Inventaris. Stopzetting. Voorraad. Wettelijk vermoeden. Boekhouding · Parlementaire vragen

Naar de tekst
Juriel

56 14 februari 1978

Zoeken

Inventaris. Stopzetting. Voorraad. Wettelijk vermoeden. Boekhouding

https://juriel.be/nl/parlementaire-vragen/56-inventaris-stopzetting-voorraad-wettelijk-vermoeden-881b

Nummer
56
Datum
14 februari 1978

Over het document

Verzameling
Parlementaire vragen
Taal van de tekst
Nederlands

Tekst

9 paragrafen

Vr. en Antw., Senaat G.Z.1977-1978 blz. 948

Inventaris - Stopzetting - Voorraad - Wettelijk vermoeden - Boekhouding

VRAAG

Wanneer een zelfstandige handelaar geregeld zijn inventaris heeft bijgehouden en op een bepaald ogenblik beslist er geen meer op te maken, komen dan, voor het jaar van die stopzetting, de aankopen vermeerderd met de laatst vastgestelde jaarlijkse voorraad, automatisch in aanmerking, of oordeelt men dat die voorraad constant blijft, zodat alleen de aankopen van het jaar in aanmerking komen ? Het probleem rijst voor de inkomstenbelasting en de BTW.

Wat is de huidige administratieve rechtspraak ter zake ?

ANTWOORD

Inzake inkomstenbelastingen moet het gestelde probleem worden opgelost volgens de eerste manier die in de vraag werd overwogen (cf. nr. 36 van de aanschrijving 959 d.d. 21 januari 1972 van de administratie der Directe Belastingen -Bulletin der belastingen nr. 494 van maart 1972, blz. 424).

Inzake BTW worden, voor het regulariseren van het omzetcijfer van een belastingplichtige die ophoudt een inventaris bij te houden, niet alleen de inkopen van de onderzochte periode in aanmerking genomen maar eveneens de voorraad zoals die blijkt uit de laatste door de belastingplichtige opgestelde inventaris.

Die houding steunt op het in artikel 64 van het Wetboek van de belasting over de toegevoegde waarde ingeschreven vermoeden.

Aangehaalde teksten

1
WBTW art. 641 voorkomen