Vr. en Antw., Kamer, 2007-2008, nr. 016, blz. 2766
BTW-hervorming
De ministers van Financiën van de EU-lidstaten hebben overeenstemming bereikt over een nieuwe BTW-regelgeving.
Doordat er in de onderscheiden lidstaten verschillende BTW-tarieven worden gehanteerd, leidde de oude regeling volgens de Europese autoriteiten tot onaanvaardbare concurrentieverstoringen. Zij bracht bovendien zwaardere administratieve lasten mee voor de ondernemingen die diensten in andere lidstaten verrichten, wat eveneens haaks staat op de impliciete doelstellingen van de Europese Unie.
Voortaan zal de BTW op intracommunautaire verrichtingen van diensten geïnd worden door het land waar de afnemer - en niet, zoals thans, de dienstverrichter - is gevestigd.
Dankzij dit akkoord zal het probleem van de concurrentieverstoringen op termijn geregeld worden, ook al gelden er nog enkele overgangsmaatregelen. Wat de administratieve vereenvouding betreft, komt er een éénloketsysteem waarmee via een elektronische procedure toegezien zal worden op de terugbetaling van de BTW die geïnd wordt door bedrijven in landen waar zij niet gevestigd zijn. Het door de ministers van Financiën van de EU bereikte akkoord is een grote stap voorwaarts.
1. Wat zijn de concrete gevolgen voor ons land van de nieuwe bepalingen inzake de BTW op de intracommunautaire verrichtingen van diensten ?
2. Wat is het tijdpad voor de implementatie van die hervorming?
3. Hoe zullen de effecten ervan merkbaar worden ?
4. Op welke manier zullen die maatregelen de handelspraktijken in de Europese Unie en dus ook in ons land ingrijpend wijzigen ?
ANTWOORD
(vice-eersteminister en minister van Financiën, 29.04.2008)
Zoals het geachte lid vermeldt, heeft de Raad de wetgeving tot uitvoering van nieuwe regels aangaande de plaats van de dienstverrichting goedgekeurd. De goedgekeurde juridische teksten volgen op het politieke akkoord over het «BTW-pakket» dat op 4 december 2007 werd gesloten. Ze zullen ertoe leiden dat de BTW op de diensten in principe terug naar het land van verbruik komt en dat er een nieuwe aanvraagprocedure voor terugbetalingen van BTW wordt ingevoerd om voor een snellere behandeling te zorgen
1. Concreet zullen de ondernemingen dankzij een nieuwe procedure, die meer rechtszekerheid biedt, vanaf 1 januari 2010, langs elektronische weg terugbetalingen van de BTW kunnen aanvragen bij andere Lidstaten waar ze de BTW hebben voldaan maar niet bij de BTW geïdentificeerd zijn De overgang van een op papier gebaseerd systeem naar een elektronisch systeem zal het mogelijk maken de terugbetalingen aan de ondernemingen te versnellen en te vergemakkelijken. De nieuwe procedure zal de werking van de interne markt verbeteren. De procedure omvat een nieuwigheid, namelijk dat de interesten aan de ondernemingen zullen worden gestort bij laattijdige terugbetaling door de Lidstaten.
2. Op dezelfde datum, namelijk op 1 januari 2010, zal het merendeel van de wijzigingen in de regels aangaande de plaats van de dienstverrichting borg staan voor een gelijkere behandeling van de ondernemingen die in de gehele Gemeenschap diensten leveren. Dit geldt in het bijzonder voor de diensten die op afstand kunnen worden verricht, waarvoor ondernemingen zich, wegens de huidige regels, hebben gevestigd in de landen die lagere BTW-tarieven hanteren, wat zorgt voor minder ontvangsten voor bepaalde Lidstaten (zie punt 3: gedeelte met inwerkingtreding op 1 januari 2015).
Het gevolg van de nieuwe regels zal zijn dat de plaats van aanslag van de dienstverrichtingen van een onderneming aan een andere de plaats zal zijn waar zich de belanghebbende bevindt, en niet langer de plaats waar de dienstverrichter is gevestigd. Voor de dienstverrichtingen van een onderneming aan een eindverbruiker blijft de plaats van aanslag de plaats waar de dienstverrichter is gevestigd.
In bepaalde omstandigheden zullen de algemene regels voor dienstverrichtingen aan zowel de ondernemingen als de eindverbruikers echter niet toepasbaar zijn en zullen specifieke regels gelden teneinde rekening te houden met het principe van de belastbaarheid op de plaats van verbruik. Deze uitzonderingen hebben betrekking op diensten zoals restaurant- en horecadiensten, verhuur van vervoersmiddelen, culturele, sportieve, wetenschappelijke en educatieve diensten, alsook de verrichting van diensten aan verbruikers op het vlak van telecommunicatie, radio en televisie en diensten die langs elektronische weg worden geleverd (zie punt 3 : gedeelte met inwerkingtreding op 1 januari 2015).
3. Tot slot zullen de dienstverrichtingen op het vlak van telecommunicatie, radio en televisie en de diensten die langs elektronische weg worden geleverd door een communautaire onderneming aan een eindverbruiker, met ingang van 1 januari 2015, worden belast in het land waar de eindverbruiker gevestigd is.
De dienstverrichters zullen het recht hebben hun BTW-verplichtingen na te komen met behulp van een systeem van « enig loket» waardoor ze zich in de Lidstaat van vestiging kunnen kwijten van hun BTW-verplichtingen die voortvloeien uit de bovengenoemde geleverde diensten in Lidstaten waar ze niet gevestigd zijn. Deze verplichtingen zijn de BTW-identificatie, de BTW-aangifte en de betaling van de verschuldigde BTW.
De BTW-ontvangsten uit deze diensten die worden belast tegen de BTW-tarieven die gelden in de Lidstaat van de eindverbruiker, zullen worden overgedragen van het land waar de dienstverrichter gevestigd is naar het land waar de eindverbruiker gevestigd is. Met het oog op een zachte overgang zal de Lidstaat van vestiging tot en met 31 december 2018 een gedeelte van de geïnde BTW behouden. Dit gedeelte bedraagt 30% van de ontvangsten van 1 januari 2015 tot 31 december 2016, 15% van 1 januari 2017 tot 31 december 2018 en 0% vanaf 1 januari 2019.
Aangehaalde referentie
Sneltoetsen
Niet actief tijdens het typen in een veld.
- Zoeken in de tekst
- /Ctrl/⌘ F
- Volgende / vorige treffer
- EnterShift Enter
- Volgende / vorige sectie
- JK
- Leesmodus
- L
- Een paneel sluiten
- Esc
De leesmodus verbergt de inhoudsopgave en de kerncijfers, vergroot de tekst en centreert de kolom.