Schriftelijke vraag en antwoord nr : 34 - Zittingsperiode : 52
Auteur : Wouter De Vriendt, ECOGRO (01199)
Departement : Staatssecretaris voor de Modernisering van de federale overheidsdienst Financiën, de Milieufiscaliteit en de Bestrijding van de fiscale fraude, toegevoegd aan de minister van Financiën
Titel : Btw. - Vrijstelling van nalatigheidsinteresten. - Kwijtschelding van geldboeten. - Bevoegde gewestelijke directeurs van de btw. - Uniforme handelwijze voor de controlecentra (sector btw).
Datum indiening : 14/04/2010
Vraag
Overeenkomstig artikel 84bis van het Btw-Wetboek mag de bevoegde "gewestelijke directeur" van de belasting over de toegevoegde waarde onder door hem bepaalde voorwaarden vrijstelling verlenen van alle in artikel 91, §§ 1 en 2, bedoelde nalatigheidsinteresten of een deel ervan.
Daarnaast hebben bij toepassing van artikel 9 van het Regentsbesluit van 18 maart 1831 sinds 6 april 1999 de "gewestelijke directeurs" van de btw eveneens de bevoegdheid om geldboeten kwijt te schelden of te verminderen ingeval van bijzondere omstandigheden en wanneer een dergelijke kwijtschelding of vermindering gegrond is.
In de praktijk worden de beoogde administratieve sancties (geldboeten en nalatigheidsinteresten) immers niet alleen opgelegd door de btw-ambtenaren verbonden aan de klassieke btw-diensten, maar eveneens door de ambtenaren van de controlecentra (sector btw) van de administratie van de Ondernemings- en Inkomstenfiscaliteit (AOIF).
1. De pertinente vraag stelt zich dan ook tot al welke "gewestelijke directeur(s)" of andere hogere overheden de btw-belastingplichtigen zich moeten wenden om op een rechtsgeldige wijze de beide gunstmaatregelen te kunnen bekomen wanneer de sancties werden opgelegd door de controlecentra van de AOIF en inzonderheid door de controlecentra waar een "gewestelijke directeur" van belastingorigine aan het hoofd staat?
2. Kunt u met bekwame spoed ter zake de nodige onderrichtingen uitvaardigen zodat er voortaan in de ganse btw-sector op een identieke wijze zou worden gehandeld en dat de btw-belastingplichtigen niet onnodig worden doorverwezen of zich niet tot verschillende gewestelijke directeurs van zowel de klassieke btw-diensten als van de controlecentra moeten wenden om enerzijds vrijstelling van nalatigheidsinteresten en anderzijds om kwijtschelding van geldboeten te bekomen?
Antwoord
Publicatie antwoord : B103 · Publicatiedatum : 20/04/2010
Hierbij heb ik de eer te verwijzen naar het antwoord dat terzake voor de FOD Financiën zal worden gegeven door de vice-eerste minister en minister van Financiën Didier Reynders.
Aangehaalde referentie
Sneltoetsen
Niet actief tijdens het typen in een veld.
- Zoeken in de tekst
- /Ctrl/⌘ F
- Volgende / vorige treffer
- EnterShift Enter
- Volgende / vorige sectie
- JK
- Leesmodus
- L
- Een paneel sluiten
- Esc
De leesmodus verbergt de inhoudsopgave en de kerncijfers, vergroot de tekst en centreert de kolom.
Vraag en antwoord gepubliceerd door de Kamer van volksvertegenwoordigers in het Bulletin van vragen en antwoorden · De vraag op de website van de Kamer