europese Unie
1Hof van JustitieC-346/1917.12.2020