Fiche van de FOD Financiën
Vonnis van de Rechtbank van Eerste Aanleg te Dendermonde dd. 29.04.1997
De Fiscale Koerier 1997/381
Onroerende verhuur
Samenvatting
Een contract van onroerende verhuur en een overeenkomst in de zin van art. 18, par. 1, lid 2, 6° W.B.T.W. verschillen van elkaar door hun essentieel voorwerp. Wanneer het essentieel voorwerp van een overeenkomst het genot is van een uit zijn aard onroerend goed, is er sprake van onroerende verhuur. Wanneer dat voorwerp daarentegen het recht is een beroepswerkzaamheid uit te oefenen, is er sprake van een dienst in de zin van art. 18, par. 1, lid 2, 6° W.B.T.W. De overeenkomst waarbij een vennootschap het gebruik van een gedeelte van een door haar opgericht kantoorgebouw en bijhorende kantoorinfrastructuur onder bezwarende titel aan een andere vennootschap ter beschikking stelt, voldoet aan alle voorwaarden van een onroerende verhuur, die bij toepassing van art. 44, par. 3, 2° W.B.T.W. van belasting is vrijgesteld.
Aangehaalde referentie
Sneltoetsen
Niet actief tijdens het typen in een veld.
- Zoeken in de tekst
- /Ctrl/⌘ F
- Volgende / vorige treffer
- EnterShift Enter
- Volgende / vorige sectie
- JK
- Leesmodus
- L
- Een paneel sluiten
- Esc
De leesmodus verbergt de inhoudsopgave en de kerncijfers, vergroot de tekst en centreert de kolom.