Door vervoersondernemingen onterecht aangerekende douanekosten · Parlementaire vragen

Naar de tekst
Juriel

7 53 30 juli 2010

Zoeken

Door vervoersondernemingen onterecht aangerekende douanekosten

https://juriel.be/nl/parlementaire-vragen/7-vervoersondernemingen-onterecht-aangerekende-douanekosten-5770

Nummer
7
Zittingsperiode
53
Datum
30 juli 2010

Over het document

Verzameling
Parlementaire vragen
Taal van de tekst
Nederlands

Tekst

28 paragrafen

Schriftelijke vraag en antwoord nr : 7 - Zittingsperiode : 53

Auteur : Georges Gilkinet, Ecolo-Groen! (01205)

Departement : Vice-eersteminister en minister van Financiën en Institutionele Hervormingen

Titel : Door vervoersondernemingen onterecht aangerekende douanekosten.

Datum indiening : 30/07/2010

Vraag

Particulieren die een pakje invoeren van een leverancier die buiten de EU gevestigd is, moeten een aantal kosten betalen (onder meer douanerechten). De Europese regelgeving (verordening EEG 2913/92 van 12 oktober 1992) voorziet echter in een aantal uitzonderingen.

Voor zendingen met een te verwaarlozen waarde wordt onder bepaalde voorwaarden een vrijstelling toegekend, volgens volgend schema: wanneer de totale intrinsieke waarde van de zending niet meer bedraagt dan 22 euro, wordt er in alle gevallen een volledige vrijstelling van invoerrechten en btw verleend. Wanneer de totale waarde van de zending tussen 22 en 150 euro ligt, blijft de vrijstelling van invoerrechten behouden, maar moet er wel btw worden betaald op de totale waarde van de zending, onverminderd de eventuele toepassing van andere vrijstellingsbepalingen. Wanneer de waarde van de zending meer bedraagt dan 150 euro, moeten er invoerrechten en btw worden betaald op de volledige waarde van de zending, onverminderd de eventuele toepassing van andere vrijstellingsbepalingen.

Zendingen waarvoor een volledige vrijstelling geldt, kunnen zonder enige formaliteit worden ingevoerd. Het voormelde schema is echter niet van toepassing op alcoholische producten, parfums, eaux de toilette, en ook voor tabaksproducten geldt die vrijstelling niet.

Naar verluidt zouden sommige vervoersondernemingen echter, ongeacht de regels, systematisch alle pakjes aan de douane aanbieden, ook de pakjes waarvoor er een vrijstelling geldt. Wanneer de pakjes aan de vrijstellingsvoorwaarden beantwoorden, zijn er geen douanekosten verschuldigd, wat de betrokken transportondernemingen er echter niet van zou weerhouden tien euro aanbiedingskosten aan te rekenen. Klanten die een klacht indienen, krijgen hun geld terug. Wie dat niet doet, is zijn centen kwijt.

Op de site van de FOD Financiën http://fiscus.fgov.be/interfdanl/nl/citizens/wagen.htm lezen we in dit verband het volgende: "Wanneer u goederen via De Post of via een ander koeriersbedrijf (ABXLogistics, UPS, DHL, of andere) invoert, moeten er uiteraard ook douaneformaliteiten worden vervuld. Doorgaans doet in dat geval De Post of het koeriersbedrijf voor u de douaneformaliteiten, maar rekent daarbij wel onkosten aan. Er wordt opgemerkt dat de douane geen uitstaans heeft met de zogenaamde 'douaneaanbiedingskosten', die soms worden gevraagd, zelfs als er helemaal geen inklaringsformaliteiten plaatsvinden. Deze worden door de vervoerder voor eigen rekening geïnd.".

Zo kwamen er mij gevallen ter ore waarin de transportonderneming het bedrag van tien euro enkel wil terugbetalen, mits het douanedocument CN22 wordt voorgelegd. In een brief van minister Vervotte wordt bepaald dat als er geen douanedocument CN22 bij de zending gevoegd werd, een aankoopbewijs of factuur kan dienen als bewijs dat de waarde van de zending niet meer bedraagt dan 22 euro. In antwoord daarop beweert de transporteur dat alleen een rekeninguittreksel of Visa-afrekening als bewijs kan gelden; een uittreksel van een andere officiële betaaloperator, zoals PayPal, komt daarvoor niet in aanmerking.

Gezien de ontwikkeling van de e-commerce en de gebrekkige consumentenvoorlichting in dat verband mag gevreesd worden dat het misbruik nog zal toenemen, ook al bestaat er dan een regelgeving voor dergelijke kwesties.

1. a) Bevestigt u de interpretatie van minister Vervotte, die stelt dat een factuur of aankoopbewijs kan dienen als bewijs dat de waarde van de zending minder bedraagt dan 22 euro?

b) Zo ja, welke documenten gelden er dan precies als bewijs?

c) Hebben documenten van betaaloperatoren zoals PayPal deze bewijskracht eveneens?

2. Waar kunnen consumenten die het onterecht geïnde bedrag van tien euro niet terugkrijgen van de transporteur, verhaal zoeken?

3. Hoe zal u ervoor zorgen dat de transporteurs die bepaling in acht nemen, en voorkomen dat dit probleem met de ontwikkeling van de e-commerce grotere proporties aanneemt?

Antwoord

Publicatie antwoord : B003 · Publicatiedatum : 15/10/2010

1. a) en b) Ik bevestig aan het geachte parlementslid dat de Algemene administratie der douane en accijnzen een factuur waarop de prijs voorkomt als bewijs van de douanewaarde aanvaardt en met name het daaruit voortvloeiend eventueel feit dat de colli wordt beschouwd een verwaarloosbare waarde te hebben die de 22 euro voor de btw en de 150 euro voor de rechten bij invoer niet overschrijdt, waardoor respectievelijk de vrijstelling van de btw en/of van de rechten bij invoer wordt toegekend.

1. c) Bovendien kan een door PayPal afgeleverd document een bestaande factuur staven, als er geen factuur voorhanden is, kan dit document de waarde van de zending bewijzen.

2. en 3. Het geachte parlementslid haalt een probleem aan dat de Administratie der douane en accijnzen al veel hoofdbrekens heeft gekost, terwijl de inning van die tien euro geen inning voor de douane betreft maar kosten aangerekend door De Post voor de aanbieding bij de douane (die kosten zijn zo genoemd volgens de Wereldpostconventie - UPU).

De Administratie der douane en accijnzen heeft trouwens in dat verband precieze informatie in haar website opgenomen.

Ikzelf heb in het verleden een brief gestuurd naar de minister bevoegd voor Economische Zaken om de wettelijkheid te laten nagaan van een dergelijke taks als de goederen niet het voorwerp uitmaken van een schriftelijke douaneaangifte noch van de betaling van rechten en douanetaksen.

Recent heeft de Algemene administratie der douane en accijnzen nog een brief in die zin gestuurd naar de Algemene Directie Controle en Bemiddeling van de FOD Economie.

Het geachte parlementslid zal het er maar kunnen mee eens zijn dat het mij onmogelijk is te antwoorden betreffende een inning die niet onder de bevoegdheid van mijn Ministerie valt.

Ik kan niet anders dan het probleem, dat zich niet beperkt tot de postzendingen maar ook alle "express"-verzenders betreft, bij de minister van Economische Zaken in herinnering te brengen.

Vraag en antwoord gepubliceerd door de Kamer van volksvertegenwoordigers in het Bulletin van vragen en antwoorden · De vraag op de website van de Kamer