Belastingontvangsten, Regionale uitsplitsing · Parlementaire vragen

Naar de tekst
Juriel

374 14 april 2021

Zoeken

Belastingontvangsten, Regionale uitsplitsing

https://juriel.be/nl/parlementaire-vragen/374-belastingontvangsten-regionale-uitsplitsing-joy-donne-f289

Nummer
374
Datum
14 april 2021

Over het document

Verzameling
Parlementaire vragen
Taal van de tekst
Nederlands

Tekst

60 paragrafen

Parlementaire vraag nr. 374 van de heer Joy Donné d.d. 14.04.2021

Kamer, Vragen en Antwoorden, 2020-2021, QRVA 55/057 d.d. 30.06.2021, blz. 135

Belastingontvangsten - Regionale uitsplitsing

VRAAG

(van de heer Donné)

Om een duidelijker beeld te krijgen van de regionale uit splitsing van de belastingontvangsten had ik graag de volgende cijfers van u ontvangen. Voor de drie laatst beschikbare jaren, hoe zijn de inkomsten uit volgende belastingen verdeeld per gewest:

- vennootschapsbelasting - op basis van de hoofdvestiging van bedrijven;

- btw - op basis van de hoofdvestiging van bedrijven;

- accijnzen - op basis van de hoofdvestiging van bedrijven;

- roerende voorheffing - op basis van de woonplaats van de belastingplichtige?

ANTWOORD

(van de Minister van Financiën)

1. De onderstaande tabel biedt een overzicht van de globale ingekohierde vennootschapsbelasting voor de aan slagjaren 2017 tot en met 2019 (respectievelijk, de inkomstenjaren 2016 tot en met 2018). De gegevens zijn opgesplitst per gewest waar de maatschappelijke zetel van die bedrijven gelegen is.

Aanslagjaar201720182019
Vlaams Gewest9 389 707 006,1510 612 828 500,189 747 700 846,96
Waals Gewest2 303 812 005,672 741 054 786,162 523 472 987,33
Brussels Hoofdstedelijk Gewest3 859 297 005,154 682 910 228,534 086 081 691,68
Rijk15 552 816 016,9718 036 793 514,8716 357 255 525,97

Er dient opgemerkt dat, voor wat betreft de aanslagjaren 2018 en 2019, het nog om voorlopige cijfers gaat, aangezien de aanslagtermijn van drie jaar, voorzien in artikel 354, 1ste lid van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992, nog steeds loopt.

2. Een gewestelijke opsplitsing van de btw-ontvangsten op basis van de aangegeven verschuldigde btw is niet zin vol en dit om meerdere redenen. Immers, elke btw-belastingsplichtige kan vestigingen hebben in meerdere gewesten.

In elk van die gewesten kan omzet gerealiseerd worden, maar toch wordt er slechts in één enkel gewest een globale periodieke btw-aangifte ingediend. Alle omzet wordt dan als het ware gerealiseerd in één enkel gewest, terwijl dit niet het geval is in de feiten. Bovendien bevatten de gegevens over de totale verkoop, naast eindverbruik, ook intermediair verbruik. Bij dit intermediair verbruik zijn er onder andere de interregionale leveringen tussen btw-belastingplichtigen opgenomen waardoor de omzetcijfers extra scheeftrekkingen vertonen. Daarbij wordt de btw, betaald in een bepaald gewest, afgetrokken in een ander gewest. Vandaar dus de weinig representatieve waarde van deze bruto gegevens. Kortom, in deze bruto btw-gegevens worden heel wat fiscaal-financiële stromen opgenomen die hun representativiteit op vlak van een correcte gewestelijke verdeling van de btw-ontvangsten in het gedrang brengen. Vervolgens dient opgemerkt dat de btw een verbruiksbelasting is. In dat perspectief bieden de btw-aangiften alles zins geen goed uitgangspunt om tot een representatieve, gewestelijke verdeling van deze belasting te komen, ver mits op die basis een opsplitsing aan de kant van de "productiezijde" van de economie zou worden gemaakt. Het ligt voor de hand dat zulks geen steek houdt. Tenslotte rest er slechts een mogelijkheid om tot een representatieve opdeling te komen en dat is langs de Nationale Rekeningen om. In de "bestedingsoptiek" van de Nationale Rekeningen is er echter ook geen gewestelijke opsplitsing beschikbaar. Desalniettemin kan u in onderstaande tabel een overzicht vinden van de totale btw-ontvangsten, ontvangen gedurende de afgelopen drie jaar.

JaarTotale ontvangsten in euro
20182019202031.024.413.028,1731.463.399.90,4127.173.983.702,26

3. Net zoals voor de btw bestaan er geen officiële criteria die toelaten om een gewestelijke verdeling te maken op vlak van de accijnzen. Niettemin biedt onderstaande tabel een overzicht van de totale opbrengst van de accijnzen gerealiseerd gedurende de afgelopen drie jaar.

JaarTotale ontvangsten in euro
2018201920209.568.104.866,699.518.683.810,088.515.379.935,83

4. Ook voor de roerende voorheffing is geen regionale uitsplitsing voorhanden. Bovendien is het niet de persoon die de belasting draagt die de fiscale aangifte ter zake indient. Meestal betreft het financiële instellingen die deze aangiften indienen. Niettemin biedt de onderstaande tabel een overzicht van de geïnde roerende voorheffing gedurende de inkomstenjaren 2018 tot en met 2020.

Inkomstenjaar201820192020
Roerende voorheffing4 068 844 957,264 100 381 325,593 414 072 870,24