Vragen en Antwoorden, kamer 2011-2012, nr. 43 d.d. 17.10.2011, blz. 15
Bewijs
Elektriciteitsnet
Natuurlijke verliezen
VRAAG
Volgens de wet van Ohm (een empirische natuurkundige wet, genoemd naar de Duitse natuurkundige Georg Ohm, die een relatie legt tussen spanning, weerstand en stroomsterkte, bron: Wikipedia) is de weerstand van een geleider omgekeerd evenredig met de doorsnede ervan, en recht evenredig met de lengte en een weerstandscoëfficiënt afhankelijk van de materiaalsoort. Het vermogen door dat door deze geleider opgenomen wordt, is recht evenredig met de weerstand en het kwadraat van de stroom door deze geleider. Dit vermogen wordt omgezet in warmte en wordt aldus als verlies beschouwd. Bij een driefasig hoogspanningstransport van elektriciteit leidt de wet van Ohm tot een verlies van 15% à 20% per 1.000 km naargelang de dikte van koperen kabels.
1. Aangezien elektriciteit voor wat betreft de btw als een lichamelijk goed wordt beschouwd, geldt de wet van Ohm dan als een natuurlijk tegenbewijs van het wettelijk vermoeden dat de elektriciteit omgezet in warmte - waardoor die niet meer aanwezig is in enige andere inrichting waarover de leverancier in België beschikt - niet geleverd werd met toepassing van de btw?
2. Indien een hoeveelheid elektriciteit door trading meermaals wordt verkocht, welke belastingplichtige kan dit natuurlijk tegenbewijs inroepen?
3. Wanneer elektriciteit uit een derde land wordt ingevoerd, leidt de omzetting van de elektriciteit in warmte door de wet van Ohm in een onttrekking van het goed aan een douaneregeling?
ANTWOORD
Voorafgaande opmerkingen Omzetting van elektriciteit in warmte gebeurt niet door de Wet van Ohm maar wel door de wet van Joule (cfr. infra). De Wet van Ohm luidt als volgt: "De stroomsterkte door een geleider is recht evenredig met het potentiaalverschil (of spanning) tussen de uiteinden". Het verband tussen spanning en stroomsterkte wordt vastgelegd door de elektrische weerstand en het geleidingsvermogen is hiermee omgekeerd evenredig. Geleiders zijn materialen of voorwerpen die elektrische stroom doorlaten en een lage weerstand vertonen. Alle metalen zijn geleiders, waarvan koper en zilver de beste zijn, dit wil zeggen met de kleinste soortelijke weerstand. De omzetting van elektriciteit in warmte wordt het joule-effect genoemd: een geleider waar een elektrische stroom doorheen vloeit, wordt warm. De hoeveelheid warmte die wordt voortgebracht door een elektrische stroom in een geleider hangt af van:
- de stroomsterkte;
- de aard van de geleider, dus van de weerstand;
- de duur van de stroomdoorgang (tijd);
- de dikte van de kabels en
- de lengte van de kabels.
De warmteproductie (= energie-verlies in de geleider) ten gevolge van een stroom die door een geleider loopt, kan berekend worden met de Wet van Joule, die het verband weergeeft tussen de hoeveelheid warmte die in een bepaalde tijd in een weerstand wordt ontwikkeld door een elektrische stroom.
Vragen nrs. 1 en 2
Overeenkomstig artikel 64, § 1, van het BTW-Wetboek wordt hij die goederen verkrijgt of produceert om ze te verkopen, behoudens tegenbewijs geacht de door hem verkregen of geproduceerde goederen te hebben geleverd onder voorwaarden waaronder de belasting opeisbaar wordt. Elke belastingplichtige die beweert verlies te hebben geleden kan dit bewijs leveren door alle middelen van gemeen recht, uitgezonderd de eed. Zo zal hij door middel van contracten, facturen, betalingen of andere bewijskrachtige stukken de juiste geleverde hoeveelheid elektriciteit kunnen aantonen. Zo uit de voorgelegde bewijzen blijkt dat er bij de levering van de elektriciteit een verlies werd geleden ten opzichte van de hoeveelheid die werd gefactureerd, zal hiermee rekening worden gehouden bij toepassing van het voormelde wettelijke vermoeden. Er moet wel worden op gewezen dat naast het bewijs van het bestaan van dit verlies (afgelegde trajecten, enz.) tevens het bewijs wie in de keten van opeenvolgende transacties dit verlies heeft geleden, moet worden geleverd. Bovendien heeft een verlies in hoeveelheid geen invloed op de maatstaf van heffing tussen contracterende partijen, aangezien deze in principe gevormd wordt door de betaalde prijs (artikel 26, W BTW).
Vraag nr. 3
1) Invoer
Wat de invoerrechten betreft, wordt een nultarief toegepast.
2) BTW De wet van 5 december 2004 tot wijziging van het Wetboek van de belasting over de toegevoegde waarde voerde vanaf 1 januari 2005 de vrijstelling van de btw in voor de invoer van elektriciteit via het elektriciteitsnet, voor zover de geadresseerde bij invoer de elektriciteit heeft verkregen ingevolge de levering van die goederen aan hem. Deze vrijstelling van btw is niet van toepassing op elektrische energie die anders dan via het elektriciteitsnet zou worden ingevoerd. Voor de invoer zijn de gewone formaliteiten van toepassing met dien verstande dat in vak 44 van de aangifte ten verbruik de vermelding "Vrijstelling van artikel 40, § 1, 3°, van het BTW-Wetboek" moet worden aangebracht. De geadresseerde moet een aankoop-factuur kunnen voorleggen als bewijs dat hij de goederen heeft aangekocht en dus niet zelf heeft geproduceerd.
3) Natuurlijke verliezen
Deze natuurlijke verliezen dienen niet beschouwd te worden als een onttrekking aan het douanetoezicht voor zover zij beantwoorden aan de bepalingen van de artikelen 862 en 863 van de toepassingsbepalingen van het Communautair douanewetboek. Het artikel 862 luidt als volgt:
1. Voor de toepassing van artikel 206 van het Wetboek houden de douaneautoriteiten, op verzoek van de belanghebbende, rekening met ontbrekende hoeveelheden voor zover deze aantoont dat de vastgestelde verliezen enkel voortvloeien uit oorzaken die verband houden met de aard van het betrokken goed en dat er in dit verband geen sprake is van nalatigheid of manipulatie zijnerzijds.
2. Onder nalatigheid of manipulatie dient in het bijzonder te worden verstaan het niet naleven van voorschriften inzake vervoer, opslag, behandeling of bewerking en verwerking van goederen die door de douane-autoriteiten zijn vastgesteld of die voortvloeien uit een normaal gebruik van de betrokken goederen. Het artikel 863 luidt als volgt: De douaneautoriteiten kunnen de belanghebbende ontslaan van de bewijslast dat het onherstelbare verlies van een goed uit de aard van het goed voortvloeit, wanneer het voor hen duidelijk is dat het verlies niet aan een andere oorzaak te weten kan zijn.
4) Douanecontroles Teneinde bevestiging te bekomen van deze natuurlijke verliezen kan de douane bij de controle bijvoorbeeld de aanduidingen van de meter opnemen of de boekhouding van de onderneming nakijken.
Aangehaalde referentie
Sneltoetsen
Niet actief tijdens het typen in een veld.
- Zoeken in de tekst
- /Ctrl/⌘ F
- Volgende / vorige treffer
- EnterShift Enter
- Volgende / vorige sectie
- JK
- Leesmodus
- L
- Een paneel sluiten
- Esc
De leesmodus verbergt de inhoudsopgave en de kerncijfers, vergroot de tekst en centreert de kolom.