Fiscale stimuli op het stuk van energie · Parlementaire vragen

Naar de tekst
Juriel

564 53 31 augustus 2012

Zoeken

Fiscale stimuli op het stuk van energie

https://juriel.be/nl/parlementaire-vragen/564-fiscale-stimuli-stuk-energie-1387

Nummer
564
Zittingsperiode
53
Datum
31 augustus 2012

Over het document

Verzameling
Parlementaire vragen
Taal van de tekst
Nederlands

Tekst

30 paragrafen

Schriftelijke vraag en antwoord nr : 564 - Zittingsperiode : 53

Auteur : Josy Arens, CDH (00866)

Departement : Vice-eersteminister en minister van Financiën en Duurzame Ontwikkeling, belast met Ambtenarenzaken

Titel : Fiscale stimuli op het stuk van energie.

Datum indiening : 31/08/2012

Vraag

Belastingbetalers die in 2011 uitgaven deden om hun woning energiezuiniger te maken, kunnen in 2012 nog rekenen op een belastingvermindering. In de komende jaren zullen fiscale stimuli op het stuk van energie echter uit de begroting geschrapt worden, omdat ze een bevoegdheid van de Gewesten worden.

Sommige belastingbetalers waren verrast toen bij de simulatie van de berekening van hun belastingen bleek dat zij geen recht meer zouden hebben op de verwachte vermindering.

De oorzaak daarvan is te vinden in artikel 145.24, vijfde lid, van het WIB 1992. Daarin staat dat de belastingvermindering 40 procent van de gedane uitgaven bedraagt en maximaal 3.680 euro per jaar mag bedragen (bedrag voor 2011). Dit bedrag wordt verdeeld tussen de echtgenoten in functie van het belastbaar inkomen van elke echtgenoot; het wordt echter niet volledig toegerekend als de belastingaanslag van de betrokkene te laag is.

Als na toepassing van bepaalde aftrekposten (bijvoorbeeld: belastingvermindering voor personen met een handicap) en vrijstellingen blijkt dat de door een van de echtgenoten of partners te betalen belasting niet volstaat om diens deel van de vermindering volledig te recupereren, gaat het saldo van deze vermindering inderdaad verloren. Het saldo wordt:

- noch overgedragen op de echtgenoot of partner die eventueel ook belasting verschuldigd is;

- noch overgedragen op het volgende jaar.

Bij de berekening van het naar het volgende jaar over te dragen saldo van de vermindering gaat de administratie er bovendien van uit dat het deel van de belastingvermindering voor belastingbetalers met een lage belastingaanslag op basis van de berekening van de belastingen op de inkomsten toegerekend werd, maar dat is fout.

Om correct te zijn, zou de berekening van de overdracht rekening moeten houden met het werkelijk betaalde belastingbedrag.

Op de site van de FOD Financiën krijgt de belastingbetaler evenwel volgende informatie: wie vóór 28 november 2011 in de plaatsing van zonnepanelen heeft geïnvesteerd, heeft recht op een belastingvermindering van 40 procent op een factuur die minstens 9.200 euro bedraagt. Men vergeet er echter bij te vermelden dat dit bedrag niet bij iedereen integraal zal worden afgetrokken.

1. Waarom wordt er voor de lage inkomens bij de berekening van het saldo van de vermindering dat op de volgende jaren moet worden overgedragen geen rekening gehouden met de werkelijk te betalen belastingen?

2. Waarom wordt het werkelijke saldo van de belastingvermindering niet op de twee volgende jaren overgedragen of wordt het recht op deze vermindering niet op de echtgenoot overgedragen als de vermindering van 3.680 euro per gezin niet wordt bereikt?

3. Waarom wordt er geen belastingkrediet op het saldo toegekend om de toegestane 40 procent te bereiken als er na twee jaar overdracht nog geen 40 procent in mindering kan worden gebracht?

4. Had deze maatregel volgens u niet beter moeten worden gecommuniceerd naar de belastingbetaler toe en op welke manier zal u die anomalie rechttrekken?

Antwoord

Publicatie antwoord : B084 · Publicatiedatum : 09/10/2012

1. - 3. De berekening van de overdracht van de belastingverminderingen voor energiebesparende uitgaven is volledig in overeenstemming met de tekst van artikel 145.24, § 1, vijfde lid, WIB 92 die bepaalt dat wanneer de belastingverminderingen voor energiebesparende maatregelen het maximumbedrag overschrijden, het overschot kan worden overgedragen op de drie belastbare tijdperken volgend op dat waarin de uitgaven werkelijk werden gedaan.

In geval van een gemeenschappelijke aanslag wordt de belastingvermindering, desgevallend beperkt tot het maximumbedrag, overeenkomstig artikel 145.24, § 1, zesde lid, WIB 92, onder de echtgenoten evenredig omgedeeld in functie van het belastbaar inkomen van elke echtgenoot ten opzichte van de som van de belastbare inkomsten van de beide echtgenoten. Geen enkele bepaling laat een overdracht van niet-aangerekende belastingverminderingen tussen echtgenoten toe.

Door bij de economische herstelwet van 27 maart 2009 de mogelijkheid van een overdracht van belastingverminderingen voor energiebesparende uitgaven in te voeren, heeft de wetgever willen vermijden dat belastingplichtigen worden "verplicht" om de uitgaven voor investeringen in bestaande woningen over verschillende jaren te spreiden om meer belastingvoordeel te hebben.

Die overdracht had evenwel niet tot doel om een oplossing te bieden voor de belastingplichtigen die omwille van het feit dat ze een laag inkomen hebben, niet het volledige voordeel van de belastingvermindering kunnen genieten. Om hieraan tegemoet te komen, heeft de wetgever de mogelijkheid ingevoerd om de belastingverminderingen voor de energiebesparende uitgaven die binnen een welbepaalde periode werden gedaan om te zetten in een terugbetaalbaar belastingkrediet in de mate dat ze geen aanleiding geven tot een daadwerkelijke vermindering van de belasting.

Deze omzetting van een belastingvermindering in een belastingkrediet is evenwel enkel mogelijk voor de uitgaven die door de wetgever als prioritair worden beschouwd, zoals het isoleren van daken en het plaatsen van dubbel glas. Investeringen in fotovoltaïsche zonnepanelen bijvoorbeeld hebben nooit tot die prioritaire uitgaven behoord.

De toepassing van de overdracht van de belastingvermindering voor energiebesparende uitgaven zoals die door het geachte lid wordt voorgesteld, gaat niet enkel in tegen de tekst van artikel 145.24, § 1, WIB 92, maar doet mijns inziens ook afbreuk aan de wil van de wetgever om enkel voor de investeringen die hij als prioritair beschouwt, steeds het volledige voordeel van de belastingvermindering te verlenen.

4. De publicaties voor het brede publiek die de FOD Financiën uitgeeft, lenen zich niet voor de behandeling van zeer specifieke gevallen, zoals datgene beoogd door het geachte lid.

De brochures, folders en FAQ's die de FOD Financiën heeft gepubliceerd inzake energiebesparende uitgaven, vermelden evenwel duidelijk het gegeven dat de belastingvermindering enkel kan worden omgezet in een terugbetaalbaar belastingkrediet, in geval van geen of onvoldoende belasting, voor de uitgaven die er worden opgesomd (hieronder komen de uitgaven voor zonne-energie niet voor).

Overigens stelt de administratieve circulaire nr. Ci.RH.331/605.767 (AAFisc 26/2011) van 16 mei 2011 uitdrukkelijk dat de uitgaven inzake geothermie en zonne-energie (installatie van een systeem van waterverwarming door middel van zonne-energie en fotovoltaïsche zonnecelpanelen) geen recht geven op een terugbetaalbaar belastingkrediet.

Vraag en antwoord gepubliceerd door de Kamer van volksvertegenwoordigers in het Bulletin van vragen en antwoorden · De vraag op de website van de Kamer