Voorschotten btw · Parlementaire vragen

Naar de tekst
Juriel

926 18 april 2016

Zoeken

Voorschotten btw

https://juriel.be/nl/parlementaire-vragen/926-voorschotten-btw-luk-biesen-voorschot-f327

Nummer
926
Datum
18 april 2016

Over het document

Verzameling
Parlementaire vragen
Taal van de tekst
Nederlands

Tekst

12 paragrafen

Kamer, Vragen en Antwoorden, 2015-2016, QRVA 54/080 d.d. 01.07.2016, blz. 325

Voorschotten Btw

VRAAG

Indien een onderneming ervoor kiest om btw-kwartaalaangiften in te dienen (regeling van de kwartaalaangifte) moet ze uiterlijk de twintigste van de tweede en de derde maand van ieder kalenderkwartaal een voorschot voldoen op de belasting waarvan de opeisbaarheid uit die aangifte zal blijken.

Het bedrag van elk van de twee voorschotten die tijdens een kwartaal moeten worden betaald, is gelijk aan een derde van het bedrag van de belasting dat voorkomt in rooster 71 van de aangifte met betrekking tot de handelingen van het vorige kwartaal. De onderneming mag het bedrag van het te betalen voorschot aftrekken van het saldo dat op de dag van de betaling in haar voordeel bestaat op de btw-rekening-courant.

Voor ondernemingen die maar enkele (twee tot drie) uitgaande facturen op jaarbasis hebben, betekend dit vaak dat ze voorschotten dienen te betalen terwijl ze in dat kwartaal geen verkoopfactuur hebben.

Het systeem van de btw-voorschotten betekend voor vele ondernemingen een zware impact op de cashflow van hun onderneming. Voor vele ondernemingen zou het praktischer zijn enkel de verschuldigde btw te betalen op het einde van het kwartaal, zonder enige voorschotten nog te betalen.

Is het niet mogelijk de btw-voorschotten af te schaffen en enkel nog de verschuldigde btw te laten betalen door de ondernemingen op het einde van elk kwartaal?

ANTWOORD

van de minister van Financiën, belast met Bestrijding van de fiscale fraude van 29.06.2016,

Wanneer een belastingplichtige momenteel kiest om een btw-kwartaalaangifte in te dienen, moet hij overeenkomstig artikel 19, § 1, van het koninklijk besluit nr. 1, met betrekking tot de regeling voor de voldoening van de belasting over de toegevoegde waarde, uiterlijk de twintigste van de tweede en de derde maand van ieder kalenderkwartaal een voorschot voldoen op de belasting waarvan de opeisbaarheid blijkt uit die aangifte.

In het kader van een nog meer efficiënte administratieve vereenvoudiging ten aanzien van de btw-regelgeving, kan ik u meedelen dat door mijn administratie een ontwerp van koninklijk besluit wordt voorbereid dat deze bepaling zal opheffen, zodat de betrokken belastingplichtigen in de loop van een kwartaal geen voorschotten meer moeten voldoen.

Om alle belastingplichtigen die periodieke btw-aangiften indienen op een billijke wijze te behandelen, zal de belastingplichtige die btw-kwartaalaangiften indient, evenwel uiterlijk op 24 december van het kalenderjaar gehouden zijn een voorschot te betalen op de belasting die verschuldigd is over zijn handelingen van het vierde kwartaal van hetzelfde jaar. Een dergelijke verplichting om een voorschot te storten tegen het einde van het jaar bestaat immers reeds voor de belastingplichtige die maandaangiften indient.

Aangehaalde teksten

1
KB nr. 1 art. 191 voorkomen