Vrijstelling, uitvoer, invoer, intracommunautaire handeling, voldoening van de belasting · Belgische rechtspraak

Naar de tekst
Juriel

Rechtbank van eerste aanleg Gent 26 januari 2011

Zoeken

Vrijstelling, uitvoer, invoer, intracommunautaire handeling, voldoening van de belastingBelasting over de toegevoegde waarde

https://juriel.be/nl/rechtspraak/vrijstelling-uitvoer-invoer-intracommunautaire-handeling-rechtbank-gent-2011-01-26-f048

Rechtscollege
Rechtbank van eerste aanleg
Zetel
Gent
Datum
26 januari 2011

Procesverloop

2 stappen · 1 jaar 3 maanden
  1. Weergegeven beslissingRechtbank van eerste aanleg te Gent26.01.2011
  2. Beslissing in beroepHof van beroep te Gent15.05.2012

Over het document

Verzameling
Belgische rechtspraak
Taal van de tekst
Nederlands

Tekst

134 paragrafen

Fiche van de FOD Financiën

Vonnis van de Rechtbank van Eerste aanleg te Gent d.d. 26.01.2011

Samenvatting niet beschikbaar

Tekst van het vonnis

Tekst van de beslissing

RECHTBANK VAN EERSTE AANLEG TE GENT - ZESDE FISCALE KAMER - OPENBARE TERECHTZITTING VAN 26 JANUARI 2011

Rolnummer AR 08/4461/A

In de zaak van :

NV M. & M., met zetel te …, … en met ondernemingsnummer …

eiseres,

hebbende als raad Mter J. H. en Mter D. S., beide advocaat te …, …

tegen :

DE BELGISCHE STAAT, vertegenwoordigd door de Minister van Financiën, wiens burelen gevestigd zijn te 1000 Brussel, Wetstraat 12, op vervolging en benaarstiging van de rekenplichtige van het BTW-Ontvangkantoor Sint-Niklaas, met kantoren te 9100 Sint-Niklaas, Driekoningenstraat 4 bus 2

verweerder,

hebbende als raad Mter Ph. V., advocaat te …, …

Vonnist de rechtbank als volgt :

I. DE RECHTSPLEGING

De partijen werden gehoord in hun middelen op de openbare terechtzitting van 22 december 2010 waarna het debat gesloten werd en de zaak in beraad genomen. Het dossier van rechtspleging en de overtuigingsstukken werden ingezien, in het bijzonder het gedinginleidende verzoekschrift op tegenspraak van 30 december 2008 en de conclusies van de partijen en hun stukkenbundels.

II. DE VORDERING

1. Eiseres vordert in hoofdorde het door e.a. inspecteur D. D. B. uitgevaardigd dwangbevel van 20 oktober 2008 - RCIV nr. … - dat geviseerd en uitvoerbaar verklaard werd door de gewestelijke directeur van de administratie van de BTW, Registratie en Domeinen te Antwerpen op 21 oktober 2008, te vernietigen.

In het dwangbevel worden de verschuldigde bedragen vastgesteld als volgt :

- als belasting op toegevoegde waarde : … EUR

- als geldboete ingevolge artikel 70, § 1 W.BTW : … EUR

- als geldboete ingevolge artikel 70, § 4 W.BTW : … EUR

- als verlopen intresten krachtens artikel 19, § 1, 1° W.BTW :

(berekend tot 20 oktober 2008) … EUR

- voorlopig totaal : … EUR

Dit alles te vermeerderen met de intresten vanaf 21 oktober 2008 à rato van 0,80 % per maand vertraging, de moratoire intresten op de geldboeten en de vervolgingskosten.

2. In subsidiaire orde vordert de eiseres het recht op de teruggaaf van BTW op grond van artikel 77, § 1, 7° W.BTW te kunnen uitoefenen en zodoende de vordering van de administratie te verminderen met … EUR.

3. In meer subsidiaire orde de BTW-boete volledig kwijt te schelden, minstens te herleiden tot een passend bedrag.

4. Verweerder te veroordelen tot betaling van de kosten van het geding miv van de rechtsplegingsvergoeding van … EUR en voor zoveel als nodig verweerder te veroordelen tot terugbetaling van alle ten onrechte geïnde bedragen, te vermeerderen met de moratoriumintresten.

III. RELEVANTE FEITEN EN GESCHIL

1. De eiseres is geregistreerd als BTW-belastingplichtige en houdt zich bezig met activiteiten van een adviesbureau op het vlak van bedrijfsvoering en -beheer. In de periode van 2005 en 2006 heeft zij prestaties als crisismanager voor diverse vennootschappen verricht.

Sommige van deze vennootschappen gingen in faling, waardoor een aantal facturen van de eiseres onbetaald zijn gebleven. De eiseres heeft deze onbetaalde facturen boekhoudkundig gecrediteerd middels een creditnota.

2. Op 25 oktober 2007 onderwierp een controleambtenaar de boekhouding van de eiseres aan een BTW-controle, waarbij volgende inbreuken werden vastgesteld en werden opgenomen in het Proces-Verbaal van 10 oktober 2008, waarvan een eensluidend verklaard afschrift aan de eiseres per aangetekende brief werd overgemaakt :

- inbreuken op de aftrekregeling ten aanzien van goederen en/of diensten die volledig of gedeeltelijk zijn bestemd voor privé-doeleinden of andere doeleinden dan die van de economische activiteit.

Bij volgende kostenposten werd gedurende de gecontroleerde periode de BTW telkens volledig teruggevorderd, terwijl deze kosten bestemd waren voor een woning die ook als privé-woning was bestemd :

- Electriciteitskosten : Beroepsgedeelte 50 %

Verschuldigde BTW : … EUR

- Verwarmingskosten : Beroepsgedeelte 40 %

- Verschuldigde BTW : … EUR

- Onroerende leasing woning : Beroepsgedeelte 35 %

Verschuldigde BTW : … EUR

- Privékosten voor tuin, wasmachine, … : Beroepsgedeelte : 35 %

Verschuldigde BTW : … EUR

- Kabeltelevisie : Beroepsgedeelte 0 %

Verschuldigde BTW : … EUR

- Telefoon : Beroepsgedeelte 50 %

Verschuldigde BTW : … EUR

Totaal verschuldigde BTW : … EUR

- Omzetverhoging ingevolge verkeerde totalisatie of verkeerde overdracht van de boekhouding naar de aangiften.

De totalen van de belastbare handelingen en/of de verschuldigde BTW, gemaakt in of afgeleid uit de boekhouding. werden niet of onvolledig overgedragen naar de respectievelijke vakken van de BTW-aangiften.

Naar aanleiding van een controle van het verkoopdagboek van 2005-2006·bleek dat de eiseres voIgende facturen voor gepresteerde diensten uitschreef :

- NV C. D. :

BTW

- facturen tbv … EUR + … EUR

- facturen tbv … EUR + … EUR

- BVBA EMBC :

- factuur tbv … EUR + … EUR

- NV C. D. M.

- facturen tbv … EUR + … EUR

- NV I. :

- facturen tbv … EUR + … EUR

- T. R. :

- factuur tbv … EUR + … EUR

- GCV WS C.

- facturen tbv … EUR + … EUR

- Totaal verschuldigde BTW : … EUR

- Reeds betaalde BTW : - … EUR

- SALDO VERSCHULDIGDE BTW : … EUR

- Inbreuken op artikel 39bis W.BTW :

- Factuur tbv … EUR + te belasten BTW : … EUR

De controle wees onregelmatigheden in de boekhouding uit, meer bepaald in het verkoopdagboek 2006-2007 waarin de eerste factuur bleek te dateren van 17 december 2004 met nummer 160005, een nummer dat eveneens werd toegewezen aan een factuur van 8 april 2005. Andere factuurnummers bleken niet te zijn opgenomen en nog andere nummers tweemaal.

Eiseres kweet deze situatie aan een computercrash, terwijl werd gesteld dat opnieuw diende geboekt te worden na de beweerde crash en dat het aankoopdagboek anderzijds niet bleek te lijden heeft gehad aan deze beweerde crash en alle boekingen een normale ononderbroken reeks vormde.

3. De resultaten van de controle leidden tot een correctieopgave inhoudende een verschuldigde BTW van … EUR, boeten van … EUR en … EUR en intresten vanaf 21 januari 2007.

4. Na toezending· van :het voormelde, proces-verbaal en dwangbevel, werd het dwangbevel betekend door gerechtsdeurwaarder D. B. op 5 november 2008.

Uitvoerend roerend beslag werd gelegd op 12 december 2008, waarbij de openbare gerechtelijke verkoop werd vastgesteld op22 januari 2009.

Een akte van inhouding werd aangezegd middels de aangetekende brief van 20 maart 2009.

Derde-beslag werd gelegd bij verweerder voor wat betreft het saldo van de rekening-courant op 31 januari 2009 in het voordeel van de eiseres ten bedrage van … EUR.

IV. BESPREKING

1. Omzetverhoging

1.1.

De eiseres is van oordeel dat de vordering met betrekking tot verschuldigde BTW ingevolge een omzetverhoging ongegrond is. De vordering had, volgens de eiseres, betrekking op verloren gegane schuldvorderingen waartegen creditnota's werd opgesteld. Deze transacties neutraliseerde de verschuldigde BTW zodat slechts een saldo van … EUR overbleef.

1.2.

Eiseres heeft in haar BTW-aangifte voor de jaren 2005 en 2006 volgende handelingen en de er op verschuldigde BTW aangegeven :

Vak 03Vak 54
2005NihilNihil
2006… EUR… EUR

De aangifte vertegenwoordigd niet de werkelijke handelingen die door de eiseres werden verricht doch het resultaat van een optelling van facturen en aftrek creditnota's.

Krachtens artikel 53 W.BTW is de belastingplichtige verplicht om periodisch aangifte te doen van het bedrag van de handelingen die zij hebben verricht of hen werden verstrekt, van het bedrag van de opeisbare en aftrekbare BTW en de herzieningen: alsmede van de gegevens die noodzakelijk zijn om te voldoen aan de door EU uitgevaardigde reglementering inzake statistiek en om de controle op de toepassing van de BTW te waarborgen.

Het is duidelijk dat eiseres door haar wijze van aangifte heeft willen maskeren dat er achter de cijfers een hogere omzet verscholen zat.

Bij een correcte aangifte zou de eiseres de uitgaande facturen en de verschuldigde BTW hebben ingeschreven in de vakken 03 en 54, bestemd voor handelingen waarvoor BTW verschuldigd is door de aangever aan het tarief van 21 % en de BTW op de handelingen aangegeven in de roosters 01, 02 en 03 enerzijds en de creditnota's in vak 49 en 64 van de BTW-aangifte anderzijds, bestemd voor de uitgaande handelingen en de te recupereren BTW vermeld op de uitgereikte creditnota’s anderzijds.

De rechtbank kan de stelling van de eiseres niet volgen dat de loutere boeking van het resultaat, zoals door eiseres werd doorgevoerd, als een correcte periodieke aangifte kan worden aanzien.

De grief van de eiseres is ongegrond.

2. In subsidiaire orde. De teruggaaf van BTW ingevolge het geheel of gedeeltelijk verloren gaan van de schuldvordering overeenkomstig artikel 77, § 1, 7°W.BTW.

2.1.

Artikel 77, § 1 stelt :

"Onverminderd de toepassing van artikel 334 van de programma wet van 27 december 2004, wordt de belasting die geheven werd van een levering van goederen, van een dienst of van een intracommunautaire verwerving van een goed tot beloop van het passende bedrag teruggegeven :

... 7° wanneer de schuldvordering van de prijs geheel of ten dele verloren is gegaan. …"

Eiseres is van oordeel dat verweerder de bedragen "nogmaals" vordert in de correctieopgave.

De rechtbank merkt op dat eiseres geen BTW heeft betaald en dat de creditnota's pas kon worden uitgeschreven op het ogenblik dat de oninvorderbaarheid van schuldvordering een zeker en vaststaand karakter hadden verkregen. In casu levert eiseres niet naar voldoening van recht het bewijs dat het zeker en vaststaand karakter plaatsvond op het ogenblik dat de factuur in de periodieke aangifte diende te worden aangegeven. Door de aangifte van eiseres heeft vooral willen vermijden dat zij ingevolge de niet-betaling van de facturen van haar klanten tot prefinanciering van de BTW zou gedwongen worden, zoals dat bij een correcte periodieke aangifte het geval zou geweest zijn.

2.2.

Artikel 1 van het KB over BTW nr. 4 stelt :

"De teruggaaf ingesteld bij de artikelen 77, §§ 1 en 1bis, en 77 bis, van het Wetboek van de belasting over de toegevoegde waarde, wordt naar gelang van het geval verleend aan degene die de belasting aan de Staat heeft voldaan of aan degene die in het bezit is van een invoerdocument dat hem als geadresseerde aanwijst en dat de betaling van de belasting vaststelt.

Hij die voor de voldoening van de belasting gehouden is een aangifte in te dienen, wordt geacht de belasting aan de Staat te hebben voldaan wanneer hij ze heeft opgenomen in het bedrag van de verschuldigde belasting ingeschreven in de aangifte en hij de belasting heeft voldaan die die aangifte vaststelt.

Door of vanwege de Minister van Financiën kan, in de gevallen en onder de voorwaarden door of namens hem te bepalen, worden afgeweken van het eerste lid van dit artikel."

In casu heeft de eiseres de BTW-heffing niet opgenomen in haar BTW-aangifte en kan zij niet als een rechthebbende tot teruggaaf zoals bepaald in voormeld artikel 1 gekwalificeerd worden.

Overeenkomstig artikel 13 van voornoemd KB kan de teruggaaf van de belasting, van de interesten en van de administratieve geldboeten, niet geldig worden verkregen wanneer de formaliteiten en voorwaarden bepaald bij dit besluit, niet worden nageleefd.

De rechtbank moet vaststellen dat de eiseres de formaliteiten en voorwaarden voor het recht op een teruggaaf niet heeft gevolgd, zodat een teruggaaf niet geldig kan worden verkregen.

De grief van eiseres is ongegrond.

3. In meer subsidiaire orde : kwijtschelding of vermindering van de boete

Overeenkomstig het Koninklijk besluit nr. 41, van 30 januari 1987, tot vaststelling van het bedrag van de proportionele fiscale geldboeten op het stuk van de belasting over de toegevoegde waarde. kan bij onjuistheden vastgesteld bij het nazicht van de boekhouding met betrekking tot de wiskundige juistheid ervan en de juiste toepassing van de BTW een boete van 10 % van het verschuldigde bedrag worden toegekend.

Een boete van 10 % komt de rechtbank als proportioneel met de inbreuk over, zodat de boete ingevolge een schending van artikel 70, § 1 W.BTW kan herleid worden naar … EUR.

De geldboete van … EUR gevestigd ingevolge een schending van artikel 70, § 4 W.BTW komt als rechtmatig over.

V. DE RECHTSPLEGINGSVERGOEDING

Eiseres begroot de rechtsplegingsvergoeding op … EUR. Verweerder houdt voor dat de vordering niet in geld waardeerbaar is en begroot de rechtsplegingsvergoeding op … EUR.

Gezien de vordering strekt tot de vernietiging van dwangbevel en verweerder aanvaardt dat dergelijke vordering niet in geld waardeerbaar is, kan hem een rechtsplegingsvergoeding worden toegekend zoals gevorderd.

Gezien de eiseres in het ongelijk gesteld worden, dient zij overeenkomstig artikel 1017, 1e lid van het Gerechtelijk Wetboek de gerechtskosten dragen.

Beschikkend gedeelte

OM DEZE REDENEN

DE RECHTBANK,

Recht doende op tegenspraak.

Met inachtneming van de artikelen 2 en 37 van de wet van 15 juni 1935 op het taalgebruik in gerechtszaken.

Alle meeromvattende en strijdige conclusies verwerpend als niet ter zake dienend.

Verklaart de vordering ontvankelijk en in volgende mate gegrond.

Herleidt de geldboete ingevolge een inbreuk op artikel 70, § 1 W.BTW tot … EUR.

Bevestigt voor het overige het dwangbevel van 20 oktober 2008 - RCIV nr. … - dat geviseerd en uitvoerbaar verklaard werd door de gewestelijke directeur van de administratie van de BTW, Registratie en Domeinen te Antwerpen op 21 oktober 2008.

Verwijst eiseres in de kosten van het geding langs de zijde van verweerder te begroten op de rechtsplegingsvergoeding ten bedrage van … EUR, zoals gevorderd.

Aldus gewezen en uitgesproken in openbare terechtzitting door de zesde fiscale kamer van de rechtbank van eerste aanleg te Gent, op woensdag zesentwintig januari tweeduizend en elf, waar aanwezig waren :

de heer C. S., toegevoegd rechter, voorzitter van deze kamer,

mevrouw G. L., griffier.

G. L. C. S.

Aangehaalde teksten

2
WBTW art. 771 voorkomen
WBTW art. 77bis1 voorkomen

Vergelijkbare beslissingen

8