Vr. en Antw., Senaat
Hoedanigheid van belastingplichtige - Aanvullende werkzaamheid
VRAAG
Niet-toekenning van hoedanigheid van BTW-belastingplichtige voor aanvullende werkzaamheden.
De hoedanigheid van BTW-belastingplichtige wordt onder bepaalde voorwaarden niet toegekend voor aanvullende werkzaamheden, dit overeenkomstig de aanschrijving nr. 19 van 22 januari 1971.
Mag ik van de geachte Minister vernemen of deze regeling ook geldt voor de zaakvoerder van een P.V.B.A. of de beheerder van N.V. die buiten zijn funktie in de vennootschap geen andere bedrijvigheid uitoefent dan de verhuring van roerende goederen aan die vennootschap, welke als BTW-belastingplichtige ingeschreven is?
ANTWOORD
Bij aanschrijvingen van 22 januari 1971, nr. 19, en 20 december 1971, nr. 176, werd aangenomen dat bepaalde personen, zoals loon, of weddetrekkers niet als belastingplichtige hoeven te worden aangemerkt wanneer zij op aanvullende wijze diensten verlenen aan belastingplichtigen die ertoe gehouden zijn een periodieke BTW-aangifte in te dienen, voor zover echter deze belastingplichtigen die diensten niet uitsluitend gebruiken voor het verrichten van handelingen die buiten de werkingssfeer van de BTW blijven of die van de BTW zijn vrijgesteld ingevolge artikel 44 van het Wetboek.
Deze regeling geldt niet voor een zaakvoerder van een personenvennootschap met beperkte aansprakelijkheid of voor de beheerder van een naamloze vennootschap, die roerende goederen aan de vennootschap verhuurt.