Toepassing van artikel 101 van het BTW-Wetboek · Parlementaire vragen

Naar de tekst
Juriel

75 20 januari 1971

Zoeken

Toepassing van artikel 101 van het BTW-Wetboek

https://juriel.be/nl/parlementaire-vragen/75-toepassing-artikel-101-btw-wetboek-7849

Nummer
75
Datum
20 januari 1971

Over het document

Verzameling
Parlementaire vragen
Taal van de tekst
Nederlands

Tekst

11 paragrafen

Vr. en Antw., Senaat

Toepassing van artikel 101 van het BTW-Wetboek

VRAAG

Ingevolge dit artikel wordt aan de aannemers van openbare werken een coëfficiënt opgelegd voor de werken vanaf 1 januari 1971, coëfficiënt dat een bepaalde prijsvermindering tot gevolg zal hebben.

De aannemers van openbare werken worden door de respectievelijke besturen verzocht zich met dit coëfficiënt akkoord te verklaren of hun opmerkingen ter zake te laten gelden. In het laatste geval zal een speciale commissie, die moet oordelen over de coëfficiënten, een onderzoek instellen.

Zullen de aannemers, die slechts voorwaardelijk dit coëfficiënt aanvaarden en hierbij opmerkingen formuleren, vertraging lijden in hun betaling of zal men hen onmiddellijk betalen, rekening houdend met het voorgestelde coëfficiënt, en achteraf de aanpassing doen na het onderzoek over de bezwaren door een speciale commissie

ANTWOORD

De toepassing van artikel 101 van het Wetboek van de belasting over de toegevoegde waarde, dat onder bepaalde voorwaarden toelaat de prijs van een contract gesloten voor 1 januari 1971 te wijzigen wanneer dit contract, geheel of gedeeltelijk, wordt uitgevoerd na de inwerkingtreding van het Wetboek, betreft alleen de betrekkingen tussen de contracterende partijen.

Bij een geschil tussen partijen inzake dit artikel, kan de fiscale administratie in geen hoedanigheid tussenkomen, vermits het een regeling van de burgerlijke belangen tussen partijen betreft.

Voor het bepalen van de verschuldigde taks op de bedoelde handeling, houdt de fiscale administratie slechts rekening met de prijs zoals hij in der minne of, eventueel, gerechtelijk werd gewijzigd tussen partijen.

De problemen van betaling, zoals ze door het geachte lid werden gesteld, betreffen in het algemeen uitsluitend de betrekkingen van privaat recht tussen de aannemer en de meester van het werk en behoren bijgevolg tot de bevoegdheid van ieder van de ministeriële departementen of andere openbare organismen voor wiens rekening de werken worden uitgevoerd.

Aangehaalde teksten

1
WBTW art. 1012 voorkomens