Vr. en Antw., Senaat, 1993, nr. 67
BTW op niet-ontvangen erelonen
VRAAG
Graag mocht ik een aantal vragen stellen aan de hand van een concreet voorbeeld van een zelfstandige.
De heer X heeft ongeveer 1.000.000 F aan erelonen niet ontvangen wegens faillissementen en oninbare vorderingen. Hij heeft hiervan kredietnota's opgemaakt ten einde de verschuldigde BTW te kunnen recupereren. Deze werden, na controle en omwille van duistere redenen, verworpen.
Ten gevolge hiervan heeft betrokkene een navordering van de BTW (201.000 F) gekregen. Hij ging hiermee akkoord en vermeldde dat hij het bedrag in de volgende aangifte terug zou opnemen. Als reactie hierop kreeg hij nogmaals een navordering voor dat bedrag. Daardoor werd hij in feite dubbel belast op een bedrag dat hij nooit had ontvangen.
Deze zogenaamde omzetverhoging werd ook gemeld aan de directe belastingen, met als gevolg dat hij ook van hen een navordering kreeg. Zij waren nochtans aanvankelijk akkoord gegaan met de werkwijze van betrokkene. Een verder gevolg was ook dat hij navorderingen kreeg van de Sociale Kas voor zelfstandigen.
Ondertussen had de heer X een rechtzaak aangespannen, maar kon zich onvoldoende verdedigen daar de controledienst de kredietnota's niet vrijgaf, zelfs na meerdere schriftelijke verzoeken. Zij hebben deze nu reeds drie jaar in hun bezit. Het vonnis werd uiteindelijk in zijn nadeel uitgesproken. De BTW liet het vonnis na twee maanden betekenen en wilde de roerende goederen laten verkopen.
Betrokkene heeft ondertussen zijn zelfstandige activiteit stopgezet. Sinds hij als werknemer is tewerkgesteld, heeft hij nogmaals gepoogd om het bedrag terug te vorderen, evenwel zonder resultaat. Verder heeft hij zijn woning moeten verkopen.
Naast het bedrag van ongeveer 1.000.000 F dat hij nooit heeft ontvangen, heeft betrokkene 1.530.000 F in totaal aan navorderingen betaald.
Graag wil ik van de geachte minister vernemen:
1. Of er inderdaad belastingen moeten worden betaald op niet-ontvangen bedragen:
2. Of ambtenaren zomaar bewijsstukken kunnen of mogen achterhouden;
3. Of ambtenaren, inzake BTW, het beroep tegen een beslissing zelf terug kunnen behandelen;
4. Of er van rechtszekerheid in België nog lang kan of mag worden gesproken als de directe belastingen een bepaalde handelwijze opleggen, terwijl deze niet aanvaard wordt door de BTW en omgekeerd;
5. Wat er gebeurt indien een ontvanger van de BTW niet ontkent dat alles betaald is, maar toch nog kosten tracht te verhalen.
ANTWOORD
Het geachte lid beoogt een zaak die door de Administratie van de BTW, Registratie en Domeinen gekend is.
Het resultaat van het onderzoek dat werd ingesteld naar aanleiding van het bezwaarschrift van de betrokken belastingplichtige gericht aan de centrale Administratie van de BTW, Registratie en Domeinen, werd overigens reeds aan laatstgenoemde medegedeeld.
Het geachte lid zal dan ook begrijpen dat het mij onmogelijk is in het bestek van een antwoord op zijn vraag op de concrete gegevens van deze zaak in te gaan.
Aangehaalde referentie
Sneltoetsen
Niet actief tijdens het typen in een veld.
- Zoeken in de tekst
- /Ctrl/⌘ F
- Volgende / vorige treffer
- EnterShift Enter
- Volgende / vorige sectie
- JK
- Leesmodus
- L
- Een paneel sluiten
- Esc
De leesmodus verbergt de inhoudsopgave en de kerncijfers, vergroot de tekst en centreert de kolom.