Dienst. Paardensport. Sport. Ruiter. Onderwijs. Beroepsopleiding. Exploitant van een sportinrichting. Inrichting · Parlementaire vragen

Naar de tekst
Juriel

263 15 september 1978

Zoeken

Dienst. Paardensport. Sport. Ruiter. Onderwijs. Beroepsopleiding. Exploitant van een sportinrichting. InrichtingDienst. Paardensport. Sport. Ruiter. Onderwijs. Beroepsopleiding. Exploitant van een sportinrichting. Inrichting voor lichamelijke opvoeding. Vrijstelling

https://juriel.be/nl/parlementaire-vragen/263-dienst-paardensport-sport-ruiter-onderwijs-ef35

Nummer
263
Datum
15 september 1978

Over het document

Verzameling
Parlementaire vragen
Taal van de tekst
Nederlands

Tekst

15 paragrafen

Vr. en Antw., Kamer, G.Z. 1977-1978 blz. 3498

Dienst - Paardensport - Sport - Ruiter - Onderwijs - Beroepsopleiding - Exploitant van een sportinrichting - Inrichting voor lichamelijke opvoeding - Vrijstelling

VRAAG

De paardensport kent in ons land een groeiend succes, onder meer ten gevolge van de schitterende resultaten die onze ruiters in 1976 op de olympische spelen van Montréal hebben behaald. Daardoor komt het dat een groeiend aantal landgenoten voor die sport belangstelling toont.

ANTWOORD

De uitoefening daarvan vereist echter vanwege de beoefenaars van bedoelde sport belangrijke financiële inspanningen en investeringen vooral omdat de overheid in België, in tegenstelling tot wat in andere landen gebeurt, zelfs niet op het olympische niveau tussenkomt in de aankoop van de paarden.

Sommige al te ijverige ambtenaren van het Bestuur van Financiën willen thans de last die op de jonge ruiters drukt, nog verzwaren door op de trainingsgelden 6 % BTW toe te passen.

Kan de Minister mij zeggen waarom zijn bestuur poogt de ontwikkeling van de paardensport in het gedrang te brengen en hoe hij de discriminatie kan verantwoorden die hierdoor tussen verschillende sporttakken tot stand wordt gebracht: in een beroepssport zoals voetbal, waar de beginneling, wanneer hij slaagt, mag hopen soms zeer aanzienlijke financiële voordelen te boeken, is de inschrijving in de club gratis, wordt de uitrusting kosteloos ter beschikking gesteld, en betaalt de sportbeoefenaar geen BTW op de bezoldiging van zijn trainer; in een liefhebberssport echter zoals de paardensport, waar nooit enige financieel voordeel in uitzicht kan worden gesteld, moet de beginneling zelf de kosten van de aankoop en van het onderhoud van zijn paard dragen; bovendien treft de Staat hem nog met toepassing van de BTW op de vergoeding van zijn trainer.

Heeft de Minister soms maatregelen genomen om onderduims de professionele sport ten nadele van de liefhebberssport te bevoordelen ?

Antwoord: Het is het geacht Lid niet onbekend dat de wet van 27 december 1977, met betrekking tot het in overeenstemming brengen van de Belgische BTW-wetgeving met de zesde richtlijn van de Raad van de Europese Gemeenschappen (Belgisch Staatsblad van 30 december 1977), verscheidene artikels van het BTW-Wetboek heeft gewijzigd.

Zo zijn inzake onderwijs nog slechts vrijgesteld de diensten die bestaan in het verstrekken van school- of universitair onderwijs, en van beroepsopleiding of -herscholing.

Er mag echter niet uit het oog worden verloren dat artikel 44, § 2, 3° van het BTW-Wetboek, in een vrijstelling voorziet voor de diensten verstrekt door exploitanten van sportinrichtingen en inrichtingen voor lichamelijke opvoeding aan personen die er aan lichamelijke ontwikkeling of aan sport doen, wanneer die exploitanten en inrichtingen instellingen zijn die geen winstoogmerk hebben en zij de ontvangsten uit de vrijgestelde werkzaamheden uitsluitend gebruiken tot dekking van de kosten ervan.

Deze vrijstellingsbepaling is van toepassing, welke ook de aard van de sporttak is.

Hoe dan ook, in het door het geacht Lid aangehaalde voorbeeld van de voetbalspeler, kan geen BTW verschuldigd worden. De dienst van de club wordt immers gratis verleend en slechts handelingen die onder bezwarende titel worden verricht kunnen aan de belasting onderworpen zijn.

Volledigheidshalve voeg ik eraan toe dat de niet vrijgestelde lessen zoals lessen in paardrijden, aan de BTW onderworpen zijn tegen het tarief van 16 %.

Aangehaalde teksten

1
WBTW art. 441 voorkomen