Fiche van de FOD Financiën
Voorafgaande beslissing nr. 2021.0159 d.d. 20.04.2021
Btw · Btw-eenheid · Interne handeling · Beroepsoprichter · Onttrekking · Herziening · Actieve holding · Btw-vrijstelling · Verlaagd btw-tarief · Werk in onroerende staat
Samenvatting
Door de reorganisatie van X zal de bestaande btw-eenheid Z worden uitgebreid met nieuwe leden.
De overdrachten van activa tussen leden van deze btw-eenheid zullen als interne handelingen van de btw-eenheid buiten toepassing van btw blijven. Er dient geen onttrekking of herziening te worden doorgevoerd.
De reorganisatie heeft geen impact op de toepassing van de btw-vrijstellingen opgenomen in artikel 44, §2, 1° en 2° btw-wetboek en de verlaagde btw-tarieven.
Tekst van de beslissing
I. Voorwerp van de aanvraag
1. De aanvraag heeft betrekking op de btw-gevolgen van de reorganisatie van X.
II. Beslissing
II.A. Met betrekking tot de voorgenomen verrichting zelf
2. De DVB kan geen beslissing nemen over de verbondenheidsvoorwaarden van de btw-eenheid Z, inzonderheid de toetreding van de nieuw op te richten entiteiten A en B tot deze btw-eenheid.
3. Indien het lokale belastingkantoor aanvaardt dat A en B deel kunnen uitmaken van de btw-eenheid Z, zullen de handelingen tussen de leden als interne handelingen buiten de werkingssfeer van de btw blijven.
4. De gefaseerde overdrachten van de verschillende activiteiten en subactiviteiten door x aan C, A en B zullen bijgevolg als interne handelingen van de btw-eenheid Z zonder toepassing van de btw dienen te gebeuren.
5. Aangezien X niet de intentie heeft om op geregelde tijdstippen nieuwe gebouwen op te richten of aan te kopen met het oog op de verkoop ervan, en slechts éénmalig en uitsluitend in het kader van de hierboven beschreven herstructurering haar vastgoedportefeuille overdraagt, kan aanvaard worden dat X door deze reorganisatie niet de hoedanigheid van beroepsoprichter zal verkrijgen.
6. De verkopen/inbrengen van ‘nieuwe’ en ‘oude’ gebouwen door X aan/in A en B zullen als interne handelingen van de btw-eenheid Z zonder toepassing van de btw dienen te gebeuren. Aangezien deze gebouwen voor X bedrijfsmiddelen zijn en geen voorraadgoederen dient geen onttrekking te gebeuren op basis van artikel 12, §1, 3° btw-wetboek.
7. Door deze herstructurering zullen tevens overige activa van X worden verkocht/ingebracht in C, A en B. Deze overdrachten zullen eveneens als interne handelingen van de btw-eenheid Z zonder toepassing van de btw dienen te gebeuren. Er wordt bevestigd dat in het kader van deze overdrachten geen voorraadgoederen van X naar C, A en B zullen overgaan, waardoor geen onttrekking dient te gebeuren op basis van artikel 12, §1, 3° btw-wetboek.
8. Aangezien deze activa binnen de btw-eenheid Z na de verkopen/inbrengen zullen worden aangewend voor dezelfde doeleinden als deze van voor de juridische herstructurering dienen geen btw-herzieningen te worden doorgevoerd m.b.t. de oorspronkelijk uitgeoefende btw-aftrek.
II.B. Met betrekking tot de btw-gevolgen van de verrichting
9. Na de herstructurering zal X fungeren als een holding. Tegen vergoeding zal X vastgoed terbeschikking stellen, personeel terbeschikking stellen en ondersteunende diensten van management en beheer verrichten ten behoeve van C, D, A en B. De DVB kan aanvaarden dat X hierdoor een btw-plichtige actieve holding zal zijn.
10. Na de herstructurering zullen de activiteiten van de leden van de btw-eenheid Z onder meer betrekking hebben op btw vrijgestelde prestaties van inrichtingen voor gezondheidszorg en/ of diensten van maatschappelijk werk en sociale zekerheid (artikel 44, §2, 1° en 2° btw-wetboek). Voor de toepassing van deze btw-vrijstelling is op basis van randnummer 7.3.1.1.2 van Circulaire 42/2007 niet vereist dat alle leden van de btw-eenheid voldoen aan de voorwaarden van deze btw-vrijstellingen. De DVB kan derhalve aanvaarden dat de toepassing van de btw-vrijstellingen van artikel 44, §2, 1° en 2° btw-wetboek in hoofde van een individueel lid van de btw-eenheid Z niet in gedrang komt door toetreding van toekomstige leden die zelf niet zullen voldoen aan de voorwaarden van deze btw-vrijstellingen.
11. Wat de toepassing betreft van de verlaagde btw-tarieven opgenomen in het Koninklijk Besluit nr. 20, Rubrieken XXXI en XXXVIII van tabel A en Rubrieken X en XI van tabel B, dienen onder meer de voorwaarde inzake ‘erkenning’ en ‘eindgebruiker’ te worden gerespecteerd. Om distories te vermijden kan de DVB aanvaarden dat de btw-eenheid Z, kan genieten van deze verlaagde tarieven voor zover de werken in onroerende staat worden verricht aan erkende verblijfsinrichtingen zoals bedoeld in deze rubrieken en voor zover alle andere voorwaarden vervuld zijn.
12. Tenslotte zal A instaan voor het onderhoud en het herstel van de administratieve gebouwen alsook van het ander vastgoed.. Wat de toepassing van artikel 19, §2 van het btw-wetboek betreft, dient de btw-eenheid Z de principes opgenomen in de Circulaire 2019/C/19 betreffende de gelijkstelling van een werk in onroerende staat met een dienst onder bezwarende titel dd. 1 maart 2019 te respecteren.
Aangehaalde referentie
Sneltoetsen
Niet actief tijdens het typen in een veld.
- Zoeken in de tekst
- /Ctrl/⌘ F
- Volgende / vorige treffer
- EnterShift Enter
- Volgende / vorige sectie
- JK
- Leesmodus
- L
- Een paneel sluiten
- Esc
De leesmodus verbergt de inhoudsopgave en de kerncijfers, vergroot de tekst en centreert de kolom.