Tarief · Voorafgaande beslissingen

Naar de tekst
Juriel

2025.0105 25 maart 2025

Zoeken

TariefBtw - Tarief - Werk in onroerende staat (renovatie- en omvormingswerken) met betrekking tot een privé-woning - Artikelen 37 en 38 W.BTW - Rubriek XXXI van tabel A van de bijlage bij KB nr. 20

https://juriel.be/nl/rulings/2025-0105-tarief-werk-in-onroerende-staat-3871

Nummer
2025.0105
Datum
25 maart 2025

Over het document

Verzameling
Voorafgaande beslissingen
Taal van de tekst
Nederlands

Tekst

74 paragrafen

Fiche van de FOD Financiën

Voorafgaande beslissing nr. 2025.0105 d.d. 25.03.2025

Btw · Tarief · Werk in onroerende staat (renovatie- en omvormingswerken) met betrekking tot een privé-woning · Artikelen 37 en 38 W.BTW · Rubriek XXXI van tabel A van de bijlage bij KB nr. 20

Samenvatting

Tot voldoening van de rulingdienst wordt door de aanvrager aangetoond dat:

(i) de werken op relevante wijze blijven steunen op de oude dragende muren en meer algemeen op de wezenlijke elementen van de structuur van het te renoveren gebouw, en;

(ii) na de beperkte uitbreiding, de ‘oude’ oppervlakte betekenisvol blijft ten aanzien van de totale oppervlakte na de werken, én dat;

(iii) het nieuwe gedeelte niet onafhankelijk van het oude gedeelte kan functioneren.

De rulingdienst is van oordeel dat het verlaagde btw-tarief van 6% overeenkomstig rubriek XXXI van tabel A van de bijlage bij het Btw-KB nr. 20, in uitvoering van artikel 37 W.BTW, van toepassing is op de geplande renovatie- en omvormingswerken (c.q. uitbreidings-/vervangingswerken) uitgevoerd aan de privé-woning, gelet op:

(i) het feit dat de renovatiewerken niet dermate ingrijpend (radicaal) zijn dat het gebouw structurele wijzigingen ondergaat;

(ii) de koppeling van de voorziene uitbreiding/vervanging aan de al bestaande infrastructuur als één functioneel geheel, en;

(iii) het feit dat de oppervlakte van het oude gedeelte groter blijft dan de totale oppervlakte na uitvoering van de uitbreidings-/vervangingswerken.

Tekst van de beslissing

I. Voorwerp van de aanvraag

1. De aanvraag om een voorafgaande beslissing wordt ingediend in naam van X en Y, natuurlijke personen.

2. De geplande verrichting omvat het verbouwen van een privé-woning gelegen te <>.

3. Om aan de huidige maatregelen en vereisten betreffende isolatiewaarde en energieprestatie te voldoen, zal de gevelsteen van de volledige woning verwijderd worden om extra spouwisolatie te kunnen aanbrengen. Ook het dak zal vervangen en beter geïsoleerd worden.

4. Aan de kelder worden geen wijzigingen aangebracht, de muren blijven behouden en de kelder zal nog steeds uitsluitend als bergruimte gebruikt worden. Wel zal de vloer en chappe vervangen worden om waterinsijpeling te voorkomen in de toekomst.

5. Op het gelijkvloers bestaat de woning uit een voorste gedeelte, inkom, middengedeelte en achtergedeelte.

6. In het voorste gedeelte zal de garageruimte herbestemd worden als een combinatie van bureauruimte en technische ruimte. De oppervlakte van dit gedeelte zal uitgebreid worden door de linker muur een 40tal cm naar buiten te verschuiven. Omdat dit een structurele ingreep betreft, en omdat uit bodemonderzoek gebleken is dat de draagkracht van de ondergrond beperkt is, zal dit volledige voorste gedeelte afgebroken en heropgebouwd worden op nieuwe, verstevigde funderingen.

7. De inkomruimte, oorspronkelijk bestaande uit een inkom, vestiaire en toilet, blijft grotendeels behouden. De oriëntatie van het toilet wordt gewijzigd om plaats te voorzien voor een doorgang naar de technische ruimte. De binnenmuren die hiervoor verplaatst zullen worden betreffen geen dragende structuren. Omdat dit gedeelte in 1 stuk gebouwd is met het hierboven beschreven voorste gedeelte van de woning, zal ook dit stuk op nieuwe funderingen heropgebouwd worden.

8. Het middengedeelte bestaat momenteel uit een traphal en een keuken. De trap in de oorspronkelijke traphal zal worden verwijderd en de trapopening wordt dichtgemaakt. De traphal zelf zal in drie delen gesplitst worden: een vestiaire, een bergruimte en een trap naar de kelderruimte. De doorgang naar de keuken wordt dichtgemaakt en de keuken wordt heringericht tot zitruimte. Om een open concept te creëren, zal de muur tussen de originele keuken en de woonkamer verwijderd worden.

9. Het achtergedeelte bestaat momenteel uit een leefruimte en een veranda. De originele leefruimte en veranda worden samengenomen en tot één ruimte gemaakt waar zich de eetruimte, keuken en trap naar de eerste verdieping zullen bevinden. De glazen wanden van de veranda, die tot het originele bouwvolume behoren, worden vervangen door muren. Door het openmaken van de veranda en leefruimte, is het nodig om de overspanning in het plafond te verstevigen met een stalen balk.

10. De bovenverdieping bestaat uit een voorste gedeelte, middengedeelte en achtergedeelte.

11. In het voorste gedeelte zal de grote kamer vooraan in de woning worden ingericht als slaapkamer met dressing. De badkamer blijft op dezelfde plaats als in het originele plan, maar wordt vergroot door een deel van de voorste kamer in te nemen. De oppervlakte van de totale ruimte blijft dezelfde als voorheen. Zoals hierboven reeds beschreven, zal dit gedeelte heropgebouwd worden om de structurele integriteit van de woning te verzekeren.

12. In het middengedeelte zal de ruimte gewonnen door het dichtmaken van de originele trapopening worden gebruikt als linnen bergruimte en tweede badkamer. De vorm en grootte van de tweede slaapkamer blijft ongewijzigd.

13. Het achtergedeelte bestaat momenteel uit twee slaapkamers en een dressing. Eén slaapkamer wordt verkleind zodat een vaste zoldertrap geplaatst kan worden. De binnenmuren van de originele dressing zullen verwijderd worden om plaats te maken voor een nachthal en een tweede toilet op de bovenverdieping. De ruimte van de tweede slaapkamer zal niet meer bestaan op het nieuwe plan en wordt ingevuld als trapgat en opening (vide) naar de benedenverdieping (eetruimte en keuken).

14. Op de zolderverdieping wordt een vaste zoldertrap geïnstalleerd, de oppervlakte en vorm blijft ongewijzigd. Deze ruimte zal deels worden ingericht als technische ruimte (voor ventilatie etc.), deels als polyvalente ruimte.

II. Vraagstelling

15. Deze aanvraag om een voorafgaande beslissing beoogt de bevestiging te verkrijgen dat voor de renovatie met beperkte uitbreiding verricht aan de privé-woning gelegen te <> toepassing kan worden gemaakt van het verlaagde btw-tarief van 6% zoals voorzien door rubriek XXXI tabel A van K.B. nr. 20.

III. Beslissing

Uit het door de rulingdienst verrichte onderzoek blijkt wat volgt.

16. De aanvraag voldoet aan de voorwaarden van de artikelen 21 en 22 van de Wet van 24.12.2002 tot wijziging van de vennootschapsregeling inzake inkomstenbelastingen en tot instelling van een systeem van voorafgaande beslissingen in fiscale zaken.

III.A. Toepassingsgebied

17. Deze aanvraag om een voorafgaande beslissing beoogt de bevestiging van de toepassing van het verlaagd btw-tarief gelijk aan 6% voor renovatie met beperkte uitbreiding verricht aan voormelde privé-woning en dit op grond van rubriek XXXI, tabel A, KB nr. 20 van 20 juli 1970 genomen ter uitvoering van artikel 37 van het btw-wetboek, die voorziet in de toepassing van het btw tarief van 6% voor het uit te voeren werk in onroerende staat, voor zover de volgende voorwaarden zijn vervuld:

17.1. de handelingen moeten de omvorming, renovatie, rehabilitatie, verbetering, herstelling of het onderhoud, met uitsluiting van de reiniging, geheel of ten dele van een woning tot voorwerp hebben;

17.2. de handelingen moeten betrekking hebben op een woning die, na de uitvoering ervan, hetzij uitsluitend, hetzij hoofdzakelijk, als privé-woning wordt gebruikt;

17.3. de handelingen worden verricht aan een woning waarvan de eerste ingebruikneming heeft plaatsgevonden in de loop van een kalenderjaar dat ten minste tien jaar voorafgaat aan de eerste factuur met betrekking tot die handelingen;

17.4. de handelingen moeten worden verstrekt en gefactureerd aan een eindverbruiker;

17.5. de door de dienstverrichter uitgereikte factuur en het dubbel dat hij bewaart, maken melding van het voorhanden zijn van de elementen die de toepassing van het verlaagde tarief rechtvaardigen en bevatten de volgende vermelding:

"Btw-tarief: Bij gebrek aan schriftelijke betwisting binnen een termijn van één maand vanaf de ontvangst van de factuur, wordt de klant geacht te erkennen dat (1) de werken worden verricht aan een woning waarvan de eerste ingebruikneming heeft plaatsgevonden in een kalenderjaar dat ten minste tien jaar voorafgaat aan de datum van de eerste factuur met betrekking tot die werken, (2) de woning, na uitvoering van die werken, uitsluitend of hoofdzakelijk als privé-woning wordt gebruikt en (3) de werken worden verstrekt en gefactureerd aan een eindverbruiker. Wanneer minstens één van die voorwaarden niet is voldaan, zal het normale btw-tarief van 21 pct. van toepassing zijn en is de afnemer ten aanzien van die voorwaarden aansprakelijk voor de betaling van de verschuldigde belasting, interesten en geldboeten."

Behoudens samenspanning tussen de partijen, is de dienstverrichter ontslagen van de aansprakelijkheid ten aanzien van de in het 5°, bedoelde voorwaarden betreffende de vaststelling van het tarief, wanneer de afnemer de factuur niet schriftelijk betwist overeenkomstig 5°.

18. Het verlaagd tarief is in geen geval van toepassing op:

18.1. werk in onroerende staat en andere onroerende handelingen die geen betrekking hebben op de eigenlijke woning, zoals bebouwingswerkzaamheden, tuinaanleg en oprichten van afsluitingen;

18.2. werk in onroerende staat en andere onroerende handelingen die tot voorwerp hebben de bestanddelen of een gedeelte van de bestanddelen van zwembaden, sauna's, midget-golfbanen, tennisterreinen en dergelijke installaties.

19. De toepassing van het verlaagde btw-tarief beoogd door rubriek XXXI is, in principe, beperkt tot de handelingen die betrekking hebben op gebouwen, die in ieder geval na de uitvoering van die handelingen gebouwen zijn aangewend om te worden bewoond, en dit in tegenstelling tot de gebouwen die daarvoor niet worden gebruikt, inzonderheid de gebouwen gebruikt voor beroeps­ of administratieve doeleinden, aangewend voor de nijverheid, de handel, de landbouw, de uitoefening van vrije beroepen of elke andere beroeps­ of administratieve werkzaamheid.

20. De werken dienen de omvorming, renovatie, rehabilitatie, verbetering, herstelling of het onderhoud, met uitsluiting van de reiniging, tot voorwerp te hebben van een woning. Opdat het renovatietarief van 6% toepassing kan vinden, is het met andere woorden van belang dat de werken niet zo ver gaan dat in wezen tot nieuwbouw wordt overgegaan. Dit is volgens de administratieve richtlijnen aan de orde in de volgende twee gevallen:

• De renovatiewerken blijven op een relevante wijze steunen op de oude dragende muren en meer algemeen op de wezenlijke elementen van de structuur van het te renoveren gebouw (1).


[(1) Arrest van het Hof van Cassatie nr. F.19.0069.N van 25.06.2020 en het Arrest van het Hof van Cassatie nr. F.21.0053.N van 21.10.2022.]


Hierbij dient de totale lengte van de behouden dragende muren betekenisvol hoger te zijn dan de totale lengte van de nieuwe dragende muren. De oude dragende muren die werden afgebroken en heropgebouwd (zelfs indien gemetseld op de dezelfde plaats) worden aangemerkt als nieuwe (dragende) muren.

• In de mate waarin er sprake is van een uitbreiding, kunnen de werken bovendien slechts worden aangemerkt als een omvorming (en niet als nieuwbouw) wanneer de oppervlakte van het oude gedeelte betekenisvol is ten aanzien van het nieuwe gedeelte. Er kan worden van uitgegaan dat dit het geval is wanneer de totale oppervlakte van het oude gedeelte dat overblijft na de uitvoering van de werken groter is dan de helft van de totale oppervlakte van de woning na de uitvoering van de werken. Bijgevolg dient het oude gedeelte meer dan 50 % van de totale oppervlakte van de woning te bedragen.

Ingevolge de vraag nr. 1117 van de heer Leterme dd. 09.10.2002 Vr. en Antw., Kamer, 2002-2003, nr. 153, blz. 19612 moet bij de berekening van de te vergelijken oppervlakten inzonderheid:

­ gemeten worden vanaf en tot de buitenkanten van de opgaande muren;

­ rekening worden gehouden met de totale oppervlakte van ieder vlak gedeelte (draagvloer) van de woning, inclusief dus "verloren oppervlakte, zoals onder een schuin dak";

­ rekening worden gehouden met de oppervlakte van bergruimte, kelder, zolder en in- of aangebouwde garage.

Verder mag het nieuwe gedeelte niet onafhankelijk van het oude gedeelte functioneren, maar dient deze nieuwe ruimte het oude gedeelte aan te vullen en dient deze er dus - wat het gebruik van het gebouw betreft - een coherent en complementair geheel mee te vormen. Het nieuwe gedeelte hoeft zich daarentegen evenwel niet onder hetzelfde dak te bevinden als het oude gedeelte.

III.B. Toepassing in casu

21. De renovatiewerken dienen op een relevante wijze te steunen op de oude dragende muren en meer algemeen op de wezenlijke elementen van de structuur van het te renoveren gebouw. Hierbij dient de totale lengte van de behouden dragende muren betekenisvol hoger te zijn dan de totale lengte van de nieuwe dragende muren. De oude dragende muren die werden afgebroken en heropgebouwd (zelfs indien gemetseld op de dezelfde plaats) worden aangemerkt als nieuwe (dragende) muren.

22. Uit de door de aanvrager geleverde plannen en berekening in de aanvraag blijkt dat de uitgevoerde werken, op een relevante wijze steunen op de oude dragende muren en, meer algemeen, op de wezenlijke structuur van de te renoveren gebouwen.

23. In de kelder en de zolder blijven de dragende structuren ongewijzigd. Op het gelijkvloers zijn de lopende meters bestaande dragende muren groter dan het aantal lopende meters nieuwe dragende muren. Op de bovenverdieping zijn de lopende meters bestaande dragende muren eveneens groter dan het aantal lopende meters nieuwe dragende muren.

24. In de mate waarin er sprake is van een uitbreiding, kunnen de werken bovendien slechts worden aangemerkt als een omvorming (en niet als nieuwbouw) wanneer de oppervlakte van het oude gedeelte betekenisvol is ten aanzien van het nieuwe gedeelte. Er kan worden van uitgegaan dat dit het geval is wanneer de totale oppervlakte van het oude gedeelte dat overblijft na de uitvoering van de werken groter is dan de helft van de totale oppervlakte van de woning na de uitvoering van de werken. Bijgevolg dient het oude gedeelte meer dan 50 % van de totale oppervlakte van de woning te bedragen.

25. Enkel het gelijkvloers zal een beperkte uitbreiding ondergaan zoals omschreven in randnummer 6, zie supra.

26. Bijgevolg is de totale oppervlakte van het oude gedeelte dat overblijft na de uitvoering van de werken groter dan de helft van de totale oppervlakte van de woning na de uitvoering van de werken.

27. Uit de door de aanvrager voorgelegde plannen en de beschrijving blijkt dat de uitbreiding niet op zich functionerend zijn, maar integraal deel zal uitmaken van de bestaande eengezinswoning.

28. De rulingdienst deelt mee de berekening van de lopende meters in de aanvraag niet te hebben onderzocht en niet te hebben afgestemd met de plannen en zich enkel baseert op de gegevens/berekening zoals meegedeeld door de aanvrager. De concrete toetsing van de voorgelegde cijfers met de realiteit kan door de controledienst gebeuren.

29. De aanvragers zijn natuurlijke personen die verklaren de eengezinswoning na voltooiing van de werken hetzij uitsluitend, hetzij hoofdzakelijk, als privé-woning aan te wenden. Om voormelde reden worden de aanvragers als eindverbruikers aangemerkt in de zin van de bepaling als opgenomen onder rubriek XXXI, tabel A bij KB nr. 20.

30. De woning werd reeds meer dan 10 jaar geleden in gebruik genomen en beantwoordt hierbij aan de voorwaarden opgenomen in rubriek XXXI voornoemd.

31. De aanvrager verklaart dat de vermelde formaliteiten als opgenomen in §1, eerste lid, 5° van rubriek XXXI van tabel A van de bijlage bij KB nr. 20 zullen nageleefd worden.

32. Op basis van de hiervoor weergegeven elementen dient besloten te worden dat de in de aanvraag beschreven werken beoogd worden door rubriek XXXI, tabel A, KB nr. 20.

III.C. Conclusie

33. Het verlaagd btw-tarief van 6% is van toepassing op de werken in onroerende staat in het kader van de renovatie met beperkte uitbreiding verricht aan de privé-woning gelegen te <> en dit op grond van rubriek XXXI, tabel A, KB nr. 20 van 20 juli 1970.

Aangehaalde teksten

1
WBTW art. 371 voorkomen