Vr. en Antw., Senaat
Uitvoering van een onroerend werk, door een belastingplichtige, voor eigen behoeften - Landbouwer
VRAAG
Toepassing van artikel 19 van het BTW-Wetboek.
Artikel 19, 2°. Met het verrichten van diensten zijn gelijkgesteld: de uitvoering door een belastingplichtige, handelend voor eigen behoeften, van een werk in onroerende staat, met uitzondering van onderhouds- en herstellingswerken en werk dat bestaat in de oprichting van een gebouw door een in artikel 8, § 1, bedoelde belastingplichtige.
Praktisch doet zich het volgend geval veel voor:
Een landbouwer onderworpen aan de bijzondere regeling bouwt een varkensstal voor zijn eigen bedrijf.
Het metselwerk, het dakwerk verricht hij zelf met behulp ten kostelozen titel van familieleden.
Hij koopt de materialen en die worden gefactureerd tegen tarief 18 pct.
Bijvoorbeeld: 300.000 F à 18 pct. = 54.000 F.
Bij voltooiing wordt de bouwwaarde van de stal geschat op 500.000 F. Hoeveel BTW is de landbouwer verschuldigd op deze stal? Hoe dient de verschuldigde BTW te worden gestort aan de schatkist?
ANTWOORD
Gelet op de aard van de bijzondere landbouwregeling ingesteld door artikel 57 van het Wetboek van de belasting over de toegevoegde waarde, werd aangenomen dat artikel 19, 2°, van dat Wetboek niet hoeft te worden toegepast ten aanzien van aan die regeling onderworpen belastingplichtigen.
Aangehaalde referentie
Sneltoetsen
Niet actief tijdens het typen in een veld.
- Zoeken in de tekst
- /Ctrl/⌘ F
- Volgende / vorige treffer
- EnterShift Enter
- Volgende / vorige sectie
- JK
- Leesmodus
- L
- Een paneel sluiten
- Esc
De leesmodus verbergt de inhoudsopgave en de kerncijfers, vergroot de tekst en centreert de kolom.