Verlaagd tarief van 6 pct
Werk in onroerende staat
Nieuwbouw
Stedenbouwkundige vergunning
VRAAG
Het in 2009 ingevoerde verlaagde btw-tarief van 6% voor de afbraak en heropbouw van een woning in heel België, alsook het 6%-tarief op een schijf van 50.000 euro voor nieuwbouw en voor de levering van nieuwe woningen en het 6%-tarief voor nieuwbouw van bepaalde woningen in het kader van het sociaal beleid, werd tot eind 2010 verlengd onder de bijkomende voorwaarde dat de aanvraag voor de stedenbouwkundige vergunning wordt ingediend bij de bevoegde overheid voor 1 april 2010. Deze verlening werd geformaliseerd door de artikelen 1quater, 1quinquies en 1sexies van het koninklijk besluit nr. 20 van 20 juli 1970 te wijzigen bij koninklijk besluit van 9 december 2009. Niettegenstaande de nieuwe voorwaarde duidelijk is, roept zij een aantal vragen op. Een tijdig, dus vóór 1 april 2010, ingediende aanvraag tot een stedenbouwkundige vergunning kan door de bevoegde overheid afgewezen worden. De toekomstige bouwheren zullen dan vaak, samen met hun architect, aanpassingen doorvoeren aan hun initiële bouwplannen, rekening houdend met de afwijzingsgronden, om vervolgens een aangepaste stedenbouwkundige vergunningsaanvraag in te dienen.
1. Gaan dergelijke nieuwe, aangepaste aanvragen tot stedenbouwkundige vergunningen, die welteverstaan betrekking hebben op hetzelfde perceel, beschouwd worden als een totaal nieuwe aanvraag voor de toepassing van het hoger vermelde verlaagde btw-tarief in 2010 of mag men de initiële aanvraag beschouwen als voldoende om te voldoen aan de nieuwe voorwaarde?
2. In het eerste geval impliceert dit dat particulieren die zich in die situatie bevinden niet meer vallen onder het 6%-tarief. Het tweede geval laat daarentegen toe dat bouwheren wel nog zullen ressortern onder het voordelig tarief voor zover het moment van opeisbaarheid van btw in 2010 valt en aan alle andere voorwaarden voldaan is, wat natuurlijk beter is. Kan u bevestigen dat de administratie het tweede geval zal toepassen?
ANTWOORD
In artikel 1quater, 1quinquies en 1sexies van het koninklijk besluit nr. 20 inzake btw-tarieven wordt als één van de voorwaarden voor de toepassing van het verlaagd tarief van 6% uitdrukkelijk bepaald dat de aanvraag voor de stedenbouwkundige vergunning met betrekking tot de bouwwerken moet worden ingediend bij de bevoegde overheid vóór 1 april 2010.
Wanneer een aanvraag tot stedenbouwkundige vergunning onvolledig en/of onontvankelijk wordt bevonden en een nieuwe aanvraag moet worden ingediend, kan voor de toepassing van hetgeen voorafgaat geen rekening worden gehouden met de datum van indiening van de eerste geweigerde aanvraag.
Aangehaalde referentie
Sneltoetsen
Niet actief tijdens het typen in een veld.
- Zoeken in de tekst
- /Ctrl/⌘ F
- Volgende / vorige treffer
- EnterShift Enter
- Volgende / vorige sectie
- JK
- Leesmodus
- L
- Een paneel sluiten
- Esc
De leesmodus verbergt de inhoudsopgave en de kerncijfers, vergroot de tekst en centreert de kolom.