Faillissement · Parlementaire vragen

Naar de tekst
Juriel

285 4 februari 2009

Zoeken

Faillissement

https://juriel.be/nl/parlementaire-vragen/285-faillissement-philippe-collard-1d0f

Nummer
285
Datum
4 februari 2009

Over het document

Verzameling
Parlementaire vragen
Taal van de tekst
Nederlands

Tekst

5 paragrafen

Faillissement

VRAAG

Wanneer een natuurlijke persoon na een faillissement verschoonbaar verklaard wordt, worden de schulden die overblijven na de sluiting van het faillissement uitgewist. 1. Wat gebeurt er met de belastingschulden van de echtgenoot, wanneer beide echtelieden getrouwd zijn onder het wettelijk huwelijksvermogensstelsel? 2. Zou er een andere regeling gelden indien ze getrouwd waren onder het stelsel van scheiding van goederen?

ANTWOORD

1. en 2. Overeenkomstig artikel 82, 1ste lid van de faillissementswet van 8 augustus 1997, kan de gefailleerde niet meer vervolgd worden door zijn schuldeisers indien hij verschoonbaar is verklaard. Sinds de wet van 20 juli 2005 tot wijziging van de faillissementswet van 8 augustus 1997 en houdende diverse fiscale bepalingen, doet de verschoonbaarheid de schulden van de gefailleerde niet meer, als dusdanig, teniet. Volgens de bepalingen van het 2de lid van voornoemd artikel 82, wordt de echtgenoot van de gefailleerde die persoonlijk aansprakelijk is voor de schuld van zijn echtgenoot, of de voormalige echtgenoot die persoonlijk aansprakelijk is voor de schuld die zijn voormalige echtgenoot tijdens de duur van het huwelijk heeft aangegaan, ingevolge de verschoonbaarheid van die verplichting bevrijd. De verschoonbaarheid heeft slechts betrekking op de schulden van de gefailleerde zelf. Daaruit volgt dat de (voormalige) echtgenoot gehouden blijft tot de betaling van zijn eigen fiscale schulden, wat ook het huwelijksstelsel van die (voormalige) echtgenoten is (was), met name:- op het vlak van de directe belastingen, de belastingen ingekohierd of gevestigd op zijn eigen naam, alsook het gedeelte van de belasting dat betrekking heeft op zijn inkomsten;- op het vlak van de BTW, de BTW schulden ingevolge een eigen activiteit waarvoor hij zelf BTW-belastingplichtige is. Terzake moet worden opgemerkt dat, bij gebrek aan vrijwillige betaling - door de echtgenoot van de gefailleerde - van diens eigen fiscale schulden, de gedwongen invordering van deze schulden uiteraard niet tot gevolg mag hebben dat de inkomsten uit de nieuwe activiteit van de gefailleerde, rechtstreeks of onrechtstreeks, aangetast worden. Dit zou immers in strijd zijn met de doelstelling van de verschoonbaarheid, die erin bestaat de gefailleerde toe te laten zijn activiteiten op een aangezuiverde basis te hervatten, in zijn belang, in dat van alle of een gedeelte van zijn schuldeisers, alsook in het algemeen belang.