Parlementaire vraag nr. 609 van de heer Josy Arens d.d. 08.09.2021
Kamer, Vragen en Antwoorden, 2021-2022, QRVA 55/068 d.d. 04.11.2021, blz. 141
Vraag nr. 609 van De heer volksvertegenwoordiger Josy Arens van 09 september 2021 (Fr.) aan de vice-eersteminister en minister van Financiën, belast met de Coördinatie van de fraudebestrijding:
Eénloketsysteem. - Leverancier of voorraad in een andere EU-lidstaat.
VRAAG
1. Zal een in België gevestigde belastingplichtige die aan zijn leverancier, die bijvoorbeeld in Nederland gevestigd is, vraagt om goederen rechtstreeks naar een klant van deze Belgische belastingplichtige in Frankrijk te verzenden, deze transactie met de Franse eindklant (niet-belastingplichtige natuurlijke persoon) vanaf 1 juli 2021 kunnen aangeven via het Belgische éénloketsysteem (OSS) of zal hij zich voor btw-doeleinden moeten identificeren in Frankrijk en vervolgens het Franse btw-tarief moeten aanrekenen op de leveringen aan de klant (niet-belastingplichtige natuurlijke persoon) in Frankrijk?
2. Geldt dezelfde oplossing als deze Belgische belastingplichtige over een voorraad in Nederland beschikt en
a) goederen uit die voorraad in Nederland verzendt naar klanten in Frankrijk die niet-belastingplichtige natuurlijke personen zijn? Moet er een onderscheid gemaakt worden op grond van het feit dat die voorraad zich al dan niet in een douane-entrepot in de EU bevindt?
b) goederen uit die voorraad in Nederland verzendt naar eveneens in Nederland gevestigde klanten die niet-belastingplichtige natuurlijke personen zijn.
ANTWOORD
van de vice-eersteminister en minister van Financiën, belast met de Coördinatie van de fraudebestrijding van 04.11.2021:
Sinds 1 juli 2021 is een nieuwe vereenvoudigde regeling, het éénloketsysteem (One Stop Shop (OSS)), ingevoerd voor ondernemingen die intracommunautaire afstandsverkopen van goederen verrichten om te vermijden dat zij zich voor btw-doeleinden moeten laten identificeren in elk van de lidstaten waar zij deze handelingen verrichten.
Artikel 1, § 19, van het Btw-Wetboek bepaalt dat voor de toepassing van dit Wetboek men onder 'intracommunautaire afstandsverkopen van goederen' moet verstaan, de leveringen van goederen die worden verzonden of vervoerd door of voor rekening van de leverancier, ook wanneer de leverancier indirect tussenkomt bij het vervoer of de verzending van de goederen, vanuit een andere lidstaat dan die van aankomst van de verzending of het vervoer van de goederen naar de afnemer, indien aan de bepaalde voorwaarden wordt voldaan, waaronder het feit dat de levering van goederen wordt verricht voor een niet-belastingplichtige natuurlijke persoon of in voorkomend geval hetzij voor een belastingplichtige onderworpen aan een bijzondere regeling, hetzij voor een niet-belastingplichtige rechtspersoon die zijn intracommunautaire verwervingen van goederen niet aan de btw moet onderwerpen in de lidstaat van aankomst van de goederen.
1. In de beoogde situatie voldoet de Belgische belastingplichtige niet aan één van de fundamentele voorwaarden om zijn levering aan de uiteindelijke niet-belastingplichtige Franse particuliere klant te kunnen kwalificeren als intracommunautaire afstandsverkoop van goederen, aangezien het vervoer van Nederland naar Frankrijk niet door hem of voor zijn rekening werd verricht, maar door of voor rekening van zijn Nederlandse leverancier.
De Belgische belastingplichtige kan deze handelingen dus niet opnemen in het éénloketsysteem OSS.
De handelingen moeten op de volgende manier geanalyseerd worden.
De levering tussen de Nederlandse leverancier en de Belgische belastingplichtige is een levering met vervoer die plaats vindt daar waar het vervoer aanvangt krachtens artikel 32, eerste lid, van de richtlijn 2006/112/EG, omgezet in artikel 14, § 2, van het Belgische Btw-Wetboek, met name in Nederland. Deze levering is vrijgesteld van de btw, als intracommunautaire levering van goederen. De Belgische belastingplichtige verricht in Frankrijk, de lidstaat van aankomst van de goederen, een intracommunautaire verwerving van goederen onderworpen aan de Franse btw.
De levering tussen de Belgische belastingplichtige en de uiteindelijke particuliere verwerver is een levering zonder vervoer die geacht wordt plaats te vinden daar waar het goed zich bevindt op het tijdstip van de levering krachtens artikel 31 van de richtlijn 2006/112/EG, omgezet in artikel 14, § 1, van het Belgische Btw-Wetboek, met name in principe op het domicilie van de verwerver. De Belgische belastingplichtige moet dus Franse btw in rekening brengen aan zijn klant op deze handeling.
Aangezien hij in Frankrijk intracommunautaire verwervingen van goederen en leveringen zonder vervoer verricht voor dewelke hij schuldenaar is van Franse btw, heeft de Belgische belastingplichtige de verplichting zich voor de btw te laten identificeren in Frankrijk en deze handelingen waarvoor hij schuldenaar is, op te nemen in een in Frankrijk in te dienen periodieke aangifte. Tot slot zal de Belgische belastingplichtige aan de Nederlandse leverancier zijn Frans btw-identificatienummer moeten meedelen. De in Frankrijk te vervullen formaliteiten zijn de exclusieve bevoegdheid van de Franse fiscale administratie.
2. a) In het geval waarin hij zelf zorgt voor de verzending van goederen uit zijn voorraad in Nederland naar zijn niet-belastingplichtige particuliere klanten in Frankrijk, verricht de Belgische belastingplichtige intracommunautaire afstandsverkopen van goederen. Gezien hij in België is ingeschreven in het éénloketsysteem (OSS), zal de Belgische belastingplichtige de Franse btw die hij in rekening heeft gebracht aan zijn particuliere klanten wonende in Frankrijk, aangeven en voldoen via de aangifte OSS die hij zal indienen in België. In dat geval heeft de Belgische leverancier geen enkele verplichting tot identificatie voor btw-doeleinden in Frankrijk.
b) In het geval waarin hij zelf zorgt voor de verzending van goederen uit zijn voorraad in Nederland naar zijn niet-belastingplichtige particuliere klanten in Nederland, verricht de Belgische belastingplichtige geen intracommunautaire afstandsverkopen van goederen, gezien de goederen in Nederland blijven. Hij kan deze handelingen dus niet opnemen in het éénloketsysteem OSS.
Aangezien hij in Nederland leveringen verricht voor dewelke hij schuldenaar is van de Nederlandse btw, heeft de Belgische belastingplichtige de verplichting zich voor de btw te laten identificeren in Nederland en deze handelingen op te nemen in een in Nederland in te dienen periodieke aangifte. De in Nederland te vervullen formaliteiten zijn de exclusieve bevoegdheid van de Nederlandse fiscale administratie.
Aangehaalde referentie
Sneltoetsen
Niet actief tijdens het typen in een veld.
- Zoeken in de tekst
- /Ctrl/⌘ F
- Volgende / vorige treffer
- EnterShift Enter
- Volgende / vorige sectie
- JK
- Leesmodus
- L
- Een paneel sluiten
- Esc
De leesmodus verbergt de inhoudsopgave en de kerncijfers, vergroot de tekst en centreert de kolom.