Samengevoegde mondelinge parlementaire vragen nr. 55034090C van de heer Sander Loones en nr. 55034114C van de heer Wouter Vermeersch... d.d. 15.02.2023
Kamer, Integraal verslag – Commissie voor de Financiën, 2022-2023, CRIV 55 COM 1000 d.d. 15.02.2023, blz. 22
De hervorming van de fiscaliteit op de energiefactuur
De overwinstbelasting
Het nieuwe energieakkoord en de btw- en accijnshervorming
De verlenging van het sociaal tarief
De budgetneutraliteit van de btw-verlaging en de accijnsverhoging
De noodzaak om voorzichtig te budgetteren met betrekking tot het energieakkoord
Sander Loones: Mevrouw de staatssecretaris, ik ben tevreden dat u vanochtend hier beschikbaar bent, des te meer omdat er vannamiddag misschien al wordt gestemd over het wetsontwerp over de fiscaliteit op de energiefactuur. Ik hoef hier niet te herhalen wat daarover allemaal al werd gecommuniceerd de afgelopen weken. Mevrouw de staatssecretaris, hebt u, ten eerste, informatie over de cijfers en kunt u die bezorgen aan het Parlement? U beklemtoonde zopas dat de regering beslissingen neemt op basis van accurate informatie.
Wat weten we nu? Er is de becijfering door de FOD Financiën van 29 september 2022. Zult u die bezorgen aan het Parlement? Er was ook een aanvullende cijfernota van de FOD Financiën op 25 oktober. Zult u die ook bezorgen aan het Parlement? Op 25 januari was er de communicatie van de minister van Financiën. Ook de informatie daarover zouden we graag ontvangen. Op 6 februari heeft de regering beslist. Kunt u ons die nota’s bezorgen?
Intussen staat het wetsontwerp ter zake op de agenda van de namiddagvergadering. In de regering kan dat pas afgeklopt worden wanneer er daarover een advies is van de Inspectie van Financiën en van Begroting. Ten eerste, kunt u ons beide adviezen en alle achterliggende cijfergegevens bezorgen voor de bespreking in de commissie voor Financiën van deze namiddag?
Die vraag zullen we vanmiddag ook stellen aan de minister van Financiën. Maar het is passend om u als staatssecretaris voor Begroting als eerste de kans te geven om die informatie te bezorgen. Ik kan me eigenlijk ook niet inbeelden dat u die informatie niet zou geven.
Ten tweede heb ik een meer politieke vraag. Vorig weekend gaf u in een interessant interview aan De Tijd toe, terecht, dat de begroting nog altijd niet in veilige wateren zit en dat eventuele meevallers in de begroting niet onmiddellijk mogen worden uitgegeven. Er is nog altijd een bijzonder groot begrotingstekort en er moeten dus reserves ingebouwd worden. Verder in het interview verklaart u dat door de toevallige meevaller van de lagere energieprijzen een budgetneutrale oefening kan worden gemaakt. Die uitspraak verbaast mij, zeker in het licht van uw stelling dat men meevallers niet mag aangrijpen om meer uit te geven; die moeten dienen om het tekort te verkleinen.
Het klopt dus niet. Ofwel moeten, zoals u zegt, meevallers ingezet worden om het tekort te verkleinen en dan moeten u en de regering die lijn volgen. Ofwel doet u wat u aanklaagt en geeft u die meevallers onmiddellijk uit. Het kan maar een van de twee zijn. Helaas stel ik vast dat er voor de tweede mogelijkheid gekozen wordt, ook al hoop ik dat het de eerste mogelijkheid wordt, zodat het belang van de begroting iets centraler komt te staan.
Wouter Vermeersch: Mevrouw de staatssecretaris voor Begroting, volgens u heeft de energiehervorming waarover de regering het eens geraakt is, geen negatieve impact, een thema waarover we al urenlang hebben gediscussieerd. De hele operatie is, zo klonk het in uw persbericht, budgetneutraal te noemen. U concludeerde dat op basis van ramingen van de CREG en van de minister van Financiën. De CREG heeft ondertussen aan de pers echter al laten weten dat de cijfers alleszins niet van de CREG kwamen en die ook niet kan geven, terwijl de minister van Financiën, die aanvankelijk een gat van 761 miljoen euro zag, het nu heeft over een gat van 350 miljoen euro. Kortom, de partijen waarnaar u verwijst, spreken u eigenlijk tegen.
Het is wel duidelijk dat u en de eerste minister, de liberalen dus, blijven vasthouden aan budgetneutraliteit, terwijl iedereen intussen duidelijk inziet dat de hervorming niet budgetneutraal zal zijn. Zeker de socialisten en de groenen in de regering hebben nooit geloofd in budgetneutraliteit. Zij ontkennen die. Cd&v gelooft er evenmin in, want de minister van Financiën had het immers aanvankelijk over een gat van 761 miljoen euro en sinds vorige week over een gat van 350 miljoen euro.
Mevrouw de staatssecretaris, kunt u uw berekeningen inzake de budgetneutraliteit toelichten aan het Parlement? Wilt u de cijfers, die u hebt, eindelijk delen met het Parlement? De pers kreeg ze niet. De CREG ontkent ze. De minister van Financiën spreekt wat u zei tegen.
Geldt uw zogenaamde budgetneutraliteit ook voor het begrotingsjaar 2024? U hanteert immers een heel bijzondere rekenkunde. De btw-verlaging voor 2024 werd aanvankelijk geraamd op 1,7 miljard. Kunt u de berekening van de budgetneutraliteit voor 2024 even toelichten? Bent u bereid die cijfers met het Parlement te delen?
Staatssecretaris Alexia Bertrand: Mijnheer Loones, de regering bereikte op maandag 6 februari inderdaad een akkoord om enerzijds het uitgebreide sociaal tarief uit te faseren en vanaf het vierde kwartaal 2023 een structurele hervorming in werking te laten treden. Anderzijds besliste zij om vanaf 1 april 2023 het btw-tarief permanent te verlagen van 21 % naar 6 %. Daarbij wordt een accijnshervorming ingevoerd om de kosten van de btw-verlaging bij een referentieprijs gelijk aan het gemiddelde niveau in 2021 te compenseren. Voor het uitgebreide sociaal tarief werd bij de initiële begroting 2023 in 621 miljoen euro voorzien. De geraamde kosten waren gebaseerd op de marktverwachtingen in oktober 2022, toen heel hoge prijzen genoteerd werden op de groothandelsmarkten voor het eerste kwartaal van 2023, maar ook voor de volgende kwartalen. Ter referentie, het ging hierbij wat aardgas betreft om TTF-noteringen van boven de 200 euro per megawattuur.
De definitieve kosten voor het sociaal tarief worden voor het eerste kwartaal van 2023 echter gebaseerd op de noteringen op de groothandelsmarkt in december 2022. De gemiddelde notering op de gasmarkten bedroeg hierbij ongeveer 120 euro per megawattuur. De geactualiseerde kosten, zoals ingeschat door de CREG, bedragen aldus 297 miljoen euro.
Behoudens wijzigingen in het gebruikte volume ten opzichte van wat aangenomen werd, is er aldus een overschot te verwachten ten belope van ongeveer 324 miljoen euro. De kosten voor de uitfasering in het tweede en derde kwartaal werden berekend enerzijds op basis van de verwachte evolutie van de sociale tarieven voor elektriciteit en aardgas in kwestie en anderzijds op basis van de huidige relevante noteringen op de groothandelsmarkten. Die kosten worden geschat op 33,6 miljoen euro, berekend op basis van de ramingen van de CREG inzake de hypothetische handhaving van het uitgebreide sociaal tarief in Q2 2023 en Q3 2023, respectievelijk 63,6 miljoen euro en 24,6 miljoen euro.
De opbrengst van de accijnsverhoging wordt voor 2023 ingeschat op 544 miljoen euro. Hierbij wordt rekening gehouden met de verwachte lagere opbrengst als gevolg van het prijsbeschermingsmechanisme, waardoor bij hoge prijzen de accijnstarieven verlaagd worden. Ook wordt er rekening gehouden met het feit dat wat de rechthebbenden op een sociaal tarief betreft, de accijns pas toegepast wordt vanaf het derde kwartaal 2023. De opbrengst uit de accijnzen ligt, eenmaal in een wet ingeschreven, vast, behoudens wijzigingen in het gebruikte volume.
De geraamde kosten van de btw-verlaging hangen sterk af van het prijsniveau dat gehanteerd wordt. Daarnaast werd de kostprijs voor het eerste kwartaal van 2023 al opgenomen in de basis van de nota van het Monitoringcomité. De initiële begroting hield hier als dusdanig al rekening mee.
Naar aanleiding van de verlaging van de energieprijzen heeft de FOD Financiën een nieuwe raming uitgevoerd van de kosten van de btw-verlaging in het tweede kwartaal van 2023 tot en met het vierde kwartaal van 2023. Bij die raming werd rekening gehouden met toekomstige prijzen op basis van marktverwachtingen, dat wil zeggen noteringen op markten voor levering van energie in de toekomst. De geraamde kosten voor de btw-verlaging in de resterende maanden van 2023 bedragen aldus 893 miljoen euro. Door de btw-verlaging en de accijnshervorming wordt de keuze gemaakt om de opbrengsten van de overheid minder te laten afhangen van de energieprijzen. Er blijft immers nog steeds een btw-tarief van 6 %. De opbrengsten worden vastgehouden op het gemiddelde niveau van 2021, net omdat de opbrengsten uit de accijnzen gebaseerd zijn op het verlies aan btw-inkomsten bij een prijsniveau gelijk aan het gemiddelde niveau in 2021.
Op die manier wordt een katalysatoreffect vermeden, waarbij bij hoge prijzen de uiteindelijke prijs nog verhoogd wordt door de btw. Bij zeer hoge prijzen wordt door het prijsbeschermingsmechanisme ook het resterende katalysatoreffect bij een btw-tarief van 6 % geneutraliseerd.
Laat mij verder nog even terugkomen op de accijnsverlaging toegepast op motorbrandstoffen. Bij de initiële begroting werd rekening gehouden met een kost ten belope van 93 miljoen euro voor benzine. Door een prijsverlaging eind vorig jaar trad het cliquetmechanisme echter in werking, waardoor de accijnzen opnieuw stegen tot het niveau van voor maart 2022. De minderontvangsten ingevolge de accijnsverlaging op motorbrandstoffen, initieel ingeschat op 248 miljoen euro, kunnen dus herzien worden tot 155 miljoen euro.
Wat betreft de overwinstbelasting en de eventueel te herziene opbrengsten hiervan, gaat het om complexe berekeningen waarbij rekening moet worden gehouden met het aandeel van de elektriciteit die reeds verkocht is voordat het prijsniveau daalde. Een evaluatie van de verwachte opbrengsten van de overwinstbelasting is gepland bij de begrotingscontrole 2023. Hetzelfde geldt voor het klassieke sociaal tarief, waarvan kan worden verwacht dat bij de begrotingscontrole de kosten ervan neerwaarts kunnen worden herzien.
Verder werd er gevraagd naar voorbereidende nota’s en adviezen van de Inspectie van Financiën. Aangezien het hier gaat om beleidsvoorbereidende documenten, laat ik het aan de bevoegde ministers over om te beoordelen of en in welke vorm deze aan u zouden kunnen worden overgemaakt. Zoals u weet, heb ik noch toezicht op de CREG, noch op de FOD Financiën.
Sander Loones: Mevrouw de staatssecretaris, het is goed dat u wat in de pers verscheen ook hier in het Parlement vertelt. De cijfers die daar verschenen, zijn nu voor het eerst ook in dit Huis uitgesproken. U weet dat wij voorstander zijn van een andere volgorde, namelijk eerst het Parlement inlichten in plaats van ermee naar de pers te lopen. Het is goed dat u dit nu gedaan heeft. Natuurlijk kadert dit allemaal in de discussie over de vraag of dit nu budgetneutraal is of niet. In alle eerlijkheid, mij boeit dat niet enorm, maar ik weet dat u daar misschien anders over denkt.
Ik stel alleen vast dat er allerlei zaken bij worden gesleurd om te doen alsof het budgetneutraal is. Soit, jullie doen maar.
Wat mij veel meer boeit, is de vraag wat het potentiële budgettaire risico van deze hele hervorming is. Wat zal de impact zijn? Ik vind het jammer dat u voortdurend verwijst naar het feit dat er fiches en ramingen zijn. U zegt dat er complexe berekeningen zijn, maar dat u die niet aan het Parlement kan geven. U zou minstens uw eigen begrotingsadvies kunnen geven. U bent bevoegd voor de administratie Begroting. Dat is dus uw nota. Minstens die nota zou u aan het Parlement kunnen geven, maar zelfs dat doet u niet. U zegt hier wel dat de CREG en de FOD Financiën nota’s hebben. U communiceert daar voortdurend over. U geeft ze aan de journalisten, maar niet aan ons. Zelfs uw eigen begrotingsnota geeft u niet aan het Parlement.
Als u zelf parlementslid zou zijn geweest, zou u dat niet hebben geaccepteerd. U bent een zeer voornaam parlementslid geweest, namelijk fractieleider in Brussel, gespecialiseerd in begroting. Ik denk echt niet dat u dit zou hebben geaccepteerd in een dossier met een dermate grote budgettaire impact. Het Parlement is onvoldoende geïnformeerd. Daarom vraag ik u nogmaals of u minstens het advies van uw eigen administratie Begroting onmiddellijk aan het Parlement kunt bezorgen. Blijkbaar moeten we voor de andere adviezen niet bij u zijn. Dan wil ik u ook uitnodigen om daarover niet meer te communiceren. Laat die communicatie maar over aan anderen.
U hebt ook niet geantwoord op de fundamentele vraag wat u precies doet met die budgettaire meevallers. U zegt zelf dat het een meevaller is. U zegt dat de btw-inkomsten sterk afhangen van... Een overschot valt te verwachten als alles meevalt. U zegt bijna letterlijk dat het een meevaller is. In een interview zegt u echter dat we moeten oppassen met meevallers. We moeten die incalculeren en gebruiken om de begroting op orde te brengen. We mogen die middelen niet onmiddellijk uitgeven. U zegt letterlijk: “We maken in dit land vaak de fout dat meevallers direct worden aangegrepen om meer uit te geven.” U noemt het een fout om dat te doen. “Ik wil dat idee bestrijden, want het tekort is enorm. De onzekerheid is erg groot.”
Ik ben het voor 100 % eens met dat antwoord, maar waarom doet u het dan niet? Als er dan een meevaller is, calculeert u dat allemaal in, hoewel af te wachten valt of de energieprijzen op dit niveau zullen blijven, want experts twijfelen daar blijkbaar aan en u twijfelt er ook zelf aan, zo blijkt uit uw antwoord. Nogmaals, het is van twee zaken één: ofwel bent u de hoeder van de begroting, ofwel bent u de hoeder van de geloofwaardigheid van de premier. We weten sinds enkele maanden dat beide opties niet met elkaar sporen. We zullen dat debat nog wel een aantal keer voeren.
Mevrouw de staatssecretaris, ik zou in ieder geval met het oog op de bespreking in de commissie vanmiddag er nogmaals op willen aandringen om zeker het advies van uw eigen administratie van Begroting onmiddellijk aan het Parlement te bezorgen.
Wouter Vermeersch: Mevrouw de staatssecretaris, ik vind dit een hallucinant antwoord. Wij krijgen uw berekeningen niet en u blijft dus vasthouden aan die zogenaamde budgetneutraliteit. In alle ernst, ik vroeg mij vanochtend af of u het zou wagen om uw creatieve rekenmethode in deze commissie voor Financiën en Begroting te herhalen. U maakt ons dat natuurlijk niet allemaal wijs. Vriend en vijand kunnen vandaag vaststellen dat u zich bedient van bijzonder creatieve rekenkunde. De discussie ging over de combinatie van de btw-verlaging en de accijnsverhoging. Intussen sleurt u er allerlei zaken bij, cynisch genoeg de zogenaamde ‘opbrengsten’ van het afpakken van het sociaal tarief van meer dan 400.000 gezinnen en ook het afpakken en afbouwen van die hard bevochten accijnsverlaging aan de pomp. Al die zaken sleurt u erbij om uw rekensom te maken.
De ramingen die u hanteert zijn heel optimistisch. Bijvoorbeeld, de lagere prijzen voor energie zullen natuurlijk ook zorgen voor een lagere overwinstbelasting. U neemt dat effect, dat dan weer negatief is, niet mee in uw berekening. Op die manier kan natuurlijk elke beslissing als budgetneutraal bestempeld worden. Als men er maar voldoende zaken bij sleurt, kan men een rekensom maken die uiteindelijk op nul valt. Of het kan zoals u doet – cynisch, het is bijna komisch: u zegt dat er zelfs een overschot zal zijn van 34 miljoen euro. Dat zei u in de pers.
Uw voorganger, mevrouw De Bleeker, verzette zich duidelijk tegen dergelijke creatieve rekenkunde en al te optimistische scenario’s. Dat heeft haar uiteindelijk haar staatssecretarisschap gekost. Ik stel vast dat u lustig meedoet met de rest van de regering en dus meegaat in die misleidende rekenmethode en verbloemde ramingen.
De lamlendige begroting in dit land verdient beter, maar u bent daartoe duidelijk niet bereid.
Staatssecretaris Alexia Bertrand: Mevrouw de voorzitster, mijnheer Loones, u citeerde mij. Ik blijf bij die verklaring: wij geven hier niet meer uit. Er was een notificatie over de btw-verlaging en wij voeren dat gewoon uit.
Ik stel vast dat het gecompenseerd is. De energieprijzen dalen immers, dat weet u ook, de voorschotfacturen zijn ondertussen ook gedaald voor heel wat mensen. Dit maakt deel uit van hetzelfde verhaal, namelijk de daling van de energieprijzen. Het hangt allemaal samen. Het gaat niet over creativiteit of meevallers die ruimte creëren om meer uitgaven te doen. Het is gewoon hetzelfde verhaal. Ik stel alleen maar vast op basis van objectieve cijfers dat het gecompenseerd is.
Sander Loones: Mevrouw de staatssecretaris, eigenlijk boeit mij dat niet, er is toch niemand die gelooft dat de maatregel budgetneutraal is. Uiteindelijk zal iedereen bij de begrotingscontrole ook wel zien dat het niet klopt. Dat boeit mij dus niet zozeer.
Het is dan ook jammer dat u nogmaals het woord nam om dat te vertellen en niet om te melden dat u de fiche die de begrotingsadministratie heeft gemaakt aan het Parlement zal bezorgen. Waarom doet u dat niet? Waarom bezorgt u ons ook niet al die andere fiches? U kan hier toch niet stellen dat u de hoeder van de begroting bent en uw riedels over begrotingsneutraliteit aframmelen, maar dan zelfs de fiches niet aan het Parlement bezorgen? Dat gaat toch niet? Als parlementslid zou u dat toch nooit geaccepteerd hebben? Als u het woord neemt, gebruik dat dan alstublieft om te melden dat u ons die informatie alsnog zal bezorgen.
Mevrouw de voorzitster, mevrouw de staatssecretaris, dat gezegd zijnde, is het mogelijk om op behoorlijk korte termijn een volgende vergadering van de commissie voor Begroting in te plannen? Wij weten immers dat er een begrotingscontrole komt in maart-april 2023. Het zou interessant zijn om deze vragen beantwoord te zien vooraleer de begrotingscontrole wordt gestart.
Wouter Vermeersch: Mevrouw de staatssecretaris, u hebt nog gereageerd inzake de budgetneutraliteit. U verwees ook naar de notificatie. Het moet echter voor iedereen in het Parlement duidelijk zijn dat alleen de eerste minister de notificatie heeft geïnterpreteerd als budgetneutraal, hoewel alle coalitiepartners – de socialisten, de groenen en de christendemocraten – de budgetneutraliteit van de notificatie altijd hebben ontkend. Tot vandaag doet de minister van Financiën dat nog steeds. Hij gaf aanvankelijk aan dat de impact 761 miljoen euro zou bedragen. Ondertussen stelt hij dat er een impact van 350 miljoen euro zal zijn.
U bent intussen een trouwe partijsoldaat van Open Vld geworden. U zet uw eerste minister uit de wind. De realiteit is echter dat het voor iedereen die de cijfers bekijkt, of dat al in december 2022 heeft gedaan, duidelijk was dat dit allesbehalve budgetneutraal zou zijn.
Dat was trouwens ook duidelijk voor uw voorganger. Mevrouw De Bleeker heeft de budgetneutraliteit altijd ontkend. Dat heeft haar de kop gekost. Verontschuldig mij voor het woord, maar dat is nu eenmaal het spreekwoord. Het is dus werkelijk hallucinant dat u uw verhaaltje blijft ophangen dat totaal ongeloofwaardig is. Ik stel mij daar dan ook vragen bij. Wanneer u dergelijke rekensommen naar het Parlement brengt en ze hier durft te herhalen, hoe moeten wij u dan geloofwaardig achten wat betreft de begroting? U spiegelt het Parlement immers zaken voor die compleet naast de kwestie zijn.
Het afpakken van het sociaal tarief, het afpakken van de accijnsverlaging aan de pomp en de negatieve effecten zoals de overwinstbelasting die u niet in mindering brengt, dat sleurt u er allemaal bij. Als we de komende maanden op deze manier moeten werken, voorspel ik weinig goeds.
Aangehaalde referentie
Sneltoetsen
Niet actief tijdens het typen in een veld.
- Zoeken in de tekst
- /Ctrl/⌘ F
- Volgende / vorige treffer
- EnterShift Enter
- Volgende / vorige sectie
- JK
- Leesmodus
- L
- Een paneel sluiten
- Esc
De leesmodus verbergt de inhoudsopgave en de kerncijfers, vergroot de tekst en centreert de kolom.