BTW verschuldigd op aan de overheid verstrekte diensten en geleverde goederen · Parlementaire vragen

Naar de tekst
Juriel

67 23 maart 1982

Zoeken

BTW verschuldigd op aan de overheid verstrekte diensten en geleverde goederen

https://juriel.be/nl/parlementaire-vragen/67-btw-verschuldigd-overheid-verstrekte-diensten-57fc

Nummer
67
Datum
23 maart 1982

Over het document

Verzameling
Parlementaire vragen
Taal van de tekst
Nederlands

Tekst

16 paragrafen

Vr. en Antw., Senaat

BTW verschuldigd op aan de overheid verstrekte diensten en geleverde goederen

VRAAG

De leveranciers van goederen en diensten die BTW verschuldigd zijn en een op termijn betaalbaar rekening indienen, moeten de Schatkist de BTW op die rekening voorschieten als deze betaald wordt na de wettelijke datum waarop de storting aan de Schatkist moet gebeuren.

Deze toestand stelt problemen aan heel wat belastingplichtigen, maar was aanvaardbaar wanneer de rekening tijdig betaald wordt. Wanneer dit niet gebeurt, wordt de toestand onduldbaar.

Tal van (o.m. plaatselijke) overheden betalen de vaak aanzienlijke bedragen, die ze hun leveranciers verschuldigd zijn, met vertraging. Tegen alle verwachtingen in moeten die leveranciers de BTW voorschieten: het gaat om steeds grotere bedragen; de leveranciers worden aldus de bankiers van de overheid, ten voordele van de Schatkist. Dat is een volkomen abnormale toestand.

Kan de geachte Minister van Financiën mij meedelen:

a) Of zijn diensten, dat probleem onderzoeken;

b) Wat ze voor de onbetaalde schuldeisers van de besturen (in de ruimste zin) zullen doen;

c) Of hij het normaal acht dat die leveranciers verplicht worden, de rol van BTW-bankier te spelen voor rekening van die besturen;

d) Welke bijzondere maatregelen dat kunnen voorkomen?

ANTWOORD

Het geachte Lid vindt hierna het antwoord op de gestelde vragen.

Overeenkomstig de artikels 17 en 22 van het BTW-Wetboek, vindt het belastbare feit plaats op het tijdstip van de levering of de voltooiing van de dienst, de facturering van de prijs of een deel ervan, de incassering van de prijs of een deel ervan en de opeisbaarheid van de prijs of een deel ervan. Zodra een dezer vier feiten zich voordoet is de belasting verschuldigd.

Ten aanzien van de leveringen en de diensten aan overheidslichamen aanvaardt de administratie sedert de invoering van de BTW dat de belasting verschuldigd wordt op het tijdstip dat het overheidslichaam haar instemming betuigt aan de leverancier of de dienstverrichter met de geleverde goederen of gepresteerde diensten, bijvoorbeeld door middel van een proces-verbaal van kwantitatieve of kwalitatieve keuring of een staat van de werken die voor betaling zijn aanvaard. De factuur moet dus worden uitgereikt uiterlijk de vijfde werkdag van de maand die volgt op die kennisgeving en de belasting wordt verschuldigd op dat tijdstip.

Verdere bijkomende maatregelen kunnen, gelet op de huidige BTW-wetgeving niet overwogen worden. Hierbij mag niet uit het oog verloren worden dat de betalingsmodaliteiten van contractueel verschuldigde sommen, geen enkele afbreuk kunnen of mogen maken aan de oorzaken van de verschuldigdheid van de belasting.

Aangehaalde teksten

2
WBTW art. 171 voorkomen
WBTW art. 221 voorkomen