Het 172e Boek van het Rekenhof. Stafdienst Budget en Beheerscontrole · Parlementaire vragen

Naar de tekst
Juriel

99 8 januari 2016

Zoeken

Het 172e Boek van het Rekenhof. Stafdienst Budget en BeheerscontroleHet 172e Boek van het Rekenhof. Stafdienst Budget en Beheerscontrole.

https://juriel.be/nl/parlementaire-vragen/99-172e-boek-rekenhof-stafdienst-budget-a854

Nummer
99
Datum
8 januari 2016

Over het document

Verzameling
Parlementaire vragen
Taal van de tekst
Nederlands

Tekst

11 paragrafen

Kamer, Vragen en Antwoorden, 2015-2016, QRVA 54/066 d.d. 14.03.2016, blz. 312

Het 172e Boek van het Rekenhof. - Stafdienst Budget en Beheerscontrole.

VRAAG

In het 172e Boek van het Rekenhof wordt in hoofdstuk 4 aangaande de Stafdienst Budget en Beheerscontrole op blz. 157 volgende aanmerking gemaakt:

"De Excelformules voor de berekening van de totalen van de ontvangsten in de verzamelstaten btw, directe belastingen en douanerechten en accijnzen kunnen fouten bevatten. Dit brengt de correcte boeking van de ontvangsten in SAP-Fedcom in het gedrang.

Om dit te vermijden beveelt het Rekenhof aan de consolidatie van deze gegevens te automatiseren via een proces dat in de boekhoudtoepassing is geïntegreerd of door automatische controles in de verzamelstaten in te bouwen. Er moet meer aandacht worden besteed aan de juistheid van de verzamelstaten en de opmaak van de boekingen.

Ook zou de nieuwe controlemethode voor de boekhoudkundige verwerking van de ontvangsten, die de stafdienst Budget en Beheerscontrole sinds het boekjaar 2013 heeft ontwikkeld, ook maandelijks op gecumuleerde cijfers moeten wordt uitgevoerd".

1. Bent u van oordeel dat men met de aanbevelingen van het Rekenhof beter geen rekening houdt?

2. Welke initiatieven werden inmiddels genomen om aan deze aanbevelingen tegemoet te komen?

ANTWOORD

van de minister van Begroting, belast met de Nationale Loterij van 14.03.2016,

Deze aangelegenheid is een bevoegdheid van mijn collega, de minister van Financiën. Ik verwijs dan ook naar het antwoord dat zal gegeven worden op de vraag nr. 720 van 8 januari 2016.