Vr. en Antw., Kamer,1991, nr. 151 , blz. 12868
Geneeskrachtige oliën of produkten voor de huidverzorging - Indeling in de douanenomenclatuur - Vaststellen van het toepasselijk BTW-tarief - Bevoegdheden - Douane - Geneeskrachtige olie - Duitsland
VRAAG
In de onderrichtingen van de douane in verband met de invoer van diverse produkten gebruikt bij geneeskundige preparaten wordt onder meer vermeld onder nr. 30.03/2, van de nomenclatuur, onder post 10 kamferolie, carbol(genol)olie en dergelijke geneeskrachtige oliën. Op deze produkten is bij de invoer een BTW van 6 % toepasselijk. Toch blijken de douanediensten een eigen interpretatie te geven aan de uit Duitsland geïmporteerde produkten beschreven als «Kampferöl, Pfefferminzöl, Anisöl u. dergleichen heilkraftige Ole».
Er wordt inderdaad van uitgegaan dat het bij het ingevoerde produkt gaat om een mengsel van 36 etherische oliën, waaronder die gewonnen uit kamferhout, en dat hoofdzakelijk wordt gebruikt als massagemiddel met een verfrissende en revitaliserende werking bij een normaal werkend organisme. De douanediensten betwisten de therapeutische of profylactische eigenschappen van het ingevoerde produkt. Beweerd wordt dat het hier gaat om een produkt voor de huidverzorging in de zin van tariefpost 33.04.
1. Op grond van welke elementen betwisten de douanediensten de vermelding op een in het Duits gestelde factuur?
2. Worden deze produkten ontleed door gespecialiseerde diensten van de douane?
3. Indien een dergelijke dienst bestaat, over hoeveel personeelsleden beschikt de dienst voor scheikundige analyses?
4. Hoeveel scheikundigen met een universitair diploma staan ter beschikking van deze analysedienst?
5. Hoeveel analyses worden jaarlijks verricht?
6. Door welke dienst wordt de indeling bepaald van de artikelen vermeld in de bijlage bij het koninklijk besluit nr. 20 van 20 juli 1970 tot vaststelling van de BTW-tarieven en tot indeling van de goederen en de diensten bij die tarieven en op grond van welke elementen?
ANTWOORD
In antwoord op de vragen van het geachte Lid heb ik de eer hem het volgende mee te delen.
1. De douane heeft zich niet uitgesproken over de vermeldingen op de factuur maar wel over de indeling in de douanenomenclatuur ingesteld door Verordening (EEG) nr. 2658/87, van 23 juli 1987. De douane betwist de indeling als geneesmiddel in de zin van tariefposten 30.03 of 30.04, zoals door de belanghebbende wordt verdedigd.
De aanwezigheid in het produkt van 36 op de verpakking bij naam genoemde etherische oliën waaronder kamfer-, munt- en anijsolie, wordt niet betwist.
2. In de gevallen waarin voor de verificatie van de aangifte een scheikundige analyse van het produkt vereist is, kunnen de betrokken ambtenaren monsters van de goederen voor onderzoek naar het laboratorium van de douane en accijnzen te Leuven sturen.
3. Het laboratorium van de douane en accijnzen stelt 20 personeelsleden tewerk.
4. In dit laboratorium werken 5 scheikundigen van universitair niveau, alsmede 8 technici met een diploma van industrieel ingenieur.
5. In 1990 werden 6700 monsters onderzocht.
6. Het bepalen van het toepasselijke BTW-tarief behoort tot de bevoegdheid van de Administratie van de BTW, registratie en domeinen, zowel voor goederen die in het binnenland worden aangekocht als voor goederen die van andere Lid-Staten van de EEG of van buiten de EEG worden betrokken.
De indeling in de douanenomenclatuur, waarover het geschil met de douane liep, beoogt de uitvoering van Verordening (EEG) nr. 2658/87 van de Raad van de Europese Cemeenschappen, van 23 juli 1987, met betrekking tot de tarief- en statistieknomenclatuur en het gemeenschappelijk douanetarief, alsmede van diverse verordeningen van de Gemeenschappen die op de daarin vervatte nomenclatuur steunen. Deze «Indeling »valt onder de bevoegdheid van de Administratie der douane en accijnzen en gebeurt met inachtneming van internationaal (EEG of ruimer) vastgestelde regels.
Ten behoeve van de internationale handel geeft de Administratie der douane en accijnzen een naslagwerk uit onder de titel «Tarief van invoerrechten »waarin de inhoud van bedoelde EEG-verordeningen zo overzichtelijk als mogelijk is samengebracht per rubriek van de daarin gebruikte nomenclatuur.
In dit werk is, sinds de invoering van de BTW, tevens een door de Administratie van de BTW, registratie en domeinen, verstrekte transpositie opgenomen van de BTW-bepalingen naar de nomenclatuur van het douanetarief.
Hoewel deze omzetting uiterst zorgvuldig en gedetailleerd werd doorgevoerd, volgt uit het niet volledig gelijklopend zijn van teksten en interpretaties, dat geen absolute overeenstemming kan worden bereikt. De opgenomen bedragen gelden slechts als eenvoudige vermelding, die niet tegen de bepalingen van het Wetboek van de belasting over de toegevoegde waarde en de in uitvoering daarvan genomen maatregelen kan warden ingeroepen. Daarop wordt uitdrukkelijk gewezen in de aanhef van bijlage E bij het gebruikstarief van invoerrechten, die zelf een onderdeel is van eerder genoemde transpositie.
De indelingsbeslissingen van de Administratie der douane en accijnzen slaan niet op de toepasselijke BTW, noch op de interpretatie van BTW-teksten.
Aangehaalde referentie
Sneltoetsen
Niet actief tijdens het typen in een veld.
- Zoeken in de tekst
- /Ctrl/⌘ F
- Volgende / vorige treffer
- EnterShift Enter
- Volgende / vorige sectie
- JK
- Leesmodus
- L
- Een paneel sluiten
- Esc
De leesmodus verbergt de inhoudsopgave en de kerncijfers, vergroot de tekst en centreert de kolom.