Plaats waar de dienst wordt verricht · Parlementaire vragen

Naar de tekst
Juriel

382 20 januari 1993

Zoeken

Plaats waar de dienst wordt verrichtBTW. Plaats waar de dienst wordt verricht.

https://juriel.be/nl/parlementaire-vragen/382-plaats-waar-dienst-verricht-clippele-64b0

Nummer
382
Datum
20 januari 1993

Over het document

Verzameling
Parlementaire vragen
Taal van de tekst
Nederlands

Tekst

13 paragrafen

Vr. en Antw., Kamer, 1992-1993, nr. 52, blz. 4419-4420

BTW. - Plaats waar de dienst wordt verricht.

VRAAG

1. Wat wordt verstaan onder het begrip zetel van de economische activiteit van een BTW-plichtige in de zin van artikel 21, § 2, van het BTW-wetboek ?

2. Wat is het verschil tussen de begrippen zetel van economische activiteit en vaste inrichting ?

3. Moet het begrip zetel van economische activiteit op een verschillende manier worden geïnterpreteerd in artikel 21, § 2, en in artikel 21, § 3, 7°, van het BTW-wetboek ?

ANTWOORD

Artikel 21 van het Wetboek van de belasting over de toegevoegde waarde zet artikel 9 van de zesde richtlijn van de Raad van 17 mei 1977 betreffende de harmonisatie van de wetgevingen van de lidstaten inzake omzetbelasting om naar Belgisch recht.

Aangezien de begrippen "zetel van economische activiteit" en "vaste inrichting" niet worden gedefinieerd in voornoemde richtlijn, dient de draagwijdte ervan te worden bepaald naargelang het verband waarin ze worden gebruikt namelijk rekening houdend met de door voornoemd artikel 9 beoogde doelstelling in het kader van de algemene economie van de bedoelde richtlijn.

De doelstelling waarvan sprake is op de meest correcte en relevante wijze de plaats te kunnen bepalen waar een dienstverrichting geacht wordt plaats te vinden, zodanig dat zowel het dubbel als het niet-belasten wordt vermeden.

In dat opzicht wordt de zetel van de economische activiteit van een onderneming geacht overeen te stemmen met de maatschappelijke zetel wanneer het een rechtspersoon betreft en het domicilie van de betrokkene wanneer het een fysiek persoon betreft.

Met het begrip vaste inrichting wordt een vaste vestiging bedoeld die zich op een andere plaats bevindt dan de zetel, zonder evenwel een van die zetel onderscheiden juridische entiteit te vormen en die permanent een geheel van technische en materiële middelen omvat die naargelang het geval toelaten vanuit die vestiging handelingen te verrichten of diensten te ontvangen.

Er is in dat opzicht overigens geen enkele reden om aan bovengenoemde begrippen een verschillende betekenis te geven al naargelang zij worden gebruikt in de ene of andere paragraaf van voornoemd artikel 21.

Aangehaalde teksten

2