Aftrek BTW. Kosten participaties · Parlementaire vragen

Naar de tekst
Juriel

525 29 november 2000

Zoeken

Aftrek BTW. Kosten participaties

https://juriel.be/nl/parlementaire-vragen/525-aftrek-btw-kosten-participaties-desimpel-a204

Nummer
525
Datum
29 november 2000

Over het document

Verzameling
Parlementaire vragen
Taal van de tekst
Nederlands

Tekst

12 paragrafen

Vr. en Antw., Kamer, 2000-2001, nr. 75, blz. 8464-8465

BTW-Revue nr. 151, blz. 484

De Fiscale Koerier 2001/294

Aftrek BTW - Kosten participaties

VRAAG

1. Is de BTW met betrekking tot kosten die gemaakt worden voor het verwerven van een participatie in een onderneming aftrekbaar, en dit ongeacht de activiteit van de onderneming die de participatie verwerft en ongeacht het gebruik dat van de participatie wordt gemaakt?

Meer bepaald wordt gedacht aan de honoraria van buitenlandse advocaten, kosten voor controle, kosten met betrekking tot externe audits en dergelijke meer.

2. Kan uw administratie tevens meedelen of de BTW aftrekbaar is voor de verkrijger indien het nemen van de participatie niet gericht is op het verkrijgen van de dividenden, maar wel op het creëren van een zeer nauwe industriële samenwerking?

ANTWOORD

Op de belasting die hij verschuldigd is, mag een belastingplichtige in aftrek brengen de belasting geheven van de aan hem geleverde goederen en verleende diensten, van de door hem ingevoerde goederen en de door hem verrichte intracommunautaire verwervingen van goederen, in de mate dat hij die goederen en diensten gebruikt voor het verrichten van handelingen beoogd in artikel 45, § 1, van het BTW-Wetboek.

Uit het arrest van het Hof van Justitie van de Europese Gemeenschappen van 6 april 1995, in de zaak C-4/94, BLP Group plc tegen Commissioners of Customs and Excise, dient te worden afgeleid dat de woorden "voor het verrichten van", die voorkomen in voormeld artikel 45, § 1, dat de omzetting is in Belgisch recht van artikel 17, paragraaf 2, van de zesde richtlijn van 17 mei 1977 (77/388/EEG), aangeven dat om het recht op aftrek mogelijk te maken, er een rechtstreeks en onmiddellijk verband moet bestaan tussen de inkomende handelingen waarop een voorbelasting drukt en een welbepaalde uitgaande handeling die onderworpen is aan de belasting, ongeacht het uiteindelijke doel dat in dat verband door de belastingplichtige wordt beoogd.

Rekening houdend met het feit dat de inning van dividenden en de wederverkoop van deelnemingen handelingen zijn, respectievelijk, buiten de werkingssfeer van de BTW en vrijgesteld van de belasting krachtens artikel 44, § 3, 10°, van het BTW-Wetboek, is de belasting geheven van de kosten die verband houden met de verwerving van deelnemingen dientengevolge in de regel niet aftrekbaar.

Aangehaalde teksten

4