De aanpassingen voor meer rechtszekerheid i.h.k.v. het systeem van de voorafgaande beslissingen · Parlementaire vragen

Naar de tekst
Juriel

55014665C 10 maart 2021

Zoeken

De aanpassingen voor meer rechtszekerheid i.h.k.v. het systeem van de voorafgaande beslissingenDe aanpassingen voor meer rechtszekerheid i.h.k.v. het systeem van de voorafgaande beslissingen - De onafhankelijke werking van de Dienst Voorafgaande Beslissingen en de Fiscale Bemiddelingsdienst - De hervorming van de Dienst Voorafgaande Beslissingen in fiscale zaken (Ruling)

https://juriel.be/nl/parlementaire-vragen/55014665c-aanpassingen-meer-rechtszekerheid-systeem-beslissingen-303f

Nummer
55014665C
Datum
10 maart 2021

Over het document

Verzameling
Parlementaire vragen
Taal van de tekst
Nederlands

Tekst

30 paragrafen

Mondelinge parlementaire vragen nr. 55014665C van de heer Kurt Ravyts, nr. 55015018C van de heer Joy Donné en nr. 55015116C van de heer Marco Van Hees d.d. 10.03.2021

Kamer, Integraal Verslag – Commissie voor de Financiën, 2020-2021, CRIV 55 COM 406 d.d. 10.03.2021, blz. 27

De aanpassingen voor meer rechtszekerheid i.h.k.v. het systeem van de voorafgaande beslissingen

De onafhankelijke werking van de Dienst Voorafgaande Beslissingen en de Fiscale Bemiddelingsdienst

De hervorming van de Dienst Voorafgaande Beslissingen in fiscale zaken (Ruling)

VRAAG

(van de heer Ravyts)

Mevrouw de voorzitster, mijnheer de minister, de robuustheid van rulings is meer dan ooit aan de orde. Morgen stemt de Kamer trouwens over de online publicatie van rulings. Nu gaat het, volgens mij, over iets dat nog belangrijker is, namelijk: meer rechtszekerheid.

Op 13 januari ondervroeg ik u reeds over het gegeven dat kan worden vastgesteld dat steeds meer fiscale controleurs moeilijker rekening houden met voorafgaande fiscale beslissingen, fiscale rulings, omdat zij niet akkoord gaan met de manier waarop de Dienst Voorafgaande Beslissingen de van toepassing zijnde wettelijke bepalingen interpreteert. Voor de rechtszekerheid van de aanvragers is het in eerste instantie de verantwoordelijkheid van de rulingdienst om daarvoor bij het afleveren van een ruling te zorgen. Ook de belastingcontroleurs zouden daarmee omzichtig moeten omspringen. Daarmee citeer ik letterlijk uit uw antwoord van januari.

U werkt aan wettelijke en organisatorische aanpassingen. Aangezien de pers vele wegen kent, stond de tekst van uw aanpassingen vorige week wijd verspreid te lezen. Volgens die teksten wordt de rulingdienst een nieuwe directie onder het hoofdbestuur van Financiën in plaats van een volledig autonome dienst. Daarop kropen enkele mensen onmiddellijk in de pen om onrust te creëren. Zij hadden het zelfs over een overleg in een black box met de adviserende diensten van de FOD, waartoe de BBI niet behoort. Volgens u zouden door die indeling de rulings robuuster zijn en minder makkelijk onder vuur van de BBI komen te liggen. De criticasters stellen dat dit overleg nu ook al bestaat, middels het niet-openbaar protocol. Aldus zal die organisatorische aanpassing, aldus de criticasters, de BBI niet tegenhouden.

Het debat woedt dus al volop in de pers, maar zal uiteraard ook in onze commissie voor Financiën nog worden gevoerd, wanneer u een wetsontwerp of wetswijzigingen aan de Kamer voorlegt.

Mijnheer de minister, mogelijk kunt u al dan niet reeds enkele zaken bevestigen over de wettelijke en organisatorische aanpassingen die u wil voorstellen. Hoever staat het overigens met de werkzaamheden ter zake?

VRAAG

(van de heer Donné)

De Dienst Voorafgaande Beslissingen in fiscale zaken en de fiscale bemiddelingsdienst werden opgericht als een autonome dienst binnen de FOD Financiën die onafhankelijk werken van de Algemene Administraties. In de Tijd van 2 maart maakte u uw plannen bekend om beide diensten onder de centrale administratie van Financiën te willen brengen. Op die manier wil u blijkbaar vermijden dat er een verschillende interpretatie wordt geven aan de belastingwet. Dit is vooral storend wanneer de rechtszekerheid van een voorafgaande beslissingen in vraag wordt gesteld.

Er werd een protocol afgesloten tussen de rulingdienst en de taxatiediensten dat als een operationele dienst oordeelt dat een ruling niet kan worden gehonoreerd het dossier zal worden voorgelegd aan de centrale diensten die overleg zullen plegen met de DVB voordat de beslissing ter discussie wordt gesteld ten aanzien van de belastingplichtige.

Waarom werkt het protocol niet?

Waarom zou een discussie binnen het directiecomité over concrete fiscale dossiers beter werken dan het protocol?

Als men de rechtspraak er op naslaat, stelt men vast dat het meermaals gebeurt dat een fiscaal inspecteur in concrete dossiers niet alleen rulings maar ook administratieve beslissingen of circulaires naast zich neerlegt omdat zij naar zijn mening strijdig zijn met de wet. Als het directiecomité over de interpretatie van de wet niet bij consensus beslist, welke garantie is er dan dat een inspecteur die beslissing volgt?

Als elke rulingaanvraag eerst moet worden voorgelegd aan de centrale administratie, waar is dan nog het autonoom karakter van de Rulingdienst? Is het de bedoeling om een analoge procedure toe te passen ten aanzien van de fiscale bemiddelingdienst? Gaat dit niet tot een grote vertraging leiden bij het nemen van een voorafgaande beslissing of het opmaken van een bemiddelingsverslag?

Personeelsleden en het college van de DVB en de fiscale bemiddelingsdienst worden aangeduid voor een periode van vijf jaar. Wordt de wijze van aanduiding en de termijn behouden? Hij is immers een zekere garantie op onafhankelijkheid van deze diensten.

VRAAG

(van de heer Van Hees)

Naar aanleiding van de meningsverschillen tussen de Dienst Voorafgaande Beslissingen (DVB) en de BBI over de dossiers AllSeas en AB InBev zou de regering het systeem van de fiscale rulings willen herzien. De BBI twijfelt over de wettigheid van de door die bedrijven verkregen rulings.

U zou van plan zijn de DVB, die thans een autonome dienst is, om te vormen tot een directie van de FOD Financiën. Bovendien zou de rulingdienst zich bij de ontvangst van een dossier binnen een termijn van een maand tot de directie generaal van de FOD moeten wenden. Nadien zou de BBI de ruling niet meer ter discussie kunnen stellen.

Staan alle regeringspartners achter dat plan? Was de ruling voor AllSeas en AB InBev volgens u in overeenstemming met de wet? Is het zo dat als een ruling onwettig is, geen enkele belastingcontroleur zich daar in het hervormde systeem meer zou kunnen tegen verzetten? Als er daarover onenigheid is bij de FOD Financiën, wie hakt dan de knoop door? Zou de BBI nog interveniëren in het proces dat u voorstelt? Is het realistisch dat alle rulings binnen een termijn van een maand gecontroleerd worden, boven op het werk van de DVB? Wat zou er gebeuren als het groene licht niet gegeven wordt binnen een termijn van een maand?

ANTWOORD

(van Minister Vincent Van Peteghem)

Mevrouw de voorzitter, geachte leden, om de initiële doelstelling van de werkgever te versterken en om meningsverschillen tussen de operationele diensten en de Dienst Voorafgaande Beslissingen (DVB) in fiscale zaken over de uitvoering van voorafgaande beslissingen in de toekomst te vermijden, is het inderdaad de bedoeling het huidige organisatiemodel te moderniseren. De modernisering die momenteel binnen de regering wordt besproken, beoogt een nog nauwere samenwerking tussen de DVB en de fiscale administraties. Door het overleg voorafgaand aan het nemen van de ruling te versterken, zullen in de toekomst meningsverschillen vermeden worden en zal de rechtzekerheid gewaarborgd zijn.

Het is geenszins de bedoeling om afbreuk te doen aan de werking en de autonomie van de DVB of de Fiscale Bemiddelingsdienst, wel willen we het beheer unificeren. Ik zal niet in details treden, en zal evenmin ingaan op individuele dossiers.

CONCLUSIES

Kurt Ravyts (VB): Ik ga uiteraard akkoord met dat laatste. We moeten het voorlopig doen met unicité de gestion. Het is blijkbaar nog altijd in volle bespreking. Wij willen vooral rond de rechtszekerheid voor die ondernemingen werken. Er bestaat toch nogal wat commotie rond. We volgen het verder op.

Joy Donné (N-VA): Wij kijken ook met veel belangstelling uit naar de teksten en de hoorzitting die in april georganiseerd is rond dit thema.

Marco Van Hees (PVDA-PTB): Wat de twee individuele dossiers betreft, die over gigantische bedragen gaan, is het misplaatst om zich te verschuilen achter het beroepsgeheim om niets te hoeven uit te leggen. Er moet transparantie zijn over de beslissingen van de fiscus en de wettelijkheid van bepaalde fiscale constructies.