Exploitanten van restaurants. Verplichting rekeningen of ontvangstbewijzen uit te reiken. Vervanging · Parlementaire vragen

Naar de tekst
Juriel

95 16 september 1988

Zoeken

Exploitanten van restaurants. Verplichting rekeningen of ontvangstbewijzen uit te reiken. VervangingExploitanten van restaurants. Verplichting rekeningen of ontvangstbewijzen uit te reiken. Vervanging door bons van kasregisters. Vergunning en voorwaarden. Garanties voor een correcte heffing van de BTW

https://juriel.be/nl/parlementaire-vragen/95-exploitanten-restaurants-verplichting-rekeningen-ontvangstbewijzen-a313

Nummer
95
Datum
16 september 1988

Over het document

Verzameling
Parlementaire vragen
Taal van de tekst
Nederlands

Tekst

20 paragrafen

Vr. en Antw., Kamer, 1988, nr. 032 , blz. 2178

Exploitanten van restaurants - Verplichting rekeningen of ontvangstbewijzen uit te reiken - Vervanging door bons van kasregisters - Vergunning en voorwaarden - Garanties voor een correcte heffing van de BTW

VRAAG

De handelaars en de handelsmaatschappijen zijn niet enkel verplicht de BTW te innen voor rekening van de administratie van Financiën maar dienen tevens de cliënt daarvan op de hoogte te brengen.

In de sector van de restauratie en met name in de fast foodsector komt het steeds meer voor dat het toegepaste BTW-tarief niet langer op de stroken wordt vermeld. De instellingen weigeren een BTW-strook te verstrekken die beantwoordt aan de prijs die wordt gevraagd en die ook door de cliënten wordt betaald. Hierbij beroepen ze zich op het akkoord dat de administratie van Financiën zou hebben gegeven om van de regel af te wijken. Sommige maatschappijen verwijzen expliciet naar een recente rondzendbrief 21/73 en naar een beslissing van 17 juni 1988.

1. Kan de Minister dat bericht bevestigen?

2. Heeft het departement van Financiën onlangs in het vlak van de BTW een afwijking toegestaan aan een restauratiesector die in volle expansie is?

3. Zal de inning van de BTW door die maatregel gelijkwaardig worden gemaakt?

4. Hoe wordt die maatregel, die een aantasting betekent van de gelijkwaardige behandeling van alle handelaars ten aanzien van de toepassing van een reglementering, gerechtvaardigd?

ANTWOORD

1. Artikel 8bis, § 1, van het koninklijk besluit nr. 1 van 23 juli 1969 met betrekking tot de regeling voor de voldoening van de belasting over de toegevoegde waarde verplicht bepaalde belastingplichtigen, onder meer de exploitanten van restaurants, aan hun klanten rekeningen of ontvangstbewijzen uit te reiken, opgesteld op formulieren vervaardigd door door de administratie erkende drukkers.

2. Krachtens artikel 8bis, § 9, van het voornoemd koninklijk besluit nr. 1 kan echter door of vanwege de Minister van Financiën, onder de door of namens hem te stellen voorwaarden, vergunning worden verleend de rekeningen of ontvangstbewijzen te vervangen door bons van kasregisters.

De modaliteiten en voorwaarden van de vergunning werden uiteengezet in de aanschrijving nr. 21 van 6 augustus 1973 Z. Revue nr. 14, blz. 22.

In dat geval moeten de bons aan de klanten worden uitgereikt en te hunner beschikking worden gelaten wanneer ze de inrichting verlaten. Ze moeten de volgende gegevens bevatten: de aanduiding van de onderneming (naam en voornaam, of, voor rechtspersonen, de benaming, alsmede het adres), de datum van de handeling, het volgnummer toegekend aan de handeling en de globale prijs (BTW en, in voorkomend geval, dienst inbegrepen).

Alle exploitanten van restaurants, zelfs van die welke niet worden uitgebaat volgens het systeem van de zelfbediening, kunnen de bovenbedoelde vergunning krijgen. De belastingplichtige moet deze schriftelijk aanvragen. Ze wordt toegestaan door het hoofd van het BTW-controlekantoor waaronder hij ressorteert. Het op de handeling toepasselijke BTW-tarief wordt niet op de rekening of het ontvangstbewijs vermeld, evenmin als op de bon van het kasregister.

3. De twee systemen bieden in principe dezelfde garanties wat betreft de correcte heffing van de BTW. Inderdaad, in beide gevallen moet de belastingplichtige de ontvangsten met betrekking tot de handelingen waarvoor hij gebruik maakt van de ontheffing van factureringsplicht, van dag tot dag inschrijven in het dagboek van ontvangsten voorzien in artikel 12, eerste lid, 3°, van het koninklijk besluit nr. 1, of ze opnemen in de gedetailleerde boekhouding beoogd in artikel 11 ervan.

In het tweede systeem moet de belastingplichtige onder meer de controlebanden van de kasregisters bewaren na op de buitenzijde de datum van de handelingen en, eventueel, het nummer van het kasregister te hebben aangetekend; hij moet ze rangschikken per datum en, eventueel, per kas.

4. De mogelijkheid die de belastingplichtigen wordt geboden om de rekeningen of ontvangstbewijzen te vervangen door bons van een kasregister, wordt gerechtvaardigd door overwegingen van economische en van praktische aard.

Inderdaad, dank zij de aanwezigheid van totalisators maakt het kasregister het mogelijk dag na dag het totaalbedrag van de handelingen te geven en, eventueel, andere statistische gegevens (uitsplitsing per verkoper, per tarief, enz.), naargelang het type van machine en de hulptoestellen waarmee ze is uitgerust.

Indien het geacht Lid een bijzonder geval beoogt, ben ik niettemin bereid een onderzoek te laten uitvoeren wanneer de identiteit van de belastingplichtige mij wordt meegedeeld.