Btw-plicht voor de autonome gemeentebedrijven · Parlementaire vragen

Naar de tekst
Juriel

481 16 juli 2015

Zoeken

Btw-plicht voor de autonome gemeentebedrijven

https://juriel.be/nl/parlementaire-vragen/481-btw-plicht-autonome-gemeentebedrijven-benoit-695f

Nummer
481
Datum
16 juli 2015

Over het document

Verzameling
Parlementaire vragen
Taal van de tekst
Nederlands

Tekst

18 paragrafen

Kamer, Vragen en Antwoorden, 2014-2015, QRVA 54/052 d.d. 30.11.2015, blz. 284

Vraag nr. 481 van de heer volksvertegenwoordiger Benoît Dispa van 16 juli 2015 (Fr.) aan de minister van Financiën, belast met Bestrijding van de fiscale fraude:

Btw-plicht voor de autonome gemeentebedrijven.

VRAAG

Bepaalde diensten, die specifiek beoogd worden in artikel 44 van het Wetboek van de belasting over de toegevoegde waarde, zijn van btw vrijgesteld als ze verstrekt worden door instellingen die geen winstoogmerk hebben én die de ontvangsten uit de vrijgestelde werkzaamheden uitsluitend gebruiken om de kosten ervan te dekken.

1. Zijn autonome gemeentebedrijven die een of meer van die diensten verlenen, voor die diensten van de btw vrijgesteld op grond van artikel 44 van het Wetboek van de belasting over de toegevoegde waarde wanneer er in hun statuten uitdrukkelijk vermeld staat dat de winst uit die diensten zal worden uitgekeerd?

2. Zo ja, kan u bevestigen dat er niet per se winst hoeft te worden gemaakt, aangezien de eventuele winst moet worden uitgekeerd?

ANTWOORD

van de minister van Financiën, belast met Bestrijding van de fiscale fraude van 26.11.2015,

Autonome gemeentebedrijven vallen niet onder de btw-regeling voor openbare besturen en zijn bijgevolg gewone belastingplichtigen.

Als uitbater van een inrichting voor sport of cultuur worden autonome gemeentebedrijven beoogd door de vrijstellingen van artikel 44, § 2, 3°, 6° en 7°, van het Btw-Wetboek. Voorts vereist de toepassing van deze vrijstellingen onder meer dat de uitbater een instelling is die geen winstoogmerk beoogt en die de ontvangsten uit die uitbating uitsluitend gebruikt tot dekking van de kosten ervan.

Wanneer een instelling op basis van voornoemde criteria kwalificeert als een instelling zonder winstoogmerk, is het niet relevant of zij al dan niet systematische overschotten realiseert of nastreeft. Als instelling zonder winstoogmerk wordt immers ook de instelling beoogd die systematisch streeft naar overschotten voor zover deze winsten niet onder haar leden worden verdeeld.

De autonome gemeentebedrijven, waarvan de statuten bepalen dat de eventuele winsten onder haar leden zullen worden verdeeld, vallen in principe buiten het toepassingsgebied van voornoemde vrijstellingen van btw.

Zoals mijn voorganger al heeft verduidelijkt in zijn antwoord op de schriftelijke vraag van mevrouw V. Warzee-Caverenne van 2 april 2014 dient evenwel te worden nagegaan of deze statutaire bepalingen niet louter theoretisch van aard zijn en desgevallend kan worden besloten dat een vrijstelling van toepassing is. (zie vraag nr. 842, Vragen en Antwoorden, Kamer, 2013/2014, nr. 161, blz. 95)

Dit zal het geval zijn wanneer systematisch tekorten voorkomen in hoofde van het autonoom gemeentebedrijf omdat de aan de bezoekers van de instelling aangerekende prijzen niet volstaan om de exploitatiekosten te dekken en het bijgevolg onmogelijk is om winsten uit te keren. Hiervoor dient het operationeel resultaat van de globale activiteit van het autonoom gemeentebedrijf in aanmerking te worden genomen.

In dit verband dienen de werkingssubsidies die door de gemeente aan het autonoom gemeentebedrijf worden ter beschikking gesteld gelet op de nauwe band die hen verbindt, in principe, niet te worden aangemerkt als ontvangsten van het autonoom gemeentebedrijf.

De door de gemeente aan het autonoom gemeentebedrijf toegekende prijssubsidies moeten daarentegen wel bij de overige ontvangsten worden gevoegd teneinde te bepalen of de statutaire bepalingen inzake winstoogmerk en het doel om winsten uit te keren al dan niet theoretisch van aard zijn.

Mijn administratie bereidt momenteel een publicatie voor waarin de toepasselijke regelgeving met betrekking tot autonome gemeentebedrijven in detail wordt uiteengezet.

Het spreekt vanzelf dat deze regels bij eventuele controles nauwgezet zullen nageleefd worden, zowel door de Algemene Administratie van de Fiscaliteit als door de Algemene Administratie van de Bijzondere Belastinginspectie.

Aangehaalde teksten

1
WBTW art. 443 voorkomens

Administratieve doctrine

31

« … Autonoom Gemeentebedrijf en het bijgevolg de facto onmogelijk is om winsten uit te keren. Hiervoor dient het operationeel resultaat van de globale activiteit (en dus niet activiteit per activiteit) van het Autonoom Gemeentebedrijf in aanmerking te worden ( Parl. Vr. nr. 481 DISPA van 16.07.2015 , Vr. en Antw. Kamer, 2015-2016, nr. 52). Om te bepalen of er sprake is van uitkeerbare winst, is het dus niet voldoende om louter het boek voor inkomende facturen en het boek voor uitgaande facturen/dagboek voor ontvangsten te vergelijken. In plaats … »

Circulaire 2022/C/100 betreffende de btw-regeling die van toepassing is op autonome gemeentebedrijvenOmzendbrief13.10.2022

Bekijk de 31 documenten