Sociale woningbouw. Tarief. Privé-bouwers · Parlementaire vragen

Naar de tekst
Juriel

470 10 september 2004

Zoeken

Sociale woningbouw. Tarief. Privé-bouwers

https://juriel.be/nl/parlementaire-vragen/470-sociale-woningbouw-tarief-prive-bouwers-e1e9

Nummer
470
Datum
10 september 2004

Over het document

Verzameling
Parlementaire vragen
Taal van de tekst
Nederlands

Tekst

12 paragrafen

Vr. en Antw., Kamer, 2004-2005, nr. 052, blz. 7930-7932

Sociale woningbouw - Tarief - Privé-bouwers

VRAAG

Volgens de pers is de privé-sector bereid om sociale woningen te bouwen en die daarna aan de overheid te verhuren, die ze dan kan doorverhuren. Hierdoor zou het tekort aan huurwoningen voor de laagste inkomens weggewerkt worden en is in de sociale woningprojecten ook ruimte voor gezinnen met een minder laag inkomen.

Dat is wenselijk om een betere "sociale mix" te realiseren. Dat zegt de Bouwunie, de organisatie van de zelfstandige ondernemers uit de bouwnijverheid. Die pikt daarmee in op een voorstel dat het Kenniscentrum Woonbeleid uitwerkte voor de Vlaamse minister van Huisvesting, Marino Keulen. Het raadde de minister aan meer middelen te geven aan de sociale verhuurmaatschappijen opdat ze privé-woningen zouden kunnen huren en doorverhuren aan sociale huurders. Het tekort aan sociale woningen wegwerken door er zelf massaal bij te bouwen vergt toch te veel tijd. De Bouwunie stelt voor om de BTW voor de bouw of renovatie van zulke te huren woningen te verlagen van 21 naar 12% en bovendien om sociale verhuurkantoren of anderen de mogelijkheid te geven om huurcontracten over lange termijn te sluiten met de Bouwunie zodat die de woningen kan bouwen die ze wensen. De BTW-voet van 12% geldt nu al voor sociale huisvestingsmaatschappijen, OCMW's en gemeenten, als die sociale woningen bouwen. Alle andere betalen 21%. De Bouwunie wil dat de 12-procentvoet ook geldt voor privé-bouwers die bouwen om te verhuren aan huisvestingsmaatschappijen, OCMW's en gemeenten en sociale verhuurkantoren.

Ik meen dat het belangrijk is dat ook de federale overheid haar steentje bijdraagt tot het oplossen van de woonproblematiek.

1. Bent u bereid om vanuit de federale overheid een fiscale impuls te geven aan de sociale woningbouw door middel van een verlaging van de BTW-voet ten voordele van privé-bouwers die bouwen om te verhuren aan huisvestingsmaatschappijen, OCMW's, gemeenten en sociale verhuurkantoren?

2. Wat zal de geschatte incidentie van deze impuls zijn op de middelen van de Schatkist?

ANTWOORD

(vice-eerste minister en minister van Financiën, 05.11.2004)

Op grond van rubriek X, § 1, C, van tabel B van de bijlage bij het koninklijk besluit nr. 20 van 20 juli 1970, inzake BTW-tarieven is het verlaagde BTW-tarief van 12 % van toepassing op de in artikel 44, § 3, 2°, b), van het BTW-Wetboek bedoelde onroerende financieringshuur of onroerende leasing die betrekking heeft op de in rubriek X, § 1, A, bedoelde privé-woningen en woning-complexen wanneer de leasingnemer een in voormelde rubriek publiekrechtelijk of privaatrechtelijk persoon is die de hoedanigheid van BTW- of vrijgestelde belastingplichtige heeft.

Wanneer de leasingnemer van onroerende goederen evenwel geen BTW-belastingplichtige is, is het leasingcontract niet onderworpen aan de BTW en kan het voordeel van deze bepalingen in principe niet worden ingeroepen.

Om distorties te vermijden, aanvaardt de administratie in dat geval dat het voordeel van het verlaagde BTW-tarief eveneens van toepassing is ten aanzien van de oprichting van dergelijke gebouwen gefactureerd aan een persoon/bouwheer die onder de vorm van een leasing of een andere vorm van verhuur het genotsrecht op het gebouw (of woningcomplex) afstaat aan een persoon die de inrichting beheert, zoals voorzien is in rubriek X van tabel B van de bijlage van het koninklijk besluit nr. 20 van 20 juli 1970 inzake BTW-tarieven en die niet de hoedanigheid van belastingplichtige heeft (zie aanschrijving nr. 1 van 2 februari 1994 - BTW-revue nr. 108, blz. 337).

Aangehaalde teksten

1
WBTW art. 441 voorkomen

Administratieve doctrine

3

« … een erfpachtrecht of een vruchtgebruik) ten gunste van een ‘reële’ uitbater die daartoe door de bevoegde overheid werd erkend. -------- [(9) Aanschrijving nr. 12 van 10.10.1984, punt 20; zie ook: Aanschrijving nr. 1 van 02.02.1994, punten 2-5; Parl. Vr. nr. 470 DE PADT 10.09.2004 , Vr. en Antw. Kamer, 2004-2005, nr. 52, 7930. Aanschrijving nr. 12 van 10.10.1984, punt 64; Btw-Commentaar, editie 01.11.2021, Boekwerk II, Hoofdstuk 7, Afdeling 4, punt 10, titel C.] -------- Deze administratieve tolerantie met betrekking tot dit … »

Uitponden van zorgvastgoedVoorafgaande beslissing20.12.2022

Bekijk de 3 documenten