Maatstaf van heffing · Parlementaire vragen

Naar de tekst
Juriel

3-1253 28 juli 2004

Zoeken

Maatstaf van heffing

https://juriel.be/nl/parlementaire-vragen/3-1253-maatstaf-heffing-nyssens-a984

Nummer
3-1253
Datum
28 juli 2004

Over het document

Verzameling
Parlementaire vragen
Taal van de tekst
Nederlands

Tekst

9 paragrafen

Vr. en Antw., Senaat, 2003-2004, nr. 3-23, blz. 1412

Maatstaf van heffing

VRAAG

Wanneer een derde A een deel van de prijs betaalt van een dienst door dienstverrichter B geleverd aan consument C, wat is dan de interpretatie van artikel 26 van het BTW-Wetboek, volgens hetwelk die subsidie opgenomen moet worden in de maatstaf van heffing inzake BTW wat betreft de dienst geleverd door dienstverrichter B?

Gesteld dat een derde A de gehele prijs betaalt van een dienst door dienstverrichter B geleverd aan consument C, moet artikel 26 van het BTW-Wetboek zo worden geïnterpreteerd dat die subsidie opgenomen moet worden in de maatstaf van heffing inzake BTW wat betreft de dienst geleverd door dienstverrichter B? Blijft het antwoord hetzelfde gesteld dat A niet de mogelijkheid heeft om te voorkomen dat eindverbruiker C die dienst geniet indien hem een prijs wordt gevraagd?

ANTWOORD

Bij artikel 26 van het BTW-Wetboek wordt de maatstaf van heffing vastgesteld waarover de BTW moet worden berekend voor leveringen van goederen en diensten. Deze maatstaf bestaat uit de tegenprestatie die de leverancier van het goed of de dienstverrichter, verkrijgt of moet verkrijgen van degene aan wie het goed wordt geleverd of de dienst wordt verstrekt, of van een derde, met inbegrip van de subsidies die rechtstreeks met de prijs van die handelingen verband houden.

Opdat een subsidie zou worden aangemerkt als rechtstreeks verband houdende met de prijs en dus deel uitmakende van de maatstaf van heffing in de zin van de voornoemde bepaling, dienen drie voorwaarden vervuld te zijn. Dienaangaande veroorloof ik mij het geachte lid te verwijzen naar punt 115/2 van de BTW-Handleiding (zie de website van de FOD Financiën www.fisconet.fgov.be).

Overigens, aangezien het geachte lid klaarblijkelijk een specifiek geval beoogt, staat het haar vrij mij de juridische en feitelijke elementen te bezorgen die ik aan mijn administratie zal voorleggen voor onderzoek.

Aangehaalde teksten

1
WBTW art. 263 voorkomens