VRAAG
In het btw-Wetboek zijn er richtlijnen voor onder andere duivensport, paardensport en schaaksport. Deze worden als sport erkend en kunnen genieten van de vrijstelling van artikel 44, §2, 3° van het btw-Wetboek.
Momenteel wordt de hondensport niet erkend als sport. Bloso erkent deze wel als sport. Vandaag de dag is het echter zo dat hondenclubactiviteiten niet enkel de opleiding van de hond en de begeleider tot doel hebben. Zo wordt er elk jaar een wereldkampioenschap africhtingssport georganiseerd voor Duitse herders waar er meerdere malen de wereldtitel gewonnen is.
1. De evolutie in de hondensport is een feit. Het gaat veel verder dan de hond te laten gehoorzamen. Denken we maar aan agilitywedstrijden, doggydancing, enz. Staat u achter de stelling dat de hondensport evolueert, en niet meer mag gezien worden als vereniging met enkel het doel om de hond te laten gehoorzamen?
2. Ziet u een mogelijkheid om de door Bloso erkende hondensport ook van de vrijstelling te kunnen laten genieten? Indien ja, wanneer kunnen we deze erkenning verwachten? Indien niet, waarom niet?
ANTWOORD
van de minister van Financiën, belast met Bestrijding van de fiscale fraude van 08.01.2016,
Overeenkomstig artikel 44, § 2, 3°, van het BTW-wetboek zijn vrijgesteld van de btw de diensten verstrekt door exploitanten van sportinrichtingen en inrichtingen voor lichamelijke opvoeding, indien:
1° die exploitanten en inrichtingen instellingen zijn die geen winstoogmerk hebben én
2° zij de ontvangsten uit de vrijgestelde werkzaamheden uitsluitend gebruiken tot dekking van de kosten ervan.
Volgens deze bepaling, die de uitvoering is van article 132, lid 1, m) van de btw-richtlijn, geldt de vrijstelling enkel voor personen die aan sport of lichamelijke opvoeding doen. Dit betekent dat het dominante aspect voor de beoefening van sport of lichamelijke opvoeding aanwezig moet zijn in hoofde van een persoon.
Overeenkomstig de vaste rechtspraak van het Hof van Justitie moeten de voorwaarden van de vrijstelling strikt worden geïnterpreteerd.
Bijgevolg geldt de vrijstelling in principe niet voor de hondensport.
Als een hondensportvereniging evenwel van mening is dat, gelet op de concrete feitelijke omstandigheden, het vooral de begeleider van de hond is die aan sport of lichamelijke opvoeding doet, dan kan het dossier voor beoordeling worden voorgelegd aan de centrale btw-diensten van mijn administratie.
Het is in elk geval zo dat vanaf 1 januari 2016 de drempel voor de toepassing van de vrijstellingsregeling van btw in het voordeel van kleine ondernemingen wordt verhoogd tot 25.000 euro en dat vermoedelijk veel hondensportverenigingen hiervoor in aanmerking zullen komen.