Arrest van het Hof van 2 februari 1989, 353/87 · Europese rechtspraak

Naar de tekst
Juriel

Hof van Justitie van de Europese Gemeenschappen Voltallige zitting 353/87 ECLI:EU:C:1989:53 2 februari 1989

Zoeken

Arrest van het Hof van 2 februari 1989, 353/87BTW-richtlijn, omzetting

https://juriel.be/nl/rechtspraak-unie/c-353-87-arrest

Rechtscollege
Hof van Justitie van de Europese Gemeenschappen
Samenstelling
Voltallige zitting
Zaak
353/87
ECLI
ECLI:EU:C:1989:53
Datum
2 februari 1989

De zaak

Procedure
Beroep wegens niet-nakoming gegrond
Zaak ingediend op
23 november 1987
Advocaat-generaal
Darmon conclusie van 12 januari 1989

Over het document

Verzameling
Europese rechtspraak
Taal van de tekst
Nederlands
Procestaal
Italiaans
Jurisprudentie
Jurispr. 1989, blz. 263
Meer informatie
Rechter-rapporteur
Schockweiler
Repertorium van het Hof

Tekst

11 paragrafen

Rapport ter terechtzitting

2 februari 1989

In zaak 353/87,

Commissie van de Europese Gemeenschappen, vertegenwoordigd door haar juridisch adviseur G. Marenco en D. Calleja, lid van haar juridische dienst, als gemachtigden, domicilie gekozen hebbende te Luxemburg bij G. Kremlis, lid van haar juridische dienst, Centre Wagner, Kirchberg,

Italiaanse Republiek, vertegenwoordigd door L. Ferrari Bravo, hoofd van de dienst Diplomatieke geschillen, als gemachtigde, bijgestaan door F. Favara, avvocato dello stato, domicilie gekozen hebbende te Luxemburg ter Italiaanse ambassade,

betreffende een verzoek aan het Hof om vast te stellen dat de Italiaanse Republiek, door niet binnen de gestelde termijn maatregelen ter uitvoering van de Tiende BTW-richtlijn te treffen, de krachtens het EEG-Verdrag op haar rustende verplichtingen niet is nagekomen.

HET HOF VAN JUSTITIE,

samengesteld als volgt: O. Due, president, R. Joliét, T. F. O'Higgins en F. Grévisse, kamerpresidenten, Sir Gordon Slynn, G. F. Mancini, F. A. Schockweiler, J. C. Moitinho de Almeida en G. C. Rodríguez Iglesias, rechters,

(rechtsoverwegingen niet opgenomen)

rechtdoende:

1) Door niet binnen de gestelde termijn de nodige bepalingen vast te stellen voor de uitvoering van de Tiende richtlijn (84/386/EEG) van de Raad van 31 juli 1984 betreffende de harmonisatie van de wetgevingen der Lid-Staten inzake omzetbelasting, tot wijziging van richtlijn 77/388/EEG — Toepassing van de belasting over de toegevoegde waarde op de verhuur van roerende lichamelijke zaken, is de Italiaanse Republiek de krachtens het EEG-Verdrag op haar rustende verplichtingen niet nagekomen.

2) De Italiaanse Republiek wordt verwezen in de kosten van de procedure.

Voetnoten

  • *1Procestaai: Italiaans.

Hof van Justitie van de Europese Unie · tekst opnieuw opgemaakt