Vr. en Antw., Kamer, 2004-2005, nr. 61, blz. 9758
Combinatie-tickets - Tarief
VRAAG
Combinatie-tickets worden soms verkocht waarbij enerzijds de koper toegang heeft tot het parkeren, en anderzijds de koper competitiewedstrijden kan bijwonen.
De verkoper hanteert hiervoor verschillende BTW-tarieven. Recht op toegang is onderworpen aan het BTW-tarief van 6%. Het toegangsrecht voor betalend parkeren is 21 % met toepassing van artikel 37 van het BTW-wetboek.
Kan uw administratie meedelen of de belastingplichtige echter op het totaalbedrag 6% mag toepassen gezien het bedrag voor de parkingplaats miniem is ten opzichte van het recht op toegang voor de voetbalwedstrijd, of moet een uitsplitsing gemaakt worden tussen de bedragen voor de wedstrijd (6%) en het parkeren (21%)?
ANTWOORD
(vice-eerste minister en minister van Financiën, 13.01.2005)
Terzake wordt blijkbaar het geval beoogd waarin voor een enige prijs een recht op toegang tot een inrichting voor cultuur, sport of vermaak in de zin van artikel 18, § 1, tweede lid, 12°, van het BTW-Wetboek wordt verleend en een stalling voor rijtuigen als bedoeld in artikel 18, § 1, tweede lid, 8°, van hetzelfde Wetboek ter beschikking wordt gesteld.
In dat geval waarin diensten, die het voorwerp uitmaken van een gezamenlijk aanbod tegen een enige prijs, aan verschillende tarieven zijn onderworpen, moet die enige prijs voor de heffing van de BTW worden uitgesplitst. Gebeurt die uitsplitsing niet, dan is de heffing slechts regelmatig indien het geheel wordt belast tegen het tarief dat geldt voor het deel van het geheel dat aan het hoogste tarief is onderworpen, in casu 21%.