Vr. en Antw., Senaat
Bewijskracht van de boekhouding
VRAAG
In het antwoord d.d. 20 mei 1980 op een parlementaire vraag vanwege senator Peeters komt o.a. voor dat een boekhouding die o.m. bestaat uit het inschrijven iedere dag in een ontvangstenboek van het totaalbedrag van de kontante ontvangsten van deze dag met betrekking tot handelingen, verricht met partikulieren zonder uitreiking van fakturen, niet als voldoende bewijskracht kan worden aangemerkt. Ter zake is vereist dat de inschrijvingen van die handelingen in het ontvangstenboek gestaafd worden door:
- Hetzij de gedetailleerde vermelding van de verkochte goederen;
- Hetzij de overlegging van kasbescheiden die, volgens de werkzaamheid van de onderneming, kunnen bestaan uit telbanden van kasregisters, dubbels van kwijtingen, verkoopbons, enz.
Daarenboven wordt voor de toepassing van deze voorschriften geen onderscheid gemaakt tussen natuurlijke en rechtspersonen, zowel inzake BTW als inzake inkomstenbelasting.
Deze voorschriften nu zijn m.i. in tegenstelling met de voorschriften die gelden inzake BTW, en onlangs nog gepubliceerd werden in de BTW-Revue van maart 1980, op bladzijde 235, D, 4e lid: in het dagboek van ontvangsten dienen te worden ingeschreven, zo mogelijk per tarief, de dagontvangsten met betrekking tot niet-gefaktureerde handelingen; in beginsel wordt die inschrijving globaal gedaan, iedere dag, maar voor bepaalde handelingen moet ze afzonderlijk per handeling geschieden.
Deze laatste voorschriften zijn daarenboven in overeenstemming met het ter zake vigerende koninklijk besluit nr. 1, artikel 12, voorlaatste leden, waar voor een globale inschrijving dag per dag van het ontvangstentotaal alleen uitzondering gemaakt wordt voor ontvangsten, voortkomende van de levering van goederen waarvan de prijs, per in de handel gebruikelijke eenheid, meer bedraagt dan 5000 frank, inklusief BTW. Hetzelfde geldt voor de artikelen vermeld in het koninklijk besluit nr. 20, tabel C, nrs. II, III, 1, en IV.
Er wordt gevraagd:
1. Welke voorschriften primeren hier, die van het antwoord op de vraag van senator Peeters of die van de koninklijke besluiten nrs. 1 en 20 bij het BTW-Wetboek?
Is de inschrijving van het dagontvangsttotaal dag per dag voldoende om een boekhouding of de gevoerde boekhoudkundige geschriften inzake direkte belastingen en/of BTW waardeloos te verklaren, daar waar de BTW-voorschriften dit toelaten?
2. Gelden de voorschriften van voormelde koninklijke besluiten nrs. 1 en 20 nog altijd of moeten zij, in het licht van het antwoord op de vraag van senator Peeters , vervangen worden?
Een en ander is inderdaad van groot belang voor de kleine middenstanders, die om financiële en materiële redenen geen volledige dubbele boekhouding kunnen voeren, en uit de aard van hun handel met partikulieren aangewezen zijn op het inschrijven dag per dag van het dagontvangsttotaal (één enkel bedrag): o.a. leurders, bierkleinhandelaars, melkventers, frituurkraamuitbaters.
ANTWOORD
1. De voorschriften van het antwoord op de vraag nr. 131 van 3 april 1980 Z. Revue nr. 45. blz. 299, nr. 17.
(punt 3) van de heer Senator Peeters (bulletin van Vragen en Antwoorden, Senaat, 1979-1980, m. 33, blz. 1317) betreffende bewijskracht van de boekhouding; die van het artikel 12 van het koninklijk besluit nr. 1, van 23 juli 1969, behandelen de vorm van de boekhouding.
Gezien de verschillende probleemstelling kan geen van deze voorschriften de voorrang hebben boven de andere.
In de veronderstelling dat het geachte Lid in het tweede lid van punt 1 van zijn vraag bedoelt of in dergelijk geval een boekhouding en/of de gevoerde boekhoudkundige geschriften geen bewijskracht hebben, dient ontkennend te worden geantwoord.
Wel is het mogelijk dat de bewijskracht onvoldoende is indien de inschrijvingen niet gestaafd worden, op de wijze uiteengezet in het antwoord, punt 3, op hoger vermelde vraag van de heer Senator Peeters .
2. Het antwoord op de vraag nr. 131 van de heer Senator Peeters is niet tegenstrijdig met de bepalingen van het koninklijk besluit nr. 1 van 23 juli 1969, artikel 12. Noch de bepalingen van dit koninklijk besluit, noch die van het koninklijk besluit nr. 20 van 20 juli 1970 dienen te worden gewijzigd.
Aangehaalde referentie
Sneltoetsen
Niet actief tijdens het typen in een veld.
- Zoeken in de tekst
- /Ctrl/⌘ F
- Volgende / vorige treffer
- EnterShift Enter
- Volgende / vorige sectie
- JK
- Leesmodus
- L
- Een paneel sluiten
- Esc
De leesmodus verbergt de inhoudsopgave en de kerncijfers, vergroot de tekst en centreert de kolom.