Uitvoering van een onroerend werk, door een belastingplichtige, voor eigen behoeften · Parlementaire vragen

Naar de tekst
Juriel

53 28 maart 1972

Zoeken

Uitvoering van een onroerend werk, door een belastingplichtige, voor eigen behoeften

https://juriel.be/nl/parlementaire-vragen/53-uitvoering-onroerend-werk-belastingplichtige-eigen-0091

Nummer
53
Datum
28 maart 1972

Over het document

Verzameling
Parlementaire vragen
Taal van de tekst
Nederlands

Tekst

14 paragrafen

Vr. en Antw., Senaat

Uitvoering van een onroerend werk, door een belastingplichtige, voor eigen behoeften

VRAAG

Toepassing van artikel 19, 2° van het BTW-Wetboek - Uitvoering van een onroerend werk door een belastingplichtige voor eigen behoeften.

Krachtens artikel 19, 2°, van het BTW-Wetboek wordt met het verrichten van diensten gelijkgesteld de uitvoering van een onroerend werk door een belastingplichtige voor eigen behoeften.

Aldus moet een aannemer die zelf een privé-woning voor zichzelf opricht of laat oprichten door zijn personeel de BTW tegen het tarief van 14 pct. voldoen op het ogenblik dat het werk af is en dit op basis van de normale waarde van het werk en de materialen zoals die hem normaal door een derde zou worden gefactureerd. In verband met deze bepaling heb ik de eer de geachte Minister volgende toelichtingen te vragen:

1. Blijft deze belastingregeling toepasselijk indien de betrokken aannemer zelf het gebouw opricht buiten de normale werkuren b.v. op de zaterdagen en feestdagen en hij de op de aankoop van zijn materialen betaalde BTW niet in aftrekking heeft gebracht?

2. Kan de heffingsbasis verminderd worden wegens het feit dat deze aannemer kosteloze hulp ontving b.v. van zijn kinderen? Is de omstandigheid dat deze kinderen tevens als loontrekkende ingeschreven zijn bij de vader van aard om de oplossing te beÏnvloeden in de veronderstelling dat de hulp buiten de normale werkuren verstrekt wordt?

3. Indien het bedrijf wordt uitgebaat in de vorm van een P.V.B.A. meen ik dat artikel 19, 2°, niet toepasselijk is in het geval dat de zaakvoerder - die niet-belastingplichtige is - zelf of met de kosteloze hulp van anderen voor eigen rekening een privé-woning opricht.

ANTWOORD

Wat de toepassing van artikel 19, 2°, van het BTW-Wetboek betreft ten aanzien van een aannemer van algemene bouwwerken luidt het antwoord op de door het geachte lid gestelde vragen als volgt

1. ja:

2. neen;

3. artikel 19, 2°, is uiteraard niet van toepassing op niet-belastingplichtigen.

Aangehaalde teksten

1
WBTW art. 193 voorkomens