Bijzondere regeling · Belgische rechtspraak

Naar de tekst
Juriel

Rechtbank van eerste aanleg Leuven 3 april 2009

Zoeken

Bijzondere regelingBelasting over de toegevoegde waarde

https://juriel.be/nl/rechtspraak/bijzondere-regeling-rechtbank-leuven-2009-04-03-c214

Rechtscollege
Rechtbank van eerste aanleg
Zetel
Leuven
Datum
3 april 2009

Over het document

Verzameling
Belgische rechtspraak
Taal van de tekst
Nederlands

Tekst

61 paragrafen

Fiche van de FOD Financiën

Vonnis van de Rechtbank van Eerste aanleg te Leuven d.d. 03.04.2009

Samenvatting niet beschikbaar

Tekst van het vonnis

Tekst van de beslissing

RECHTBANK VAN EERSTE AANLEG LEUVEN, AFDELING BURGERLIJKE RECHTBANK - Twaalfde kamer

Rol nr. : 05/1066/A

Inzake :

M. F. R., bestuurster van vennootschap, KBO ••••.•••.••• en wonende te …, ….

- eiseres, ter zitting aanwezig in persoon en bijgestaan door meester P.-J. O., loco meester E. G., advocaat te …, ….

tegen :

DE BELGISCHE STAAT, Federale Overheidsdienst Financiën, Administratie van de Ondernemings- en Inkomstenfiscaliteit, Sector BTW, met kantoren te 3001 Heverlee, Philipssite 3A bus 2.

- verweerster, ter zitting vertegenwoordigd door meester M. C., advocaat te …, ….


I. Procedure

De bepalingen van de wet van 15 juni 1935 op het taalgebruik in gerechtszaken werden nageleefd.

De rechtbank nam onder meer kennis van :

- het verzoekschrift op tegenspraak op 3 mei 2005 ter griffie neergelegd;

- de neergelegde conclusies en stukken;

- de overige stukken van het rechtsplegingsdossier.

De advocaten van partijen werden gehoord op de openbare zitting van 6 maart 2009.

II. De feiten

Eiseres is btw-plichtige. Zij is kleinhandelaar in motorvoertuigen.

Door de administratie werd een controle uitgevoerd voor de periode 1 januari 2000 tot 31 december 2001. Op 22 oktober 2003 ondertekende eiseres een correctieopgave voor akkoord. Deze correctieopgave vermeldt dat eiseres … euro verschuldigd is als btw en … euro als boete, en intrest vanaf 21 januari 2002. De verschuldigde btw wordt voor … euro gecompenseerd met de aftrekbare btw zodat nog … euro btw verschuldigd is.

In een schrijven van 6 november 2003 betwist eiseres de btw verschuldigd te zijn. Ze verzocht tevens om kwijtschelding van de boete en intresten.

Bij schrijven d.d. 2 februari 2004 deelde de gewestelijke directeur mee dat de boe verminderd werd tot … euro. Bij schrijven d.d. 3 maart 2004 deelde de gewestelijke directeur mee dat geen vrijstelling van nalatigheidsintresten werd verleend.

Op 26 november 2004 werd door. de waarnemend eerst-aanwezend inspecteur van het btw-Ontvangkantoor van Leuven een dwangbevel uitgevaardigd dat op 30 november 2004 uitvoerbaar werd verklaard. Krachtens dit dwangbevel is eiseres … euro verschuldigd als btw, …0 euro als geldboete en … euro als intrest berekend tot 20 december 2004.

Bij schrijven d.d. 7 januari 2005 deelde de Minister van Financiën mee dat met een aantal opmerkingen van eiseres rekening zou worden gehouden en de vordering van btw rekening houdend hiermee verminderd werd. Bij schrijven d.d. 29 maart 20 deelde de administratie aan eiseres een inregelstelling mee. De te betalen btw wordt vastgesteld op … euro. Eiseres heeft recht op aftrek ten bedrage van … euro zodat aan btw blijft te betalen … euro en een boete van … euro meer intresten.

Op 19 april 2005 deelde de administratie aan eiseres mee dat zij krachtens het dwangbevel van 26 november 2004 derdenbeslag legde in handen van BVBA B. A. N.. Het schrijven vermeldt dat de schuld bij het R.C.I.V. … euro bedraagt.

III De vorderingen

Eiseres vordert dat gezegd wordt voor recht dat zij voor de periode van 1 januari 2000 tot 31 december 2001 niet in overtreding was met de btw-wetgeving, de correctieopgave d.d. 22 oktober 2003 alsmede het dwangbevel d.d. 26 november 2004 en de inregelstelling d.d. 16 maart 2005 nietig te verklaren en verweerster te veroordelen tot terugbetaling van alle achtergehouden tegoeden.

IV Beoordeling

1 Eiseres voert aan dat de btw-verificateur tijdens de controle zijn aanstellingsbewijs niet vertoond heeft.

2 Eiseres voert niet aan dat zij aan de controleambtenaar gevraagd heeft zijn aanstellingsbewijs te tonen.

Wanneer de belastingplichtige niet gevraagd heeft dat het aanstellingsbewijs vertoon wordt, heeft het feit dat de controleambtenaar dit aanstellingsbewijs niet hee voorgelegd niet de nietigheid van de controle tot gevolg (Cass., 12 september 2001 rolnummer F.07.0013.N, http://jure.juridat.just.fgov.be).

3 Eiseres-voert aan dat zij "op de dag van de controle overdonderd werd door de aangekondigde financiële implicaties van-de vermeende btw-inbreuken", dat zij de tijd en de middelen niet kreeg om de correctieopgave met kennis van zaken ondertekenen en dat de controleambtenaar haar meedeelde dat "deze correctieopgave” moest worden ondertekend, onder het voorwendsel dat alleen dan nadien een bezwaarschrift zou kunnen worden ingediend, dat zij dus de correctieopgave onder dwang ondertekende, de controleambtenaar kunstgrepen in de zin van artikel 1116 van het Burgerlijk Wetboek toepaste en er sprake is van dwaling in de zin van artikel 11 van het Burgerlijk Wetboek.

4 Iedere partij dient het bewijs te leveren van de feiten die zij aanvoert (art. 870 Gerechtelijk Wetboek).

Eiseres bewijst niet dat zij de correctieopgave onder dwang ondertekende. De loutere bewering van eiseres volstaat niet om te bewijzen dat de controleambtenaar zou gezegd hebben dat zij pas bezwaar kon indienen, nadat zij de correctieopgave onderteken had.

Eiseres bewijst evenmin dat er sprake zou zijn van verschoonbare dwaling, dit wou zeggen dwaling die van die aard is dat ieder normaal mens ze had begaan. De tekst van de correctieopgave is zeer duidelijk : de belastingplichtige verklaart de verschuldigd bedragen te zullen betalen en eiseres heeft daarenboven het bedrag van de verschuldigde som voluit eigenhandig geschreven. Zij kon dan ook niet redelijk geloven dat zij dit bedrag niet zou moeten betalen of dat de ondertekening van een dergelijk schulderkenning noodzakelijk is om de schuld te kunnen betwisten.

5 De ondertekening van de correctieopgave door eiseres heeft tot gevolg dat een akkoord tot stand kwam. Hierdoor wordt de bewijslast verschoven en dient eiseres het bewijs bij te brengen dat de btw, waarvan zij erkende deze verschuldigd te zijn, niet verschuldigd is.

6 Eiseres heeft verschillende voertuigen op haar naam laten inschrijven in het repertorium van de Directie Inschrijving Voertuigen (DIV). Hieruit volgt een vermoede dat deze voertuigen door eiseres in gebruik werden genomen.

Door de ondertekening van de correctieopgave heeft eiseres dit vermoeden bevestigd en erkende zij dat zij deze voertuigen in gebruik heeft genomen.

De goederen konden aldus niet meer beschouwd worden als handelsgoederen en zou de ingebruikstelling als bedrijfsmiddel of de onttrekking aan het bedrijf voor andere doeleinden dan die van de economische activiteit worden gelijkgesteld met een levering onder bezwarende titel onderworpen aan de btw.

7 Eiseres bewijst niet dat zij de personenwagens die op haar haam bij de …….. werden ingeschreven niet in gebruik heeft genomen. De btw op deze wagens is dan oe verschuldigd.

8 Bij de controle werd vastgesteld dat voor de levering van tweedehands personenwagens geen facturen konden worden voorgelegd, de ontvangsten niet in de boekhouding werden ingeschreven en de verschuldigde btw niet voldaan was.

De administratie heeft op de verkoopprijs van deze voertuigen een btw van 21 % geheven.

9 Eiseres voert aan dat deze verkopen vallen onder de bijzondere regeling van belasting heffing over de winstmarge van tweedehands voertuigen.

10 De leveringen van goederen, voor dewelke de voorwaarden en modaliteiten, die voor de toepassing van de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge zijn gesteld, niet worden nageleefd, worden, behoudens tegenbewijs, geacht te zijn verricht onder de normale regeling van de belasting (artikel 58, § 4, 12° btw-wetboek).

De voorwaarden die dienen te worden nageleefd werden vastgelegd in het Koninklijk Besluit nr. 53 van 23 december 1994 met betrekking tot de bijzondere. regeling var belastingheffing over de winstmarge voor gebruikte goederen, kunstvoorwerpen voorwerpen voor verzamelingen en antiquiteiten en verder verduidelijkt in de aanschrijving 95/002 d.d. 2 januari 1995.

11 Gelet op de door eiseres ondertekende correctieopgave rust de bewijslast bi eiseres. Eiseres dient het bewijs te leveren dat voldaan is aan de voorwaarden bepaald in het Koninklijk Besluit nr. 53 en de aanschrijving 95/002 d.d. 2 januari 1995.

12 Eiseres blijft in gebreke dit bewijs te leveren. Het enige wat eiseres probeer aan te tonen is dat zij de wagens aankocht van particulieren en verkocht aan particulieren.

Dit volstaat echter niet om de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge te kunnen toepassen.

13 Bij de tenuitvoerlegging van het dwangbevel dient de administratie uiteraard rekening te houden met de beslissing van de minister en de vermindering aan verschuldigde btw, boete en intresten die hieruit voortvloeit.

Eiseres toont niet aan dat de administratie deze verplichting niet heeft nageleefd.

14 Uit de inregelstelling blijkt dat aan btw … euro verschuldigd is en een boete van … euro, te vermeerderen met de intrest.

Het basisbedrag van de rechtsplegingsvergoeding bedraagt … euro (waard vordering tussen 10.000,01 en 20.000,00 euro)

Beschikkend gedeelte

V Uitspraak

Dit vonnis wordt gewezen op tegenspraak en in eerste aanleg.

De vordering is ontvankelijk maar ongegrond.

De rechtbank veroordeelt eiseres tot de kosten. Deze kosten moeten voor eiseres niet begroot worden omdat zij te haren laste blijven en worden voor verweerster begroot … euro.

Aldus gedaan en uitgesproken in de openbare terechtzitting van de 12de kamer der rechtbank van eerste aanleg, zitting houdend te Leuven op 3 april 2009, waar zetelden :

- de heer L. W., alleenzetelend rechter

- mevrouw E. V. D. G., griffier

E. V. D. G. L. W.

De gegevens van een partij die de FOD Financiën leesbaar liet (ondernemingsnummer) zijn hier door punten vervangen. De tekst is nergens anders gewijzigd.

Aangehaalde teksten

1
WBTW art. 581 voorkomen

Vergelijkbare beslissingen

8