Beleidsinitiatieven in het kader van het "Europees Jaar voor personen · Parlementaire vragen

Naar de tekst
Juriel

62 21 oktober 2003

Zoeken

Beleidsinitiatieven in het kader van het "Europees Jaar voor personen

https://juriel.be/nl/parlementaire-vragen/62-beleidsinitiatieven-in-kader-europees-jaar-fb4c

Nummer
62
Datum
21 oktober 2003

Over het document

Verzameling
Parlementaire vragen
Taal van de tekst
Nederlands

Tekst

20 paragrafen

Vr. en Antw., Kamer, 2003, nr. 010 , blz. 1114

Beleidsinitiatieven in het kader van het "Europees Jaar voor personen met een handicap"

VRAAG

Op 20 november 2002 nam de federale regering volgende beslissing in "de strijd tegen de discriminatie van personen met een handicap":

"Op voorstel van Greet van Gool , regeringscommissaris voor Sociale Zekerheid, keurde de Ministerraad het voorstel van principeverklaring goed, waarbij elke minister verklaart dat hij/zij de nodige inspanningen zal leveren om tegen het einde van de legislatuur tenminste één redelijke aanpassing te realiseren in de strijd tegen de discriminatie van personen met een handicap. Dit engagement houdt in dat, gedurende het "Europees Jaar voor personen met een handicap", elke federale minister minstens één maatregel zal nemen binnen zijn bevoegdheidsdomein die de inclusie van personen met een handicap bevordert. De inclusie vertrekt van het idee dat een handicap een kwestie is van een omgeving en een samenleving die niet aangepast zijn aan de mogelijkheden van personen met een handicap, en niet zozeer een individueel probleem van de persoon met een handicap zelf."

1.

a)Welke initiatieven heeft uw voorganger als minister of staatssecretaris genomen, zoals beslist op de Ministerraad van 20 november 2002 in het kader van het "Europees Jaar van de personen met een handicap"?

b)Zijn deze initiatieven reeds uitgevoerd of in uitvoering? Zo ja, wat was het resultaat? Zo neen, waarom nog niet en wanneer wel?

c)Welk budget is hiervoor in de begroting opgenomen?

2.

a) Welke initiatieven heeft u als minister of staatssecretaris genomen, in het kader van het "Europees Jaar van de personen met een handicap"?

b) Zijn deze initiatieven reeds uitgevoerd of in uitvoering? Zo ja, wat was het resultaat? Zo neen, waarom nog niet en wanneer wel?

c) Welk budget is hiervoor in de begroting opgenomen?

ANTWOORD

Ik kan het geachte lid meedelen dat ik geen specifieke maatregelen genomen heb ingevolge de beslissing van de federale regering van 20 november 2002 in "de strijd tegen de discriminatie van personen met een handicap".

Ik wil er echter wel op wijzen dat deze problematiek altijd mijn volle aandacht heeft genoten.

Zo werd reeds, voor de bovengenoemde beslissing inzake personenbelasting door de wetten van 10 augustus 2001 houdende hervorming van de personenbelasting en 21 juni 2002 tot wijziging van artikel 25 van de wet van 10 augustus 2001 houdende hervorming van de personenbelasting en van de artikelen 136, 140, 141 en 178, § 3, van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992, het maximumbedrag van de nettobestaansmiddelen voor gehandicapte kinderen ten laste van een belastingplichtige die alleen wordt belast beduidend verhoogd.

Inzake indirecte belastingen werd er beslist dat de gunstregeling inzake BTW ten voordele van bepaalde categorieën van invaliden en gehandicapten die een automobiel gebruiken als persoonlijk vervoermiddel (artikel 77, § 2, van het BTW-Wetboek en rubrieken XXII en XXVI van tabel A als bijlage bij het koninklijk besluit nr. 20 van 20 juli 1970 tot vaststelling van de tarieven van de belasting over de toegevoegde waarde en tot indeling van de goederen en diensten bij die tarieven) wordt uitgebreid tot trage voertuigen ingevolge een positief advies dat in dit verband werd verstrekt door de diensten van de Europese Commissie.

Naar aanleiding van een evaluatie door een werkgroep bestaande uit onder meer een aantal parlementsleden en een vertegenwoordiger van de Regeringscommissaris toegevoegd aan de minister van Sociale Zaken en Pensioenen werd er eveneens beslist dat, in het kader van het artikel 77, § 2, van het BTW-Wetboek, voornoemde gunstregeling zal worden versoepeld ten aanzien van gezinnen met minderjarige gehandicapte kinderen of gehandicapten met het statuut van verlengde minderjarigheid. Aangezien bedoelde minderjarigen voor het gebruik van het voertuig altijd afhankelijk zijn van een meerderjarige zal de administratie voortaan toestaan dat het voertuig ook mag worden gebruikt zonder de invalide of gehandicapte minderjarige voor zover dit slechts sporadisch gebeurt, het tevens gaat om een gebruik van het voertuig door de wettige vertegenwoordiger van de invalide of gehandicapte en het tenslotte ook het enige voertuig van het gezin betreft.

Eerstdaags zal over die BTW-regeling een circulaire worden verspreid.

Aangehaalde teksten

1
WBTW art. 772 voorkomens