BTW.. Intellectuele prestaties. Begrip "belastingplichtige" · Parlementaire vragen

Naar de tekst
Juriel

289 24 februari 1993

Zoeken

BTW.. Intellectuele prestaties. Begrip "belastingplichtige"BTW.. Intellectuele prestaties. Begrip "belastingplichtige".

https://juriel.be/nl/parlementaire-vragen/289-btw-intellectuele-prestaties-begrip-belastingplichtige-b115

Nummer
289
Datum
24 februari 1993

Over het document

Verzameling
Parlementaire vragen
Taal van de tekst
Nederlands

Tekst

18 paragrafen

Vr. en Antw., Senaat, 1992-1993, nr. 51, blz. 2378-2379

BTW. - Intellectuele prestaties. - Begrip "belastingplichtige".

VRAAG

Een Belgische vennootschap verricht intellectuele prestaties, zoals bedoeld in artikel 21, § 3, 7°, d).

De plaats van de dienst is bijgevolg de plaats waar de ontvanger van de dienst de zetel van zijn economische activiteit of een vaste inrichting heeft gevestigd waarvoor de dienst is verricht, of bij gebreke, zijn woonplaats of zijn gebruikelijke verblijfplaats, wanneer de dienst wordt verleend aan een ontvanger die buiten de Gemeenschap is gevestigd of aan een belastingplichtige die in de Gemeenschap doch buiten het land van de dienstverrichter is gevestigd en handelt voor de doeleinden van zijn economische activiteit.

1. Wanneer het gaat om een buitenlandse cliënt met BTW-nummer, dan dient de prestatie zonder Belgische BTW gefactureerd te worden. Is de vermelding van het buitenlandse BTW-nummer op de factuur hiervoor noodzakelijk ?

2. De huidige definitie van "belastingplichtige" houdt in dat men ook belastingplichtige kan zijn zonder een BTW-nummer te hebben.

Zo zal bijvoorbeeld de facturatie aan een Frans advocaat zonder Belgische BTW gebeuren, omdat deze advocaat als belastingplichtige beschouwd wordt.

Wat gebeurt er bij facturatie aan een holding ? Kan een holding als "belastingplichtige" beschouwd worden of is dit afhankelijk van haar activiteiten ?

Volgens het arrest-Polysar van 20 juni 1991 zou een holding geen "belastingplichtige" zijn, indien deze enkel participaties bezit. Is het eigenaar zijn van een octrooi of brevet voldoende om als belastingplichtige beschouwd te worden ?

Dient met andere woorden de Belgische vennootschap bij facturatie aan een holding steeds een onderzoek in te stellen naar de activiteiten van de holding en welke instantie kan hieromtrent uitsluitsel geven ?

ANTWOORD

1. Volgens artikel 5, § 1, 3° en 4°, van het koninklijk besluit nr. 1 van 29 december 1992, met betrekking tot de regeling voor de voldoening van de belasting over de toegevoegde waarde moet het BTW-identificatienummer dat in het buitenland is toegekend aan de ontvanger van de dienst als bedoeld in artikel 21, § 3, 7°,d), van het BTW-Wetboek niet op de factuur worden vermeld. Niettemin strekt het tot aanbeveling dat nummer als bijkomende vermelding op de factuur aan te brengen.

2. Aangezien een holding zelf geen economische activiteit in de zin van de zesde richtlijn van de Raad van de Europese Gemeenschappen van 17 mei 1977, uitoefent vermits zij in de regel slechts houdster is van de aandelen van andere ondernemingen kan zij niet als een in artikel 4 van genoemde richtlijn bedoelde belastingplichtige worden aangemerkt.

Indien deze holding echter geregeld handelingen als bedoeld in artikel 6 van genoemde richtlijn (b.v. overdracht van een octrooi, een fabrieks- of handelsmerk, ... of andere soortgelijke rechten, of het verlenen van licenties inzake deze rechten) stelt, wordt zij in die mate als belastingplichtige aangemerkt. In dat geval zal zij in de regel in de lidstaat waar zij is gevestigd, over een BTW-identificatienummer beschikken.

Ofschoon dit nummer, zoals reeds gezegd, niet verplicht op de factuur van de dienstverrichting dient te worden vermeld, dient deze laatste nochtans aan te tonen dat de ontvanger van de dienst een belastingplichtige is voor de toepassing van artikel 21, § 3, 7°, van het wetboek. Krachtens artikel 21, § 5, van voornoemd wetboek, wordt, behoudens tegenbewijs de plaats van de dienst immers geacht zich in België te bevinden, als één van de bij de dienst betrokken partijen er een zetel van economische activiteit of een vaste inrichting heeft gevestigd, of bij gebrek aan een dergelijke zetel of vaste inrichting, een woonplaats of een gebruikelijke verblijfplaats.

Daarom zal, wanneer de in een andere lidstaat gevestigde holding zich tegenover de dienstverrichter niet als belastingplichtige bekendmaakt, bijvoorbeeld door opgave van zijn BTW-nummer, rekening houdend met het feit dat een holding normaal geen belastingplichtige is, de Belgische BTW verschuldigd zijn krachtens artikel 21, § 2, van het wetboek.

Daar het mij voorkomt dat het geachte lid een concreet geval beoogt, ben ik uiteraard gaarne bereid het door de bevoegde administratie te laten onderzoeken wanneer mij de identiteit van de betrokkene wordt medegedeeld.

Aangehaalde teksten

4