Vr. en Antw., Kamer
Kleine detaillisten - Egalisatiebelastingplichtigen - Toepasselijke regeling inzake BTW en inkomstenbelastingen - Optiemogelijkheden
VRAAG
Het stelsel van de egalisatiebelasting dat ingevoerd is op 1 januari 1971, waarbij de BTW op de verkoop wordt voldaan via de leverancier op het ogenblik van de aankoop van de goederen, was bedoeld als een tijdelijke maatregel, die echter nog altijd van toepassing is.
In tegenstelling met de gewone BTW is de BTW op aankopen en onkosten niet verrekenbaar. De BTW geheven op onkosten is zodoende een bedrijfslast ten opzichte van de directe belastingen.
Indien een bepaalde belastingplichtige kortingen geeft aan de klanten, is ook de BTW hierin begrepen niet terugvorderbaar, wat bevestigd is door de BTW-administratie.
Na meer dan 10 jaar stilzwijgen aanvaardt de Administratie der directe belastingen echter plotseling slechts 100/119 van deze kortingen en steunt zich hierbij op Com. IB 44/430.1 en 44/430.21.
Zodoende wordt men belast op niet-verworven inkomsten daar enerzijds de BTW niet terugvorderbaar is en deze anderzijds niet meer wordt aangenomen als bedrijfslasten.
Alleen de allerkleinste zelfstandigen die dus ook de zwaksten zijn en volkomen machteloos staan ten opzichte van de administratie, zijn nog aan het stelsel van de egalisatiebelasting onderworpen.
Wat is uw standpunt inzake deze aangelegellheid?
ANTWOORD
1. Inzake BTW. Krachtens artikel 56, § 2, eerste lid, van het BTW-Wetboek wordt de belasting die door de kleine detaillisten verschuldigd is ter zake van de leveringen van goederen waarin ze handel drijven forfaitair geheven in de vorm van een egalisatiebelasting bij de leveringen van goederen die hun worden gedaan en bij de invoer van goederen die ze verrichten. De egalisatiebelasting treft in feite slechts de winstmarge, forfaitair bepaald, die de kleine detaillisten bij hun verkopen realiseren.
De aan de egalisatiebelasting onderworpen kleine detaillist is enerzijds vrijgesteld van de voornaamste verplichtingen die aan de andere belastingplichtigen zijn opgelegd, maar heeft anderzijds geen recht op aftrek van de belasting die werd geheven van de aan hem geleverde goederen en verstrekte diensten en van de goederen die hij heeft ingevoerd, met uitzondering van de belasting geheven van bedrijfsmiddelen.
Er weze evenwel aangestipt dat het stelsel van de egalisatiebelasting niet wordt opgelegd aan de belastingplichtigen die zich in de voorwaarden bevinden om de toepassing ervan te kunnen genieten. De kleine detaillisten kunnen trouwens opteren voor de normale BTW-regeling, of, eventueel, voor de forfaitaire regeling ingesteld door artikel 56, § 1, van het BTW-Wetboek.
2. Inzake inkomstenbelastingen. De richtlijnen omtrent de weerslag van de BTW op het vaststellen van de belastbare inkomsten zijn reeds uitgevaardigd in een rondzendbrief die dateert van 28 april 1972 (gepubliceerd in het Bulletin der belastingen nr. 497, blz. 870) en later opgenomen in het Wetboek van de inkomstenbelastingen (Com. IB).
Het door het geachte Lid beoogde belastingstelsel van de door de handelaar aan zijn klanten toegekende kortingszegels en verminderingen is er steeds in opgenomen geweest (z. thans nr. 44/430.18, Com. IB) en geldt ook voor de aan het stelsel van de egalisatiebelasting onderworpen kleine detaillisten, die aldus geen redenen hebben om over discriminatie te klagen.
Deze laatsten worden trouwens op het stuk van de inkomstenbelastingen meestal belast volgens forfaitaire grondslagen van aanslag die in overleg met de betrokken bedrijfsgroeperingen zijn tot stand gekomen en waarin het voornoemde belastingstelsel is opgenomen.
Aangehaalde referentie
Sneltoetsen
Niet actief tijdens het typen in een veld.
- Zoeken in de tekst
- /Ctrl/⌘ F
- Volgende / vorige treffer
- EnterShift Enter
- Volgende / vorige sectie
- JK
- Leesmodus
- L
- Een paneel sluiten
- Esc
De leesmodus verbergt de inhoudsopgave en de kerncijfers, vergroot de tekst en centreert de kolom.