Sancties, Administratieve boeten, Veroordeling bij eenvoudige schuldigverklaring, Hoofdelijkheid · Belgische rechtspraak

Naar de tekst
Juriel

Hof van Cassatie P.01.1365.N 15 oktober 2002

Zoeken

Sancties, Administratieve boeten, Veroordeling bij eenvoudige schuldigverklaring, Hoofdelijkheid

https://juriel.be/nl/rechtspraak/sancties-administratieve-boeten-veroordeling-eenvoudige-cassatie-brussel-2002-10-15-4992

Rechtscollege
Hof van Cassatie
Rolnummer
P.01.1365.N
Datum
15 oktober 2002

Over het document

Verzameling
Belgische rechtspraak
Taal van de tekst
Nederlands
Strekking volgens de FOD
gunstig voor de Belgische Staat

Tekst

43 paragrafen

Fiche van de FOD Financiën

Arrest van het Hof van Cassatie dd. 15.10.2002 (P.01.1365.N)

Sancties - Administratieve boeten - Veroordeling bij eenvoudige schuldigverklaring - Hoofdelijkheid

Wettelijke bepalingen

Art. 73sexies, W.BTW

Samenvatting

Geen motiveringsgebrek in de zin van artikel 149 Grondwet is, het feit dat de appèlrechters anders beslissen dan wat in conclusies werd aangevoerd.

Bij eenvoudige schuldigverklaring wegens een fiscaal misdrijf, zoals bepaald in de artikelen 458 Wetboek van Inkomstenbelastingen 1992 en 73sexies BTW-wetboek, werkt de hoofdelijke gehoudenheid tot betaling van de ontdoken belasting van rechtswege en moet niet door de rechter worden uitgesproken.

Tekst van het arrest

Tekst van de beslissing

Arrest van het Hof van Cassatie

dd. 15.10.2002

(P.01.1365.N)

R. W., eiser, beklaagde, met als raadsman Mr. F.M., advocaat bij de balie te Brugge.

I. Bestreden beslissing

Het cassatieberoep is gericht tegen het arrest, op 13 september 2001 op verzet gewezen door het Hof van Beroep te Gent, correctionele kamer.

II. Rechtspleging voor het Hof

Raadsheer Luc Huybrechts heeft verslag uitgebracht.

Advocaat-generaal Marc Timperman heeft geconcludeerd.

III. Cassatiemiddelen

Eiser stelt in een memorie middelen voor. Die memorie is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit;

IV. Beslissing van het Hof

A. Onderzoek van de middelen

Overwegende dat het Hof in de memorie van eiser twee middelen ont-waart;

1. Eerste middel

Overwegende dat geen motiveringsgebrek in de zin van artikel 149 Grondwet is, het feit dat de appèlrechters anders beslissen dan eiser in conclu-sie heeft aangevoerd;

Dat het middel in zoverre niet kan worden aangenomen;

Overwegende dat voor het overige het middel geheel opkomt tegen de beoordeling van de feiten door de rechter;

Dat het middel in zoverre niet ontvankelijk is;

2. Tweede middel

Overwegende dat artikel 21ter Wetboek van Strafvordering , ingevoegd bij wet van 30 juni 2000, bepaalt:

"Indien de duur van de strafvervolging de redelijke termijn overschrijdt, kan de rechter de veroordeling bij eenvoudige schuldigverklaring uitspreken of een straf uitspreken die lager kan zijn dan de wettelijke minimumstraf;

Wanneer de veroordeling bij eenvoudige schuldigverklaring wordt uitgesproken, wordt de verdachte veroordeeld in de kosten en, zo daartoe aanleiding bestaat, tot teruggave. De bijzondere verbeurdverklaring wordt uitgesproken";

Overwegende dat de artikelen 458 Wetboek van Inkomstenbelastingen 1992 en 73sexies BTW-wetboek, bepalen dat de personen die als daders of medeplichtigen aan de door deze artikelen aangewezen fiscale misdrijven werden veroordeeld, hoofdelijk gehouden zijn tot betaling van de ontdoken belasting;

Overwegende dat deze hoofdelijke gehoudenheid die van rechtswege werkt en niet door de strafrechter moet worden uitgesproken, gelijkaardig is aan de hoofdelijke gehoudenheid tot teruggave ten aanzien van alle wegens een zelfde misdrijf veroordeelde personen bepaald in artikel 50 Strafwetboek;

Overwegende dat derhalve bij eenvoudige schuldigverklaring wegens een fiscaal misdrijf, zoals bepaald in de voormelde artikelen, de hoofdelijke gehoudenheid van rechtswege werkt;

Dat het middel faalt naar recht;

B. Ambtshalve onderzoek van de beslissing op de strafvordering

Overwegende dat de substantiële of op straffe van nietigheid voorgeschreven rechtsvormen in acht zijn genomen en de beslissing overeenkomstig de wet is gewezen;

Beschikkend gedeelte

OM DIE REDENEN,

HET HOF,

Verwerpt het cassatieberoep;

Veroordeelt eiser in de kosten.

Gezegde kosten begroot op de som van vierennegentig euro vijftig cent verschuldigd.

Aldus geoordeeld door het Hof van Cassatie, tweede kamer, te Brussel, door ...

Rechtspraak

5

België

5

Grondwettelijk Hof584022.05.2014

Invordering van ontdoken belastingen

Hof van CassatieP.13.1660.N06.05.2014

Misdrijven als bepaald in de artikelen 73 en 73bis

Grondwettelijk Hof472620.10.2009

Misdrijven, Strafsancties

Bekijk alle 5

Bekijk de 5 documenten